Wet waardering onroerende zaken; waardering woningMeer informatie: http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHAMS:2018:4925&pk_campaign=rss&pk_medium=rss&pk_keyword=uitspraken ... lees verder
ECLI:NL:GHAMS:2019:86 Gerechtshof Amsterdam, 17-01-2019, 18/00475
Artikel 6.17, lid 1, onder a, Wet IB 2001; belanghebbende komt geen aftrek toe in verband met haar verblijf op een hospitaalschip omdat niet aannemelijk is geworden dat aan haar voor verzorging en verpleging kosten in rekening zijn gebrachtMeer informatie: ... lees verder
ECLI:NL:GHAMS:2019:417 Gerechtshof Amsterdam, 08-01-2019, 17/00400
De woning van belanghebbende bevindt zich op een terrein waar ook woningen staan die voor recreatieve doeleinden worden gebruikt. Anders dan de rechtbank is het Hof van oordeel dat de heffingsambtenaar terecht de aanslag zuiveringsheffing aan belanghebbende ... lees verder
ECLI:NL:GHAMS:2017:5513 Gerechtshof Amsterdam, 28-12-2017, 17/00056
Het Hof is van oordeel dat de rechtbank ten onrechte het beroep niet-ontvankelijk heeft verklaard. Naar het oordeel van het Hof heeft er redelijkerwijs geen twijfel over kunnen bestaan dat het door gemachtigde ingediende bezwaar betrekking had op de bij dat ... lees verder
ECLI:NL:GHAMS:2018:4987 Gerechtshof Amsterdam, 06-12-2018, 18/00235
Indien de belanghebbende de kenbaarheid van het betaald parkeren-regime betwist, dient de heffingsambtenaar aannemelijk te maken dat over die verschuldigdheid ten tijde van het parkeren redelijkerwijs geen misverstand kon bestaan. Om aan deze bewijslast te ... lees verder
ECLI:NL:RBNHO:2019:1024 Rechtbank Noord-Holland, 11-02-2019, HAA 16/2309
Partijen houdt verdeeld de vraag of ingevolge artikel 9, eerste lid van de Wet op belastingen van rechtsverkeer (hierna: WBR) de waarde van de 71 onroerende zaken ten tijde van de verkrijging op een hoger bedrag dient te worden vastgesteld dan het bedrag van ... lees verder
ECLI:NL:RBNHO:2019:1023 Rechtbank Noord-Holland, 11-02-2019, HAA 16/2308
Partijen houdt verdeeld de vraag of ingevolge artikel 9, eerste lid van de Wet op belastingen van rechtsverkeer (hierna: WBR) de waarde van de 47 onroerende zaken ten tijde van de verkrijging op een hoger bedrag dient te worden vastgesteld dan het bedrag van ... lees verder
ECLI:NL:RBNHO:2019:1013 Rechtbank Noord-Holland, 08-02-2019, HAA 18/2246
Eiseres verzoekt in 2018 om immateriële schadevergoeding over een procedure van 2002 tot en met 2008. Het afgewezen verzoek is niet een ingevolge de belastingwet genomen besluit. De belastingrechter noch de algemene bestuursrechter zijn bevoegd. Verwijzing ... lees verder