• Skip to primary navigation
  • Skip to main content
  • Skip to primary sidebar
  • Skip to footer
  • Nieuwsbrief
  • Contact

Taxence

Taxence

  • Nieuws & achtergrond
    • Nieuws
    • Branchenieuws
    • Blogs
    • Verdieping
  • Thema’s
    • AI & Tax Technology
    • Arbeid & Loon
    • Belastingplan
    • BTW & Overdrachtsbelasting
    • BV & DGA
    • Duurzaamheid (ESG & CSRD)
    • Estate planning
    • Alle thema’s
  • Opleidingen
    • AI & Tax Tech
    • ESG & CSRD
    • Estate Planning
    • BTW
    • Vastgoed
    • Internationaal
    • Arbeid & Loon
    • Formeel
    • Familiebedrijven
    • VPB
    • Pensioen
  • Carrière
    • Personalia
    • Vacatures
    • Vacature toevoegen
    • Partners
  • Vakinformatie
    • NDFR
    • Addify
    • JES! Knowledge
    • Fiscaal en meer
    • Tax talks
    • Vakblad Estate Planning
    • Specials
  • Kennisbank

Ondanks gebreken bezorging aangetekende post motivering nodig

2 april 2024 door Remco Latour

uitleg postbezorging

Advocaat-generaal Wattel constateert dat de kwaliteit van de bezorging van aangetekende brieven ondermaats is. Toch moet men gemotiveerd betwisten dat een aangetekende brief over het griffierecht niet is aangekomen.

De ontvanger van de belastingen heeft bij brief van 5 maart 2019 een stichting medegedeeld dat een aan haar uit te betalen bedrag van € 1.678,66 is verrekend met een openstaande aanslag vennootschapsbelasting 2012 en met openstaande kosten en verschuldigde invorderingsrente. De stichting gaat in bezwaar en beroep tegen deze verrekening. Hof Amsterdam verklaart het hogere beroep van de stichting niet-ontvankelijk omdat zij het griffierecht niet tijdig zou hebben betaald. De stichting is daartegen in verzet gegaan. Daarbij stelt zij de nota griffierecht niet te hebben ontvangen. Het hof constateert dat de stichting eerst bij gewone brief later per aangetekende brief op de verschuldigdheid van griffierecht en de betaaltermijn van vier weken is gewezen. Volgens de track & trace-gegevens van PostNL is de aangetekende brief op 4 januari 2022 om 15:58 uur afgeleverd op het adres van de gemachtigde van de stichting. Toch is het griffierecht niet tijdig betaald.

Twijfel over track & trace-gegevens van PostNL

In cassatie betoogt de stichting dat het hof ten onrechte alleen is afgegaan op de gegevens die de volgens haar partijdige PostNL op diens eigen track & trace-website zet. Volgens haar voldoet het hof daarmee niet aan zijn verplichting om onomstotelijk aan te tonen dat de nota griffierecht is ontvangen op het juiste adres. Zij bestrijdt de juistheid van de gegevens op de track & trace-website van PostNL. De stichting stelt met name dat de daarop vermelde handtekening niet van de geadresseerde en/of de rechthebbende is. Zij meent verder dat haar beroep op verrekening ten onrechte is afgewezen. Advocaat-generaal (A-G) Wattel concludeert dat er reden bestaat om te twijfelen aan de betrouwbaarheid van de track & trace-gegevens van PostNL over de bezorging van aangetekende post. Dit komt vooral omdat er systemische zwaktes bestaan die onder meer ertoe leiden dat:

  • er niet steeds een afhaalbericht wordt achtergelaten als niet wordt opengedaan;
  • bij niet-thuis postbezorgers kennelijk zelf wel eens krabbels op ontvangstbewijzen zetten om het aangetekende stuk niet mee terug te hoeven nemen naar een afhaalpunt, maar het onreglementair in de brievenbus of ergens in de buurt van de voordeur achter te kunnen laten;
  • postbezorgers het etiket ‘aangetekend’ wel eens van de envelop afscheuren om het bij achterlating geldende vereiste van een ondertekend ontvangstbewijs geheel te omzeilen
  • postbezorgers het stuk wel eens afgeven aan anderen dan de geadresseerde of zijn volwassen huisgenoot;
  • nooit een controle plaatsvindt van de identiteit of vertegenwoordigingsbevoegdheid van degene bij wie het aangetekende poststuk achterblijft of die het stuk weigert.

Voldoende mogelijkheden voor rechtsbescherming

Hoewel de A-G de systematische zwaktes betreurenswaardig vindt, meent hij ook dat de geldende bewijslastverdeling en het zwakke op de track & trace-gegevens gebaseerde bewijsvermoeden van reglementaire bezorging de feitenrechter voldoende ruimte bieden om serieuze rechtszoekenden te kunnen beschermen. De tegenbewijsregel kan moeilijk nog soepeler. Stelt een partij dat het aangetekende stuk niet is uitgereikt of geen afhaalbericht op het juiste adres is achtergelaten? Dan zou het al voldoende moeten zijn dat die partij slechts ‘feiten en omstandigheden aanvoert op grond waarvan de ontvangst of de aanbieding van het stuk, in weerwil van de gegevens van PostNL, redelijkerwijs kan worden betwijfeld.’

Afnemend belang van bewijsrechtelijke tegemoetkoming

De A-G meent verder dat men ervan mag uitgaan dat de noodzaak tot bewijsrechtelijke tegemoetkoming van geadresseerden van aangetekende bestuurlijke en gerechtelijke post afneemt doordat:

  • steeds meer en vaker bezwaar en (hoger) beroep digitaal kan of moet worden ingediend en steeds meer procescorrespondentie elektronisch zal verlopen, zelfs de nota griffierecht;
  • de toezichthouder Autoriteit Consument en Markt (ACM) geacht wordt de wettelijk vereiste ‘goede kwaliteit’ van de aangetekende-postbezorging te controleren en zo nodig te handhaven, en
  • PostNL aangekondigd heeft aangetekende post binnenkort niet meer mee te geven aan de duizenden gewone-postbezorgers, maar aan een klein aantal (vooral) aangetekende-postbezorgers. Het probleem zit volgens de A-G namelijk niet zo zeer in de bewijsregel maar in de ondermaatse kwaliteit van de bezorging van aangetekende post, die gelegenheid opent tot betwisting van ontvangst.

Begrijpelijk hofoordeel

De A-G acht het hofoordeel in de zaak van de stichting rechtskundig juist. Het hof heeft de correcte (bewijs)maatstaf en bewijslastverdeling toegepast en zijn feitelijke oordeel over (de geloofwaardigheid van) de stellingen van de stichting over de (niet-)ontvangst van de nota griffierecht is niet onbegrijpelijk. Ook de afwijzing van het beroep op verrekening lijkt de A-G rechtskundig correct en voldoende gemotiveerd. Daarom concludeert hij tot ongegrondverklaring van het cassatieberoep.

Wet: art. 8:37, 8:38; 8:54 en 8:108 Awb

Bronnen: Parket bij de Hoge Raad 15 maart 2024 (gepubliceerd 29 maart 2024), ECLI:NL:PHR:2024:293, 23/02561, Parket bij de Hoge Raad 15 maart 2024 (gepubliceerd 29 maart 2024), ECLI:NL:PHR:2024:297, 23/02244 en Parket bij de Hoge Raad 15 maart 2024 (gepubliceerd 29 maart 2024), ECLI:NL:PHR:2024:355, 23/02244 en 23/02561

Filed Under: Fiscaal nieuws, Formeel belastingrecht, Nieuws

Reageer
Vorige artikel
Vooraankondiging arresten Hoge Raad 5 april 2024
Volgende artikel
Besluit algemeen nut investeringen gepubliceerd

Reader Interactions

Gerelateerde berichten

parkeren eigen terrein

Aanmaningskosten terecht ondanks ontbrekende MijnOverheid-notificatie

Plaatsing van een naheffingsaanslag parkeerbelasting in de berichtenbox van MijnOverheid geldt als geldige bekendmaking, ook als de belastingschuldige geen e-mailnotificatie heeft ontvangen. Aanmaningskosten zijn dan terecht in rekening gebracht.

souvenir

Schaduwboekhouding maakt omkering bewijslast terecht

Gerechtshof Amsterdam oordeelt dat de in een schoudertas aangetroffen schaduwboekhouding rechtmatig is verkregen. Dit rechtvaardigt omkering en verzwaring van de bewijslast en een redelijke schatting van de omzet over heel 2018.

Ontbonden stichting blijft bestaan bij aanwezige baten

Hof ’s-Hertogenbosch oordeelt dat een ontbonden stichting niet is opgehouden te bestaan als achteraf nog baten blijken te bestaan en het vermogen niet is vereffend. De Vpb-aanslagen zijn daarom tijdig en rechtsgeldig bekendgemaakt.

contant geld

Besluit mbt boetes overtreding verbod op contante betalingen vanaf € 3.000

Dit besluit wijzigt het Besluit bestuurlijke boetes financiële sector, het Uitvoeringsbesluit Wwft 2018 en het Besluit gedragstoezicht financiële ondernemingen Wft in verband met het verbod op contante betalingen voor goederen vanaf € 3.000. Het besluit regelt met name de handhaving en sanctionering van dit verbod.

Hoge Raad

Rechter mag proceskostenvergoeding fors matigen zonder toelichting

De Hoge Raad oordeelt dat de rechter ruime vrijheid heeft om proceskostenvergoedingen te matigen. De rechter hoeft de omvang van die matiging niet afzonderlijk te motiveren.

Geef een reactie Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Primary Sidebar

Opleidingen

AGENDA

Masterclass De positie van de samenwoner in de inkomstenbelasting, relatievermogensrecht en vermogensplanning – Civiel en fiscaal

Nationaal Btw Congres 2026

Online cursus introductie participatieregelingen en lucratieve belangen

Online cursus Internationale aspecten van Nederlandse belastingwetgeving

Online cursus Auto van de zaak

Online cursus Staken van de onderneming: (turbo)liquidatie, WHOA liquidatie akkoord

Stoomcursus Erfrecht – Civiel en fiscaal – Het hele erfrecht in één dag! 

Stoomcursus AI voor Fiscale professionals

Specialisatieopleiding Estate Planning

Basiscursus Estate planning

Meer opleidingen

Footer

  • Fiscaal nieuws
  • Opleidingen
  • Kennisbank
  • Vacatures
  • Over ons
  • Adverteren op Taxence
  • NDFR
  • JES! (ESG producten)
  • Fiscaal en meer
  • Tax Talks
  • Register Estate Planners (REP)
  • Contact
  • Linkedin
  • X
  • Facebook
  • Aanmelden nieuwsbrief
  • Naar Lefebvre Sdu Webshop

Taxence is een uitgave van
Lefebvre Sdu
Maanweg 174
2516 AB Den Haag

Powered by Lefebvre Sdu

  • Disclaimer
  • Privacy Statement en Cookiebeleid
lefebvre SDU

Het laatste nieuws van
Taxence in je mail?

Aanmelden

 

×