• Skip to primary navigation
  • Skip to main content
  • Skip to primary sidebar
  • Skip to footer
  • Nieuwsbrief
  • Contact

Taxence

Taxence

  • Nieuws & achtergrond
    • Nieuws
    • Branchenieuws
    • Blogs
    • Verdieping
  • Thema’s
    • AI & Tax Technology
    • Arbeid & Loon
    • Belastingplan
    • BTW & Overdrachtsbelasting
    • BV & DGA
    • Duurzaamheid (ESG & CSRD)
    • Estate planning
    • Alle thema’s
  • Opleidingen
    • AI & Tax Tech
    • ESG & CSRD
    • Estate Planning
    • BTW
    • Vastgoed
    • Internationaal
    • Arbeid & Loon
    • Formeel
    • Familiebedrijven
    • VPB
    • Pensioen
  • Belastingplan
  • Carrière
    • Personalia
    • Vacatures
    • Vacature toevoegen
    • Partners
  • Vakinformatie
    • NDFR
    • Addify
    • JES! Knowledge
    • Fiscaal en meer
    • Tax talks
    • Vakblad Estate Planning
    • Specials
  • Kennisbank

Moment van overlijden irrelevant voor fictieve verkrijging

20 februari 2018 door Remco Latour

Als door het overlijden van een erflater de aandelen van een ander in waarde stijgen, kan dit onder voorwaarden fiscaal gezien een fictieve erfrechtelijke verkrijging zijn. Dit is niet anders als enige tijd vóór het overlijden bekend wordt dat de erflater nog maar kort heeft te leven.

In mei 2015 werd geconstateerd dat een vrouw ongeneeslijk ziek was en dat zij nog maar een paar maanden had te leven. Deze vrouw had een lijfrentevoorziening bij een B.V. waarin haar dochter aandelen hield. Toen de moeder in juli 2015 overleed, kwam de lijfrenteverplichting van de B.V. tegenover haar te vervallen. De Belastingdienst stelde dat daardoor de aandelen in de B.V. in waarde stegen. Deze waardestijging was voor de dochter een fictieve erfrechtelijke verkrijging. Maar de dochter stelde dat het grootste deel van de waardestijging al had plaatsgevonden in mei 2015, toen bekend werd dat haar moeder spoedig zou overlijden. Hof Den Haag verwerpt deze redenering. Voor de fictieve verkrijging is van belang dat een concreet en voldoende sterk causaal verband bestaat tussen het overlijden van de erflater en de waardestijging van de aandelen. Het hof constateert dat dit concrete en causale verband in deze zaak bestaat. De waardestijging van de aandelen vormt inderdaad per fictie een erfrechtelijke verkrijging.

 

Wet: artikel 13a SW 1956

Meer informatie: Gerechtshof Den Haag 9 februari 2018 (gepubliceerd 15 februari 2018), ECLI:NL:GHDHA:2018:234

Filed Under: Estate Planning, Fiscaal nieuws, Nieuws

Reageer
Vorige artikel
Wetsvoorstel verhuurderbijdrage aangenomen
Volgende artikel
Persoonlijke voorkeur verhindert aftrek extra vervoerskosten

Reader Interactions

Gerelateerde berichten

nieuwe pensioenwet; transitie

Box 3 van jou of box 3 van mij?

In welke gevallen mogen fiscale partners de verdeling van hun gezamenlijke grondslag sparen en beleggen (box 3) nog wijzigen?

belastingrente

Ongespecificeerde rente eerst naar oudste schuldigerkenning

Hof Arnhem-Leeuwarden oordeelt dat bij meerdere schuldigerkenningen een niet-gespecificeerde rentebetaling eerst aan de oudste schuld moet worden toegerekend. Omdat daardoor over de tweede schuldigerkenning niet tijdig en volledig rente is betaald, is art. 10 SW daarop van toepassing.

Economisch belang in onverdeelde aandelen vormt aanmerkelijk belang

Hof Arnhem-Leeuwarden oordeelt dat een erfgenaam door haar economische belang in onverdeelde aandelen een aanmerkelijk belang heeft. Dat de aandelen niet op haar naam staan en tot een gemeenschap van vier erfgenamen behoren, maakt dit niet anders.

box 3 rendement

Heffingvrij vermogen verlaagt werkelijk rendement box 3 niet

Hof Arnhem-Leeuwarden oordeelt dat bij box 3-rechtsherstel over het werkelijke rendement geen rekening wordt gehouden met het heffingvrije vermogen. De inspecteur heeft wel de hoorplicht geschonden.

waardering woning successiewet

Kapitalisatiefactor geldt ook bij tijdelijk vruchtgebruik

Rechtbank Noord-Holland oordeelt dat de kapitalisatiefactor uit het Uitvoeringsbesluit Successiewet ook geldt voor een vruchtgebruik dat na uiterlijk één jaar eindigt. Toch wordt het beroep van de zoon gegrond verklaard, omdat de inspecteur tijdens de procedure alsnog rekening houdt met eigenaarslasten.

Geef een reactie Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Primary Sidebar

Opleidingen

Online cursus Afwikkeling van overnameregelingen in firmacontract en statuten

Verdiepingscursus Aangifte erfbelasting

Verdiepingscursus Tweetrapsmakingen opzetten en afwikkelen

Online cursus De positie van het kind in het erfrecht en estate planning – Civiel en fiscaal

Specialisatieopleiding Vermogensstructurering

AGENDA

Stoomcursus Erfrecht – Civiel en fiscaal – Het hele erfrecht in één dag!  | PE Accreditatie

Basiscursus Estate planning | PE Accreditatie

Specialisatieopleiding Vermogensstructurering

Specialisatieopleiding Estate Planning | PE Accreditatie

Webinar Fiscale wijzigingen 2027 | PE Accreditatie

Online cursus Btw-aangifte | PE Accreditatie

Online cursus Staken van de onderneming: (turbo)liquidatie, WHOA liquidatie akkoord | PE Accreditatie

Masterclass Overdrachtsbelasting | PE Accreditatie

Online Basistraining AI voor de fiscale praktijk

Online cursus Technisch aanmerkelijk belang | PE Accreditatie

Meer opleidingen

Footer

  • Fiscaal nieuws
  • Opleidingen
  • Kennisbank
  • Vacatures
  • Over ons
  • Adverteren op Taxence
  • NDFR
  • JES! (ESG producten)
  • Fiscaal en meer
  • Tax Talks
  • Register Estate Planners (REP)
  • Contact
  • Linkedin
  • X
  • Facebook
  • Aanmelden nieuwsbrief
  • Naar Lefebvre Sdu Webshop

Taxence is een uitgave van
Lefebvre Sdu
Maanweg 174
2516 AB Den Haag

Powered by Lefebvre Sdu

  • Disclaimer
  • Privacy Statement en Cookiebeleid
lefebvre SDU

Het laatste nieuws van
Taxence in je mail?

Aanmelden

 

×