• Skip to primary navigation
  • Skip to main content
  • Skip to primary sidebar
  • Skip to footer
  • Nieuwsbrief
  • Contact

Taxence

Taxence

  • Nieuws & achtergrond
    • Nieuws
    • Branchenieuws
    • Blogs
    • Verdieping
  • Thema’s
    • AI & Tax Technology
    • Arbeid & Loon
    • Belastingplan
    • BTW & Overdrachtsbelasting
    • BV & DGA
    • Duurzaamheid (ESG & CSRD)
    • Estate planning
    • Alle thema’s
  • Opleidingen
    • AI & Tax Tech
    • ESG & CSRD
    • Estate Planning
    • BTW
    • Vastgoed
    • Internationaal
    • Arbeid & Loon
    • Formeel
    • Familiebedrijven
    • VPB
    • Pensioen
  • Carrière
    • Personalia
    • Vacatures
    • Vacature toevoegen
    • Partners
  • Vakinformatie
    • NDFR
    • Addify
    • JES! Knowledge
    • Fiscaal en meer
    • Tax talks
    • Vakblad Estate Planning
    • Specials
  • Kennisbank

Jaar van ontvangst bonus bepaalt geldig belastingverdrag

8 september 2022 door Remco Latour

bonus

Advocaat-generaal Niessen concludeert dat de verdragsbepalingen die gelden op het moment van genieten van bonussen van toepassing zijn.

Een man was van 1 oktober 2005 tot en met 30 september 2010 werkzaam bij een internationaal concern. Zo was hij statutair bestuurder van een Nederlandse holding, haar Nederlandse dochtervennootschap en haar kleindochtervennootschappen in Singapore, Spanje en Zwitserland. Daarnaast was de man samen met de CEO van de concernactiviteiten in Argentinië en Brazilië ‘co-managing director’ van de Nederlandse holding. Deze activiteiten verliepen via twee lichamen die in handen waren van Zwitserse holdings. In verband met deze positie was de man aanwezig bij diverse vergaderingen van de Raad van Commissarissen (RVC) van de holding. Op 22 en 23 september 2009 vonden deze vergaderingen plaats in Argentinië en op 18 en 19 maart 2010 in Brazilië. Verder was de man in maart 2007, juli 2007, juli 2008 en mei 2010 in Argentinië aanwezig geweest. Bovendien had hij (als voorzitter) wekelijks via videoconferentie deelgenomen aan vergaderingen van de concernactiviteiten in Argentinië en Brazilië.

Verdeling van arbeidsbeloning

De Nederlandse dochtervennootschap betaalde de volledige arbeidsbeloning van de man. Daarbij vond een uitsplitsing van het loon plaats omdat een deel van dit loon betrekking had op de groepsvennootschappen in Singapore, Spanje en Zwitserland. Daarnaast was aan de man mondeling een bonus toegezegd in verband met de Zuid-Amerikaanse concernactiviteiten. De uitbetaling van deze bonussen over 2009 en 2010 gebeurde in 2017. Daarbij waren loonheffingen ingehouden. De man was op dat moment inwoner van Nederland. Hij meende echter dat de inhouding van loonheffingen onterecht was en begon een beroepsprocedure.

Jaar van genieten is van belang

In cassatie stelt hij ten eerste dat de bonussen kwalificeren als nagekomen bestuurdersbaten over 2009 en 2010. Daardoor zou niet het belastingverdrag met Zwitserland uit 2010, maar het verdrag uit 1951 van toepassing zijn. De Advocaat-generaal (A-G) meent echter dat het verdrag uit 2010 wel van toepassing was, omdat het genietingstijdstip (in 2017) van belang is. De A-G adviseert de Hoge Raad ook het beroep op het vertrouwensbeginsel van de man te verwerpen. De inspecteur had de aanslagen niet opgesteld nadat de bonussen uitdrukkelijk aan de orde waren gesteld. Daardoor kan geen sprake zijn van een bewuste standpuntbepaling over deze bonussen door de inspecteur.

Juiste criteria zijn toegepast

Een ander standpunt van de man is dat hij de bonus heeft genoten als lid van de raad van beheer. Het verdrag geeft hem dan recht op voorkoming van dubbele belasting. De A-G concludeert dat dit standpunt onjuist is. De man is namelijk niet formeel benoemd als bestuurder met betrekking tot de Zuid-Amerikaanse activiteiten. Ten slotte stelt de man dat Hof Den Haag (NTFR 2022/427) een onjuist criterium heeft gehanteerd bij beantwoording van de vraag of sprake is van een voldoende direct verband. Het hof vond dat onvoldoende verband bestond tussen de bestuursbeloning en de verrichte werkzaamheden. De man had namelijk niet aannemelijk gemaakt dat de bonussen waren doorbelast. De A-G kan zich vinden in de redenering van het hof. Hij adviseert de Hoge raad daarom het cassatieberoep van de man ongegrond te verklaren.

Verdrag: art. 3, tweede lid en 16 Nederland-Brazilië en art. 16 Verdrag Nederland-Zwitserland

Wet: art. 13a Wet LB

Bron: Parket bij de Hoge Raad 2 augustus 2022 (gepubliceerd 2 september 2022), ECLI:NL:PHR:2022:733, 21/05170

Filed Under: Fiscaal nieuws, Internationaal & Europees recht, Nieuws

Reageer
Vorige artikel
Op Prinsjesdag meer duidelijkheid over baby-bv’s
Volgende artikel
Vergoeding voor verlies aan arbeidsvermogen is geen winst

Reader Interactions

Gerelateerde berichten

Digitale voorzieningen Wet minimumbelasting 2024

Op 1 juni 2026 stelt de Belastingdienst de digitale voorzieningen voor de Wet minimumbelasting 2024 beschikbaar. Voor entiteiten is het van belang inzicht te hebben in de verplichtingen en via welke kanalen de benodigde informatie moet worden ingediend.

Belastingverdragen

Onderhandelingen belastingverdragen 2026

Nederland is met vier nieuwe landen in onderhandeling over een belastingverdrag. Het gaat om Nieuw-Zeeland, Nigeria, Peru en Zimbabwe. De staatssecretaris van Financiën licht de stand van zaken en prioriteiten bij de belastingverdragen toe voor 2026.

crypto box 3 jongere

Uitvoeringsbesluit verzamel- en verificatievereisten voor rapporterende aanbieders van cryptoactivadiensten

Het Uitvoeringsbesluit verzamel- en verificatievereisten voor rapporterende aanbieders van cryptoactivadiensten is gepubliceerd.

tijdelijke regeling e-commerce btw

Politiek akkoord over nieuw Douanewetboek van de Unie

Na jaren van onderhandelingen is een akkoord bereikt over een ingrijpende modernisering van de Europese douaneregels. Staatssecretaris Eerenberg licht de belangrijkste veranderingen en gevolgen voor handel en toezicht toe.

Mededeling Aangewezen ontwikkelingslanden op grond van artikel 6 Bvdb 2001

Het ministerie van Financiën heeft een Mededeling gepubliceerd over de als ontwikkelingsland aangewezen Mogendheden op grond van artikel 6 van het Besluit voorkoming dubbele belasting 2001 voor het jaar 2025.

Geef een reactie Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Primary Sidebar

Opleidingen

Online cursus Internationale aspecten van Nederlandse belastingwetgeving

AGENDA

Masterclass De positie van de samenwoner in de inkomstenbelasting, relatievermogensrecht en vermogensplanning – Civiel en fiscaal

Nationaal Btw Congres 2026

Online cursus introductie participatieregelingen en lucratieve belangen

Online cursus Internationale aspecten van Nederlandse belastingwetgeving

Online cursus Auto van de zaak

Online cursus Staken van de onderneming: (turbo)liquidatie, WHOA liquidatie akkoord

Stoomcursus Erfrecht – Civiel en fiscaal – Het hele erfrecht in één dag! 

Stoomcursus AI voor Fiscale professionals

Specialisatieopleiding Estate Planning

Basiscursus Estate planning

Meer opleidingen

Footer

  • Fiscaal nieuws
  • Opleidingen
  • Kennisbank
  • Vacatures
  • Over ons
  • Adverteren op Taxence
  • NDFR
  • JES! (ESG producten)
  • Fiscaal en meer
  • Tax Talks
  • Register Estate Planners (REP)
  • Contact
  • Linkedin
  • X
  • Facebook
  • Aanmelden nieuwsbrief
  • Naar Lefebvre Sdu Webshop

Taxence is een uitgave van
Lefebvre Sdu
Maanweg 174
2516 AB Den Haag

Powered by Lefebvre Sdu

  • Disclaimer
  • Privacy Statement en Cookiebeleid
lefebvre SDU

Het laatste nieuws van
Taxence in je mail?

Aanmelden

 

×