Nederlandse innovatiebox en waarom hardlopers doodlopers zijn…

maandag 26 oktober 2015 Hans van den Hurk 1170x gelezen

Eens waren we ook fiscaal een van de meest innoverende landen. Deelnemingsvrijstelling, afspraken met de belastingdienst, de om niet-Nederlandse redenen gesneuvelde rentebox en natuurlijk de innovatiebox. Deze laatste ligt onder vuur. De Europese Unie is er niet blij mee. De Europese Commissie ageert onder druk van de grote drie staten (Duitsland, Frankrijk en Italië) tegen die landen die een dergelijke faciliteit hebben gecreëerd. En die teneur vinden we ook terug in Action 5 van OESO. Vele landen zouden bezwaren hebben tegen wat wordt genoemd de transfer pricing approach en daarom is deze, zonder een voldoende motivering, als niet acceptabel gekenschetst. In de toekomst zal voor de meeste bedrijven de innovatiebox weer een patentbox worden waarbij alleen die winst kwalificeert die voortvloeit uit in Nederland gerealiseerd onderzoek.

Vanuit wetenschappelijk perspectief acht ik deze opstelling bizar. De Nederlandse faciliteit is namelijk zuiverder dan welke andere Europese faciliteit dan ook. Natuurlijk staan wij toe dat intellectual property binnen de groep (en dus ook in een ander land) wordt ontwikkeld, maar dat betekent niet dat als gevolg hiervan alle winst in de innovatiebox valt en de kosten elders. Natuurlijk niet. Basis van de transfer pricing methode is dat het land dat IP ontwikkelt, conform OESO normen wordt beloond voor deze activiteit. Hetgeen dan resteert, valt in deze innovatiebox.

 

Het Verenigd Koninkrijk doet dit veel handiger. Sinds David Cameron met vazal George Osborne verkondigde het Verenigd Koninkrijk tot het meest genereuze fiscale land van de westerse wereld te maken, zie je een aantal nieuwe regels ontstaan die bepaald uniek zijn.  Een ervan is de patent box en het meest pregnante verschil met Nederland is dat voor de toepassing daarvan het voldoende is dat een patent naar het Verenigd Koninkrijk wordt gebracht. Patenten mogen dus gewoon gekocht worden om vervolgens de voordelen laag belast in het Verenigd koninkrijk te laten landen.

 

Is dat wat ik wil? Nee, absoluut niet. Het Nederlandse systeem is het meest zuivere dat er bestaat. Multinationals plaatsten R&D daar in de wereld waar de beste techneuten op de betreffende gebieden gevonden kunnen worden. Worden er vervolgens resultaten gescoord, dan nog valt een deel daarvan conform de transfer pricing regels binnen die landen. En het restant komt naar Nederland. Allemaal volstrekt zuiver binnen de groep en passend binnen de huidige en toekomstige transfer pricing regels. OESO, echter, zit er anders in. Onder het kopje ‘outsourcing’ lezen we in Action 5 dat van derde partijen gekochte goodwill wel degelijk kwalificeert onder de zgn. nexus approach. Daarmee kan immers niet kunstmatig een fiscaal voordeel worden gerealiseerd. Werkelijk een drogreden om om die reden voor de Engelse oplossing te kiezen en bizar dat hiermee een minder zuiver systeem effectief de nieuwe norm binnen OESO gaat worden. En Nederland? Het frustreert zeer dat Nederland heeft aangekondigd dat de innovatiebox simpelweg wordt aangepast aan Action 5, hetgeen betekent dat alleen innovatie die in Nederland heeft plaatsgevonden fiscaal kan kwalificeren.

 

Maar heeft niemand zich bij het Ministerie van Financiën afgevraagd of we dit wel willen? Hadden we niet moeten afwachten wat er elders in de wereld gebeurt? Als een OESO oplossing aantoonbaar minder zuiver is, dan zou ik pas op de plaats maken. Niks doen wordt dan een optie. En daarmee hadden we dan tevens een ander probleem weten te voorkomen. De OESO nexus approach kan helemaal niet binnen de Europese Unie. Het is al jaren bekend (al sinds de zaak Baxter Laboratories tegen Frankrijk uit 1999) dat fiscale faciliteiten niet beperkt mogen worden tot activiteiten die binnen de betreffende EU lidstaat worden uitgeoefend. De nieuwe Nederlandse innovatiebox creëert dus feitelijk een nieuwe inbreuk op het Europese vrije vestigingsrecht. En wat de Europese Commissie ook wil en wat OESO ook zegt, de vraag of de Nederlandse regeling houdbaar is binnen de Europese Unie wordt slechts in Luxemburg beantwoord. En dat antwoord laat zich gemakkelijk raden.

 

Nederland had er goed aan gedaan om, als er zo snel geïmplementeerd had moeten worden, in ieder geval de nexus approach van een uitgebreidere EU variant te voorzien. Een dergelijke innovatieve implementatie (octrooien ontwikkeld binnen Nederland en/of een van de EU-lidstaten) is juridisch juist, economisch wenselijker en politiek een mooi teken aan de wand dat niet alles wat OESO wil per se acceptabel is. Maar ja, Nederland is graag het beste jongetje van de klas. Echter door de snelheid waarmee Nederland Action 5 geaccepteerd heeft, zal de Nederlandse economie schade leiden. En dat is niet de eerste keer.

 

Prof. dr. Hans van den Hurk is Tax Strategist bij Quantera Global en hoogleraar in het internationale en Europese belastingrecht aan de Maastricht University. Op de PE-dag Bedrijfsfiscalisten gaat Hans van den Hurk verder in op het OESO rapport met de 15 'BEPS Actions'. > Meer informatie en aanmelden

U moet eerst inloggen voordat u een reactie kunt plaatsen. Gebruik de knop rechtsboven om in te loggen.

Aanmelden nieuwsbrief

Schrijf u nu in voor de gratis nieuwsbrief van Taxence en ontvang dagelijks het laatste nieuws en informatie over andere relevante producten van Sdu Licent Academy.

Invoer verplicht
Invoer verplicht
Invoer verplicht
Invoer verplicht

 

 

















 

Contact

Taxence is een uitgave van Sdu Licent Academy

 

Maanweg 174

2516 AB Den Haag

 

Contactformulier

Taxence fiscaal nieuws voor professionals is een uitgave van Licent Academy.
© 2019 www.taxence.nl - alle rechten voorbehouden.