• Skip to primary navigation
  • Skip to main content
  • Skip to primary sidebar
  • Skip to footer
  • Nieuwsbrief
  • Contact

Taxence

Taxence

  • Nieuws & achtergrond
    • Nieuws
    • Branchenieuws
    • Blogs
    • Verdieping
  • Thema’s
    • AI & Tax Technology
    • Arbeid & Loon
    • Belastingplan
    • BTW & Overdrachtsbelasting
    • BV & DGA
    • Duurzaamheid (ESG & CSRD)
    • Estate planning
    • Alle thema’s
  • Opleidingen
    • AI & Tax Tech
    • ESG & CSRD
    • Estate Planning
    • BTW
    • Vastgoed
    • Internationaal
    • Arbeid & Loon
    • Formeel
    • Familiebedrijven
    • VPB
    • Pensioen
  • Carrière
    • Personalia
    • Vacatures
    • Vacature toevoegen
    • Partners
  • Vakinformatie
    • NDFR
    • Addify
    • JES! Knowledge
    • Fiscaal en meer
    • Tax talks
    • Vakblad Estate Planning
    • Specials
  • Kennisbank

Onduidelijkheid over toepassing verdrag door begrip ‘belastingjaar’

28 juli 2017 door

Voor de toepassing van een belastingverdrag heeft een niet in het verdrag gedefinieerde uitdrukking, de betekenis die daaraan wordt toegekend in het nationale recht van de staat die het verdrag toepast. Indien een definitie van de uitdrukking zowel in het verdrag als de nationale wet ontbreekt, wordt zoveel mogelijk aangesloten bij (het systeem van) de nationale wet.

Hof Amsterdam boog zich over het in het verdrag met de Verenigde Arabische Emiraten opgenomen begrip ‘belastingjaar’. In het verdrag is opgenomen dat het van toepassing is op belastingjaren die beginnen op of na 1 januari van het kalenderjaar volgend op de datum waarop het verdrag in werking was getreden (2 juni 2010). Een advocaat die werkzaam was voor en een belang had in een internationaal advocatenkantoor met als rechtsvorm een (fiscaal transparant) Limited Liability Partnership (LLP) deed een beroep op het verdrag. Hij meende recht te hebben op voorkoming van dubbele belasting voor zijn aandeel in de winst van een vaste inrichting van de LLP in Dubai. Het boekjaar van de LLP liep van 1 mei tot en met 30 april (boekjaar 2010-2011). Tussen de advocaat en de fiscus was in geschil of het verdrag, gelet op de in het verdrag opgenomen inwerkingtredingsbepaling, van toepassing was op de winst van het boekjaar 2010-2011. De rechtbank stelde voorop dat voor de inkomstenbelasting een belastingjaar gelijk is aan een kalenderjaar. Naar het oordeel van de rechtbank was het verdrag van toepassing omdat de winst van de vaste inrichting over het boekjaar 2010-2011 als winst over het kalenderjaar 2011 wordt beschouwd. De aanvang van dit kalenderjaar viel samen met het tijdstip waarop het verdrag van toepassing was. Het hof bevestigde de uitspraak van de rechtbank en oordeelde dat belanghebbende op grond van het verdrag recht had op voorkoming van dubbele belasting.

 

Wet: artikel 3.66 Wet IB 2001

Meer informatie: Gerechtshof Amsterdam, 11 april 2017 (gepubliceerd op 5 juli 2017), ECLI:NL:GHAMS:2017:2577Hof

Filed Under: Fiscaal nieuws, IB-ondernemer, Internationaal & Europees recht, Nieuws

Reageer
Vorige artikel
Verlies op ongeclausuleerde borgstelling niet aftrekbaar
Volgende artikel
Nieuwe pdf versie Handboek Loonheffingen 2017

Reader Interactions

Gerelateerde berichten

Standpunt kwalificatie Spaans FCR

De Kennisgroep belastingplicht en kwalificatie rechtsvormen heeft de vraag beantwoord met welke Nederlandse rechtsvorm een Spaans Fondo de Capital Riesgo vergelijkbaar is.

Bedrijf op curacao, feitelijke leiding in Nederland

Standpunt kwalificatie Curaçaose naamloze vennootschap

De Kennisgroep belastingplicht en kwalificatie rechtsvormen heeft de vraag beantwoord met welke Nederlandse rechtsvorm een Curaçaose naamloze vennootschap vergelijkbaar is.

box 3

Standpunt voorkomingsartikel in Verdrag Nederland – België 2001

De kennisgroep IBR IB niet-winst/LB/PH aanslag heeft een standpunt ingenomen over de berekening van de voorkoming van dubbele belasting onder het belastingverdrag tussen Nederland en België. Meer specifiek over de vraag of een schuld die verband houdt met een in België gelegen onroerende zaak, maar niet is verzekerd met een recht van hypotheek, in aanmerking wordt genomen bij de berekening.

Pillar2

Standpunt kwalificatie Société Anonyme Libanaise

De Kennisgroep belastingplicht en kwalificatie rechtsvormen heeft de vraag beantwoord met welke Nederlandse rechtsvorm een Société Anonyme Libanaise vergelijkbaar is.

minimumbelasting

Reactie NOB op veiligehavenregels Wet minimumbelasting 2024

De Nederlandse Orde van Belastingadviseurs (NOB) heeft gereageerd op het conceptwetsvoorstel Veiligehavenregels Wet minimumbelasting 2024.

Geef een reactie Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Primary Sidebar

Opleidingen

Online cursus Pillar 2: Wet Minimumbelasting 2024 (Pijler 2)

Online cursus Internationale aspecten van Nederlandse belastingwetgeving

Masterclass Pillar 2 – Wet minimumbelasting 2024 (Pijler 2)

Opleidingen

AGENDA

Online cursus Schenken en lenen in familieverband

Meerdaagse opleiding Vastgoedfiscaliteiten

Stoomcursus AI voor Fiscale professionals

Online cursus toepassing box 3 in de praktijk

Future Fit Professionals

Stoomcursus btw en internationaal zakendoen

Online cursus Immigrerende DGA’s: fiscale gevolgen en sociale zekerheid bij migratie naar Nederland

Online Basistraining AI voor de fiscale praktijk

Online cursus BTW, factuurvereisten en ViDA

Verdiepingscursus Tweetrapsmakingen opzetten en afwikkelen

Meer opleidingen

Footer

  • Fiscaal nieuws
  • Opleidingen
  • Kennisbank
  • Vacatures
  • Over ons
  • Adverteren op Taxence
  • NDFR
  • JES! (ESG producten)
  • Fiscaal en meer
  • Tax Talks
  • Register Estate Planners (REP)
  • Contact
  • Linkedin
  • X
  • Facebook
  • Aanmelden nieuwsbrief
  • Naar Lefebvre Sdu Webshop

Taxence is een uitgave van
Lefebvre Sdu
Maanweg 174
2516 AB Den Haag

Powered by Lefebvre Sdu

  • Disclaimer
  • Privacy Statement en Cookiebeleid
lefebvre SDU

Het laatste nieuws van
Taxence in je mail?

Aanmelden

 

×