• Skip to primary navigation
  • Skip to main content
  • Skip to primary sidebar
  • Skip to footer
  • Nieuwsbrief
  • Contact

Taxence

Taxence

  • Nieuws & achtergrond
    • Nieuws
    • Branchenieuws
    • Blogs
    • Verdieping
  • Thema’s
    • AI & Tax Technology
    • Arbeid & Loon
    • Belastingplan
    • BTW & Overdrachtsbelasting
    • BV & DGA
    • Duurzaamheid (ESG & CSRD)
    • Estate planning
    • Alle thema’s
  • Opleidingen
    • AI & Tax Tech
    • ESG & CSRD
    • Estate Planning
    • BTW
    • Vastgoed
    • Internationaal
    • Arbeid & Loon
    • Formeel
    • Familiebedrijven
    • VPB
    • Pensioen
  • Carrière
    • Personalia
    • Vacatures
    • Vacature toevoegen
    • Partners
  • Vakinformatie
    • NDFR
    • Addify
    • JES! Knowledge
    • Fiscaal en meer
    • Tax talks
    • Vakblad Estate Planning
    • Specials
  • Kennisbank

LJN: BX4036, Hoge Raad, CPG 11/03882

10 augustus 2012 door redactie

CONCLUSIE PG Belanghebbende is per 1 januari 2004 als accountant een eenmanszaak gestart. Hij werkt vanuit zijn woning die voor de onderneming is verbouwd en uitgebreid, waarin hij tevens met zijn gezin woont. Hij heeft het pand op de openingsbalans opgenomen naar de verkoopwaarde op 1 januari 2004 (€ 600.000), welke waarde bij vaststellingsovereenkomst door partijen is overeengekomen. In het verzoek om minnelijke taxatie heeft belanghebbende aangegeven dat het pand werd bewoond. In 2006 heeft hij de onderneming verplaatst naar een extern kantoorgebouw en ingebracht in een BV. De woning is toen overgebracht naar het privé-vermogen voor een waarde van € 390.000 (zijnde 65% van € 605.879 wegens zelfbewoning). Het verlies ad € 215.879 heeft belanghebbende als negatieve post in zijn aangifte 2006 verwerkt, hetgeen de inspecteur niet heeft geaccepteerd. Het geschil betreft de waardering van het pand op de openingsbalans per 1 januari 2004. In hoger beroep heeft het Hof op basis van HR 14 juni 2000, nr. 35 550, BNB 2000/270 geoordeeld dat de inbrengwaarde van het pand gelijk is aan de vrije verkoopwaarde. Daarbij heeft het Hof overwogen dat het niet moet uitmaken of een woon/praktijkpand eerst wordt gekocht en daarna wordt ingebracht in de onderneming, of dat het woon/praktijkpand bij de aanvang van de onderneming door de ondernemer wordt bewoond en na verbouwing tot het ondernemingsvermogen wordt gerekend. In beide gevallen wordt de winst immers verhoogd met de huurwaarde van de woonruimte (artikel 3.19 Wet IB 2001), zodat geen plaats is voor nadere correctie van de inbrengwaarde. De A-G stelt voorop dat het pand op de openingsbalans moet worden opgenomen naar de waarde in het economische verkeer die daaraan op het inbrengtijdstip kan worden toegekend (HR 9 maart 1994, nr. 29 010). In de situatie dat een pand het ondernemingsvermogen verlaat, is het vaste jurisprudentie dat duurzame zelfbewoning een omstandigheid vormt welke de waarde in het economische verkeer kan beïnvloeden. Er is volgens de A-G geen aanleiding te

Meer informatie: http://zoeken.rechtspraak.nl/ResultPage.aspx?snelzoeken=t&searchtype=ljn&ljn=BX4036

Filed Under: Jurisprudentie

Reageer
Vorige artikel
LJN: BX4135, Hoge Raad, 11/05564
Volgende artikel
LJN: BX4188, Hoge Raad, 11/05080

Reader Interactions

Gerelateerde berichten

CDC-pensioenfonds geen gemeenschappelijk beleggingsfonds

De rechtbank oordeelt dat een pensioenfonds met een CDC-regeling geen gemeenschappelijk beleggingsfonds is. De deelnemers dragen namelijk geen (voldoende) beleggingsrisico, waardoor de btw-vrijstelling niet geldt.

houtstook buren

WOZ-waarde verlaagd wegens taxatierapport eiser met betere referentiewoning

Rechtbank Midden-Nederland oordeelt dat de heffingsambtenaar de WOZ-waarde van de woning niet aannemelijk maakt. De eigenaar slaagt wel in zijn bewijslast, mede door een beter vergelijkbare referentiewoning.

zwartspaarders

Antiwitwasaanpak moet effectiever en gerichter

De minister van Financiën erkent dat de antiwitwasaanpak in de periode 2020–2024 beter kon en zet in op een meer risicogebaseerde en efficiënte aanpak. Tegelijk blijft het doel om lasten voor bonafide partijen te verlagen en barrières voor criminelen te verhogen.

ECLI:NL:RBOBR:2026:2072 Rechtbank Oost-Brabant, 03-04-2026, 25/2321

Naheffingsaanslag parkeerbelasting. Eiser heeft een vliegreis gemaakt en in dat tijdsbestek zijn auto geparkeerd nabij het vliegveld. Hij krijgt drie naheffingsaanslagen op verschillende data, omdat hij geen parkeergeld heeft betaald. Eiser vindt dat het niet voldoende duidelijk was dat hij ter plaatse parkeergeld moest betalen, maar dat was het wel. Geen grond voor vernietiging van... lees verder

ECLI:NL:GHAMS:2025:2581 Gerechtshof Amsterdam, 23-09-2025, 24/233

Wet WOZ. IMSV. Meer informatie: https://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHAMS:2025:2581&pk_campaign=rss&pk_medium=rss&pk_keyword=uitspraken

Geef een reactie Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Primary Sidebar

AGENDA

Specialisatieopleiding Estate Planning

Basiscursus Estate planning

Masterclass Actualiteiten vermogensstructurering 2026

Masterclass Box 3 – Forfaitair stelsel met een Tegenbewijsregeling en de toekomst na 2028

Stoomcursus Vastgoedrekenen en -financieren

Masterclass verantwoord adviseren: Ethiek als kompas in de fiscaliteit

Masterclass Overdrachtsbelasting

Verdiepingscursus Afwikkeling van nalatenschappen

Verdiepingscursus Tweetrapsmakingen opzetten en afwikkelen

Specialisatieopleiding Vermogensstructurering

Meer opleidingen

Footer

  • Fiscaal nieuws
  • Opleidingen
  • Kennisbank
  • Vacatures
  • Over ons
  • Adverteren op Taxence
  • NDFR
  • JES! (ESG producten)
  • Fiscaal en meer
  • Addify
  • Tax Talks
  • Register Estate Planners (REP)
  • Contact
  • Linkedin
  • X
  • Facebook
  • Aanmelden nieuwsbrief
  • Naar Lefebvre Sdu Webshop

Taxence is een uitgave van
Lefebvre Sdu
Maanweg 174
2516 AB Den Haag

Powered by Lefebvre Sdu

  • Disclaimer
  • Privacy Statement en Cookiebeleid
lefebvre SDU

Het laatste nieuws van
Taxence in je mail?

×