Het kabinet ziet CO₂-beprijzing als een belangrijk onderdeel van het klimaatbeleid, maar benadrukt dat beprijzing altijd onderdeel moet zijn van een bredere instrumentenmix. Staatssecretaris Van Oostenbruggen beantwoordt vragen over fiscale vergroening, circulaire economie, energiebelasting en de verduurzaming van verschillende sectoren.
Het kabinet stelt dat extra beprijzing of normering in alle sectoren nodig is om emissiereductiedoelen te halen en burgers, bedrijven en instellingen te stimuleren te verduurzamen. Tegelijkertijd wordt ingezet op subsidies en andere stimulerende maatregelen, zodat verduurzaming ook economisch perspectief biedt. De inzichten uit verschillende beprijzingsstudies worden betrokken bij de besluitvorming over eventueel aanvullend klimaatbeleid in het voorjaar van 2027.
Europese samenwerking en circulaire economie
Voor de circulaire economie benadrukt het kabinet dat fiscale prikkels kunnen bijdragen aan een gelijker speelveld voor circulaire producten, maar dat unilaterale belastingen op grondstoffen grote weglekrisico’s kennen. Daarom blijft Nederland zich inzetten voor Europese oplossingen, onder meer via productwetgeving en afspraken over recyclaat. De resultaten van onderzoeken naar onder meer een heffing op eenmalige plastic verpakkingen, drankverpakkingen en alternatieven uit het rapport van de Werkgroep Afvalsector worden betrokken bij de besluitvorming rond het Belastingplan 2026.
Energiebelasting en luchtvaart
Het kabinet wil voorkomen dat in de keten meerdere keren energiebelasting wordt geheven over dezelfde elektriciteit, omdat dit de ontwikkeling van thuisbatterijen en andere vormen van energieopslag kan afremmen. Er wordt samen met de sector gezocht naar uitvoerbare oplossingen, maar die zijn op dit moment technisch nog niet beschikbaar. Daarnaast blijft het kabinet inzetten op een eerlijke beprijzing van de luchtvaart, bij voorkeur op Europees of mondiaal niveau. Zolang internationale harmonisatie uitblijft, acht het kabinet nationale maatregelen, zoals de gedifferentieerde vliegbelasting, noodzakelijk. Ook wordt gewerkt aan een robuuste investeringsregeling waarin de EIA, MIA en Vamil waar mogelijk worden samengevoegd.





Geef een reactie