• Skip to primary navigation
  • Skip to main content
  • Skip to primary sidebar
  • Skip to footer
  • Nieuwsbrief
  • Contact

Taxence

Taxence

  • Nieuws & achtergrond
    • Nieuws
    • Branchenieuws
    • Blogs
    • Verdieping
  • Thema’s
    • AI & Tax Technology
    • Arbeid & Loon
    • Belastingplan
    • BTW & Overdrachtsbelasting
    • BV & DGA
    • Duurzaamheid (ESG & CSRD)
    • Estate planning
    • Alle thema’s
  • Opleidingen
    • AI & Tax Tech
    • ESG & CSRD
    • Estate Planning
    • BTW
    • Vastgoed
    • Internationaal
    • Arbeid & Loon
    • Formeel
    • Familiebedrijven
    • VPB
    • Pensioen
  • Carrière
    • Personalia
    • Vacatures
    • Vacature toevoegen
    • Partners
  • Vakinformatie
    • NDFR
    • Addify
    • JES! Knowledge
    • Fiscaal en meer
    • Tax talks
    • Vakblad Estate Planning
    • Specials
  • Kennisbank

Vermogensrecht door rechtsverhouding Stiftung

22 februari 2013 door Marieke Jansen

De Hoge Raad oordeelde dat erfgenamen die een recht op vermogen uit een Stiftung erfden, daarmee een vermogensrecht kregen dat belastbaar was in box 3. Omdat de verkrijging van het recht tijdens het jaar plaatsvond, was de waarde hiervan op de peildatum aan het begin van dat jaar nihil.

Een doelvermogen (bijvoorbeeld een trust of Stiftung) wordt gebruikt om vermogen ‘af te scheiden’ van het overige vermogen. Als het doelvermogen in het verleden als ‘zelfstandig’ werd aangemerkt kon erfbelasting worden vermeden. Ook voor de inkomstenbelasting had de zelfstandigheid gevolgen. Sinds de aangescherpte regelgeving per 2010 zijn de fiscale gevolgen voor doelvermogens minder interessant.

 

Wanneer een oprichter van een Stiftung (doelvermogen) het economische belang bij en de feitelijke beschikkingsmacht heeft over het vermogen van die Stiftung, is de Stiftung niet zelfstandig. Eerder oordeelde Hof Den Haag in deze zaak dat hetzelfde gold toen de Stiftung overging bij het overlijden van de oprichter van de Stiftung op 2 september 2003. Dit had tot gevolg dat de erfgenaam een vermogensrecht kreeg dat belastbaar was in box 3 (volgens artikel 5.3, lid 2, letter f, Wet IB 2001). De Hoge Raad oordeelde dat deze conclusie juist was. Wel stelde de Hoge Raad dat het vermogen in de Stiftung op peildatum 1 januari 2003 nog geen onderdeel was van de rendementsgrondslag van de erfgenaam. Bij het vaststellen van de gemiddelde rendementsgrondslag voor het jaar 2003 was dus ten onrechte een waarde meegenomen voor het vermogensrecht aan het begin van het jaar.

 

Wet: artikel 5.3, lid 2 letter f Wet IB 2001

Meer informatie: Hoge Raad, 15 februari 2013 (gepubliceerd op 18 februari 2013), LJN: BZ1294

Filed Under: Estate Planning, Fiscaal nieuws, Nieuws

Reageer
Vorige artikel
Na verbouwing één eigen woning
Volgende artikel
Optimale aftrek dubbele huisvestingskosten

Reader Interactions

Gerelateerde berichten

belastingrente

Geen verhoogde kindvrijstelling zonder 50% onderhoud

Een zoon maakt niet aannemelijk dat zijn moeder ten minste 50% heeft bijgedragen aan zijn levensonderhoud. Het hof wijst daarom de verhoogde kindvrijstelling in de erfbelasting af.

Doe voor 1 maart aangifte schenkbelasting 2025

In 2025 een schenking ontvangen? Dan vóór 1 maart 2026 aangifte schenkbelasting doen meldt de Belastingdienst.

Werkinstructie schenkbelasting bij niet-ANBI’s openbaar

De staatssecretaris van Financiën heeft een werkinstructie (deels) openbaar gemaakt over schenkbelasting bij niet-ANBI’s.

Bedrijfsopvolgingsregeling

Standpunt terugname vrijstelling ob bij gefaseerde bedrijfsoverdracht

De Kennisgroep overdrachtsbelasting heeft de vraag beantwoord of de vrijstelling van overdrachtsbelasting van artikel 15, eerste lid, onderdeel b van de WBR in het geval van een gefaseerde bedrijfsoverdracht wordt teruggenomen wanneer tussentijds, vóór voltooiing van de bedrijfsoverdracht, een eerder fasegewijs verkregen deel van de onderneming door de overnemer wordt ingebracht in een bv.

belastingrente

Standpunt genietingstijdstip reguliere voordelen bij overlijden en box 3

De Kennisgroep inkomstenbelasting niet-winst heeft de vraag beantwoord hoe lopende rente- en huurtermijnen bij overlijden in aanmerking moeten worden genomen onder de tegenbewijsregeling voor box 3.

Geef een reactie Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Primary Sidebar

Opleidingen

Online cursus toepassing box 3 in de praktijk

Masterclass Het ideale testament – Bestaat dat echt?

Masterclass Box 3 – Forfaitair stelsel met een Tegenbewijsregeling en de toekomst na 2028

Verdiepingscursus Aangifte erfbelasting

Leergang Erfrecht

AGENDA

Online cursus afwaarderen & kwijtschelden van vorderingen

Masterclass Management- en werknemersparticipatie

Masterclass Btw-processen in SAP S/4HANA

Online cursus Afwikkeling van overnameregelingen in firmacontract en statuten

Masterclass Actualiteiten vermogensstructurering 2026

Verdiepende AI training voor de fiscale praktijk

Cursus AI-Implementatie – Organiseren van AI-geletterdheid

Masterclass Het ideale testament – Bestaat dat echt?

Online cursus Digitale nalatenschap in de praktijk: regelen én afwikkelen

Specialisatieopleiding btw en internationaal zakendoen

Meer opleidingen

Footer

  • Fiscaal nieuws
  • Opleidingen
  • Kennisbank
  • Vacatures
  • Over ons
  • Adverteren op Taxence
  • NDFR
  • JES! (ESG producten)
  • Fiscaal en meer
  • Addify
  • Tax Talks
  • Register Estate Planners (REP)
  • Contact
  • Linkedin
  • X
  • Facebook
  • Aanmelden nieuwsbrief
  • Naar Lefebvre Sdu Webshop

Taxence is een uitgave van
Lefebvre Sdu
Maanweg 174
2516 AB Den Haag

Powered by Lefebvre Sdu

  • Disclaimer
  • Privacy Statement en Cookiebeleid
lefebvre SDU

Het laatste nieuws van
Taxence in je mail?

×