• Skip to primary navigation
  • Skip to main content
  • Skip to primary sidebar
  • Skip to footer
  • Nieuwsbrief
  • Contact

Taxence

Taxence

  • Nieuws & achtergrond
    • Nieuws
    • Branchenieuws
    • Blogs
    • Verdieping
  • Thema’s
    • AI & Tax Technology
    • Arbeid & Loon
    • Belastingplan
    • BTW
    • BV & DGA
    • Duurzaamheid (ESG & CSRD)
    • Estate planning
    • Alle thema’s
  • Opleidingen
    • AI & Tax Tech
    • ESG & CSRD
    • Estate Planning
    • BTW
    • Vastgoed
    • Internationaal
    • Arbeid & Loon
    • Formeel
    • Familiebedrijven
    • VPB
    • Pensioen
  • Belastingplan
  • Carrière
    • Personalia
    • Vacatures
    • Vacature toevoegen
    • Partners
  • Vakinformatie
    • NDFR
    • Addify
    • JES! Knowledge
    • Fiscaal en meer
    • Tax talks
    • Vakblad Estate Planning
    • Specials
  • Kennisbank

Kennisgroepstandpunt KIA bij ruisende inbreng in bestaande bv

25 juli 2023 door Anne-Marie Noordenbos

KIA kleinschaligheidsinvesteringsaftrek

De Kennisgroep winstfaciliteiten en firmaproblematiek heeft een vraag beantwoord over de toepassing van de kleinschaligheidsinvesteringsaftrek op een bedrijfsmiddel dat wordt ingebracht door middel van een ruisende inbreng van een eenmanszaak in een bestaande bv waarbij de tegenprestatie in de vorm van een agiostorting plaatsvindt.

X bezit alle aandelen van een BV en exploiteert daarnaast voor eigen rekening en risico een onderneming. X is voornemens zijn onderneming ruisend in te brengen in zijn bestaande bv. De tegenprestatie wordt voldaan met een agiostorting. Als gevolg van deze ruisende inbreng is bij de onderneming van X voor een bedrijfsmiddel sprake van een desinvesteringsbijtelling. De vraag is of bij de bv recht bestaat op de kleinschaligheidsinvesteringsaftrek ten aanzien van de inbreng.

Kennisgroepstandpunt

Volgens de kennisgroep heeft de bv recht op de KIA. Artikel 8, achtste lid, van de Wet Vpb 1969 sluit bepaalde verplichtingen in gelieerde verhoudingen uit van de KIA. Onderdeel a ziet op verplichtingen ter zake van de inbreng van een onderneming in een bv door een natuurlijk persoon of een lichaam geheel of gedeeltelijk tegen uitreiking van aandelen. Worden ter zake van de inbreng van een onderneming geen aandelen uitgereikt dan is onderdeel b van toepassing. Dit onderdeel ziet onder meer op de situatie van een ruisende inbreng van de onderneming van de aandeelhouder in zijn bestaande bv. In beginsel kan daarom geen KIA worden geclaimd.

In onderdeel 5.4. van het Besluit Investeringsaftrek van 17 maart 2014, nr. BLKB 2014/106M is echter een ontheffing opgenomen voor verplichtingen tussen gelieerde lichamen. De inspecteur is gemachtigd in een aantal voorkomende situaties, beschreven in onderdeel 5.4.2., ontheffing te verlenen en KIA toe te staan. De aldaar genoemde situaties worden aangemerkt als reële investeringen. De goedkeurende situaties in onderdeel 5.4.2. zijn in casu echter niet van toepassing.

In onderdeel 5.4.3. van het Besluit wordt ingegaan op overige investeringen. In de overige situaties waarin verplichtingen worden aangegaan, zoals omschreven onder onderdeel 5.4.1. en waarbij aan de onder onderdeel 5.4.4. gestelde voorwaarden wordt voldaan, kan per bedrijfsmiddel KIA worden verleend tot maximaal het bedrag van de desinvesteringsbijtelling die bij de inbrenger of vervreemder ter zake van de inbreng of vervreemding van dat bedrijfsmiddel is toegepast. In casu is onderdeel 5.4.3. van toepassing. Ervan uitgaande dat aan de in onderdeel 5.4.4. gestelde voorwaarden wordt voldaan, kan de KIA worden verleend.

Desinvesteringsbijtelling

De wijze waarop de koopsom wordt betaald maakt niet dat voor de investerende vennootschap geen sprake zou zijn van het aangaan van een verplichting. Er zijn situaties denkbaar die niet zijn beschreven in onderdeel 5.4.2. Daarmee is niet gezegd dat onderdeel 5.4.3. als een vangnetbepaling moet worden aangemerkt. Het verschil met onderdeel 5.4.2. is dat in die situaties niet eerder sprake hoeft te zijn geweest van de toepassing van de KIA. In tegenstelling tot onderdeel 5.4.2. wordt, bij onderdeel 5.4.3. vallende investeringen, de verlening van de KIA beperkt tot de desinvesteringsbijtelling bij de vervreemder. Hierin ligt besloten dat de KIA (of een andere investeringsaftrek) eerder is toegepast bij de vervreemder en door middel van de desinvesteringsbijtelling wordt teruggenomen. Daarmee ziet onderdeel 5.4.3. op andere situaties dan onderdeel 5.4.2.

Eén van de voorwaarden van onderdeel 5.4.4. is dat de overeenkomst en de daaruit voortvloeiende verplichtingen voldoen aan hetgeen tussen derden gebruikelijk is. Met deze voorwaarde wordt bedoeld dat partijen zakelijk met elkaar handelen. Deze toets is voorbehouden aan de inspecteur.

Bron: Belastingdienst, 25 juli 2023

Filed Under: Fiscaal nieuws, Nieuws, Winst uit onderneming

Reageer
Vorige artikel
Kennisgroepstandpunt tweetrapsmaking en dertig-dagenbepaling
Volgende artikel
Tax Justice Network: nog steeds veel belastingontwijking via Nederland

Reader Interactions

Gerelateerde berichten

herziening btw jongvee en melkkoeien na eind landbouwregeling

Arbeidsvergoeding maakt resultaatsverdeling niet onzakelijk

Rechtbank Gelderland oordeelt dat een arbeidsvergoeding van € 57.000 aan een echtgenoot binnen een maatschap niet leidt tot een onzakelijke resultaatsverdeling. Dat de andere maat daardoor een verlies uit onderneming heeft, maakt dat niet anders.

Kunstcollectie is zakelijke belegging ondanks voorkeur dga

Hof Arnhem-Leeuwarden oordeelt dat de aankoop van een kunstcollectie een zakelijke belegging vormt. De persoonlijke voorkeur van de aandeelhouder voor bepaalde kunst maakt de uitgaven nog niet onzakelijk.

faillissement

Verlies op oude lening aftrekbaar na liquidatie zuster-bv

Rechtbank Gelderland staat aftrek toe van het verlies op een oude lening aan een zustervennootschap. Verliezen op latere onzakelijke leningen verhogen het opgeofferde bedrag voor de liquidatieverliesregeling niet.

Wetsvoorstel Fiscale Verzamelwet 2027 aangenomen door Tweede Kamer

Het wetsvoorstel Fiscale Verzamelwet 2027 is aangenomen door de Tweede Kamer.

btw en autohandel

Geen aftrek inkoopkosten door gebrekkige administratie

Rechtbank Noord-Holland oordeelt dat de inspecteur de winsten van drie bv’s redelijk heeft geschat aan de hand van de bijschrijvingen op hun bankrekeningen. De gestelde contante inkoopkosten zijn grotendeels niet aannemelijk gemaakt door het ontbreken van een betrouwbare administratie.

Geef een reactie Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Primary Sidebar

Opleidingen

AGENDA

Verdiepende AI training voor de fiscale praktijk

Basistraining AI voor de fiscale praktijk

Online cursus afwaarderen & kwijtschelden van vorderingen | PE Accreditatie

Online cursus introductie participatieregelingen en lucratieve belangen | PE Accreditatie

Masterclass Management- en werknemersparticipatie | PE Accreditatie

Verdiepingscursus Internationale estate planning | PE Accreditatie

Specialisatieopleiding Erfrecht | PE Accreditatie

Masterclass Vastgoedfiscaliteiten | PE Accreditatie

Stoomcursus Vastgoedrekenen en -financieren | PE Accreditatie

Online cursus Wet Fiscaal Kwalificatiebeleid Rechtsvormen (incl. aanpassing FGR) | PE Accreditatie

Meer opleidingen

Footer

  • Fiscaal nieuws
  • Opleidingen
  • Kennisbank
  • Vacatures
  • Over ons
  • Adverteren op Taxence
  • NDFR
  • Fiscaal en meer
  • Tax Talks
  • Register Estate Planners (REP)
  • Contact
  • Linkedin
  • X
  • Facebook
  • Aanmelden nieuwsbrief
  • Naar Lefebvre Sdu Webshop

Taxence is een uitgave van
Lefebvre Sdu
Maanweg 174
2516 AB Den Haag

Powered by Lefebvre Sdu

  • Disclaimer
  • Privacy Statement en Cookiebeleid
lefebvre SDU

Het laatste nieuws van
Taxence in je mail?

Aanmelden

 

×