• Skip to primary navigation
  • Skip to main content
  • Skip to primary sidebar
  • Skip to footer
  • Nieuwsbrief
  • Contact

Taxence

Taxence

  • Nieuws & achtergrond
    • Nieuws
    • Branchenieuws
    • Blogs
    • Verdieping
  • Thema’s
    • AI & Tax Technology
    • Arbeid & Loon
    • Belastingplan
    • BTW & Overdrachtsbelasting
    • BV & DGA
    • Duurzaamheid (ESG & CSRD)
    • Estate planning
    • Alle thema’s
  • Opleidingen
    • AI & Tax Tech
    • ESG & CSRD
    • Estate Planning
    • BTW
    • Vastgoed
    • Internationaal
    • Arbeid & Loon
    • Formeel
    • Familiebedrijven
    • VPB
    • Pensioen
  • Carrière
    • Personalia
    • Vacatures
    • Vacature toevoegen
    • Partners
  • Vakinformatie
    • NDFR
    • Addify
    • JES! Knowledge
    • Fiscaal en meer
    • Tax talks
    • Vakblad Estate Planning
    • Specials
  • Kennisbank

BV, stichting en maatschap één btw-ondernemer?

15 april 2014 door Giniraynha Poulina

Voor de beoordeling van de vraag of sprake is van het gezamenlijk drijven van één onderneming moet men vooral kijken naar de rechtsbetrekkingen van de betrokken partijen. Een combinatie van rechtspersonen die samenwerkt bij de uitoefening van een bedrijf en gezamenlijk bepaalt hoe het bedrijf wordt geëxploiteerd, kwalificeert niet automatisch als één onderneming.

Het feit dat twee of meer (rechts)personen onder een gemeenschappelijke naam economische activiteiten verrichten en/of onder die naam bekend staan, kan een aanwijzing zijn dat zij gezamenlijk een onderneming drijven en onder die naam (rechts)betrekkingen met derden onderhouden. Dit geldt ook voor gevallen waarbij (rechts)personen hebben afgesproken voor bepaalde activiteiten samen te werken. Dergelijke rechtspersonen moeten worden aangemerkt als één onderneming voor de omzetbelasting, aldus Hof Amsterdam. Zie in dit kader ‘Drie bedrijven, één btw-aangifte’. Maar volgens de Hoge Raad is er bij zo’n samenwerking niet automatisch sprake van het in een feitelijke maatschappelijke zelfstandigheid drijven van één gezamenlijke onderneming. Daarbij moet vooral rekening worden gehouden met de onderlinge rechtsbetrekkingen van de betrokken (rechts)personen. Er moet bovendien worden nagegaan of de afnemers van de diensten een rechtsbetrekking zijn aangegaan met de combinatie van (rechts)personen of alleen met een van de (rechts)personen. Volgens de Hoge Raad had Hof Amsterdam onvoldoende gewicht hieraan toegekend, zodat de uitspraak niet in stand kon blijven. De Hoge Raad verwees de zaak naar een ander hof voor nader onderzoek.

 

Wet: artikel 7, lid 1 Wet omzetbelasting 1968

Meer informatie: Hoge Raad, 11 april 2014 (gepubliceerd op 11 april 2014) , ECLI:NL:HR:2014:838

Filed Under: BTW & overdrachtsbelasting, Fiscaal nieuws, Nieuws

Reageer
Vorige artikel
Ontwikkelingen bedrijfopvolgingsproblematiek vastgoed-bv’s
Volgende artikel
Nederlandse werknemer betaalt minder belasting

Reader Interactions

Gerelateerde berichten

Verhuur padel- en squashbaan is vrijgesteld van btw

Rechtbank Den Haag oordeelt dat de verhuur van squash- en padelbanen aan particuliere sporters vrijgestelde verhuur van onroerende zaken is. De verhuur is daarom niet belast als het geven van gelegenheid tot sportbeoefening tegen 9% btw.

ondernemer-betalen

Nieuwe factsheet: btw en onbetaalde ontvangen facturen

Er is een nieuwe factsheet gepubliceerd over de btw-gevolgen wanneer een klant een ontvangen factuur niet betaalt. De factsheet geeft duidelijkheid over wanneer btw mag worden afgetrokken en wanneer eerder afgetrokken btw moet worden terugbetaald.

app toeslagen

Contractuele band bepaalt btw-teruggaaf fiscale eenheid

Een fiscale eenheid heeft bij niet-betaling van toestelkrediet alleen recht op btw-teruggaaf als contractueel vaststaat dat de niet-betaalde termijnen rechtstreeks verband houden met de levering van het telefoontoestel. De Hoge Raad vernietigt de hofuitspraak en verwijst de zaak naar Hof Amsterdam.

Betalingsonmacht B.V.

Fraudespel ambtenaar leidt tot btw-heffing zonder aftrek

Hof ’s-Hertogenbosch oordeelt dat een bv geen recht heeft op aftrek van voorbelasting bij doorfacturering van privéaankopen van een ambtenaar. De bv is daarnaast de gefactureerde btw aan de gemeente verschuldigd op grond van art. 37 Wet OB.

tuinbouw

Standpunt reikwijdte verleggingsregeling

De Kennisgroep omzetbelasting heeft een vraag beantwoord over de reikwijdte van de verleggingsregeling bij loonwerk.

Geef een reactie Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Primary Sidebar

Opleidingen

Masterclass Btw-processen in SAP S/4HANA

Nationaal Btw Congres 2026

Masterclass Overdrachtsbelasting

AGENDA

Masterclass De positie van de samenwoner in de inkomstenbelasting, relatievermogensrecht en vermogensplanning – Civiel en fiscaal

Nationaal Btw Congres 2026

Online cursus introductie participatieregelingen en lucratieve belangen

Online cursus Internationale aspecten van Nederlandse belastingwetgeving

Online cursus Auto van de zaak

Online cursus Staken van de onderneming: (turbo)liquidatie, WHOA liquidatie akkoord

Stoomcursus Erfrecht – Civiel en fiscaal – Het hele erfrecht in één dag! 

Stoomcursus AI voor Fiscale professionals

Specialisatieopleiding Estate Planning

Basiscursus Estate planning

Meer opleidingen

Footer

  • Fiscaal nieuws
  • Opleidingen
  • Kennisbank
  • Vacatures
  • Over ons
  • Adverteren op Taxence
  • NDFR
  • JES! (ESG producten)
  • Fiscaal en meer
  • Tax Talks
  • Register Estate Planners (REP)
  • Contact
  • Linkedin
  • X
  • Facebook
  • Aanmelden nieuwsbrief
  • Naar Lefebvre Sdu Webshop

Taxence is een uitgave van
Lefebvre Sdu
Maanweg 174
2516 AB Den Haag

Powered by Lefebvre Sdu

  • Disclaimer
  • Privacy Statement en Cookiebeleid
lefebvre SDU

Het laatste nieuws van
Taxence in je mail?

×