• Skip to primary navigation
  • Skip to main content
  • Skip to primary sidebar
  • Skip to footer
  • Nieuwsbrief
  • Contact

Taxence

Taxence

  • Nieuws & achtergrond
    • Nieuws
    • Branchenieuws
    • Blogs
    • Verdieping
  • Thema’s
    • AI & Tax Technology
    • Arbeid & Loon
    • Belastingplan
    • BTW & Overdrachtsbelasting
    • BV & DGA
    • Duurzaamheid (ESG & CSRD)
    • Estate planning
    • Alle thema’s
  • Opleidingen
    • AI & Tax Tech
    • ESG & CSRD
    • Estate Planning
    • BTW
    • Vastgoed
    • Internationaal
    • Arbeid & Loon
    • Formeel
    • Familiebedrijven
    • VPB
    • Pensioen
  • Carrière
    • Personalia
    • Vacatures
    • Vacature toevoegen
    • Partners
  • Vakinformatie
    • NDFR
    • Addify
    • JES! Knowledge
    • Fiscaal en meer
    • Tax talks
    • Vakblad Estate Planning
    • Specials
  • Kennisbank

Weigering btw-nummer vereist sterk vermoeden fraude

18 maart 2013 door Remco Latour

Een belastingdienst van een lidstaat van de Europese Unie mag de aanvraag van een btw-identificatienummer afwijzen. Het Hof van Justitie vindt dat de fiscus in dat geval wel een geldige reden moet hebben. Bijvoorbeeld als de inspecteur een gerechtvaardigd vermoeden heeft dat de aanvrager het toegekende nummer zal gebruiken voor fraude.

Deze uitspraak was het antwoord op prejudiciële vragen naar aanleiding van een geschil tussen de belanghebbende en de Letse belastingdienst (hierna VID). De belanghebbende was een Letse vennootschap die diensten in de bouw wilde uitoefenen. Toen de vennootschap een btw-identificatienummer aanvroeg, wees de VID dit verzoek af. De vennootschap zou namelijk vanwege het ontbreken van bedrijfsmiddelen en activiteiten niet beschikken over de materiële, technische en financiële bekwaamheid om de desbetreffende diensten uit te oefenen. Bovendien had de vennootschap in het verleden voor andere economische activiteiten individuele nummers aangevraagd. De aandeelhouder van de vennootschap had deze nummers kort na de toekenning overgedragen aan andere personen. Dit was echter niet in strijd met de Letse btw-wet. Het Hof oordeelde dat de redenen van de VID op zichzelf onvoldoende waren om de toekenning van een btw-identificatienummer te weigeren. Een belastingdienst moet in zo’n geval aan de hand van objectieve gegevens aantonen dat er een gerechtvaardigd vermoeden bestaat dat de aanvrager het toegekende btw-identificatienummer zal misbruiken voor fraude.

 

Wet: artikel 2a, eerste lid, onderdeel g OB 1968

Richtlijn: artikel 214 Richtlijn 2006/112/EG

Meer informatie: Hof van Justitie van de EU, 14 maart 2013, C-527/11

Filed Under: BTW & overdrachtsbelasting, Fiscaal nieuws, Nieuws

Reageer
Vorige artikel
Rentevoordeel personeelslening geen belast loon
Volgende artikel
Constructie voor ontgaan overdrachtsbelasting mislukte

Reader Interactions

Gerelateerde berichten

Geen steun in EU voor btw-nultarief op diergeneeskundige zorg

Het kabinet erkent de zorgen over de stijgende kosten van diergeneeskundige zorg, maar ziet op dit moment geen mogelijkheden om de btw op deze zorg naar 0% te verlagen. Een verkenning onder EU-lidstaten laat zien dat er onvoldoende steun bestaat voor aanpassing van de Europese btw-richtlijn.

geruisloos doorgeschoven voortgezet ondernemerschap

Uitstel invoering nieuwe procedure teruggaaf buitenlandse btw

De nieuwe procedure voor het terugvragen van buitenlandse btw wordt later ingevoerd dan gepland. De beoogde invoering vanaf het tweede kwartaal van 2026 blijkt niet haalbaar. Tot de nieuwe procedure van kracht wordt, blijft de huidige werkwijze gelden. Ondernemers hoeven op dit moment niets aan te passen.

Wet betaalbare huur

Onvoorziene omstandigheden rechtvaardigen alsnog 2%-tarief overdrachtsbelasting

Rechtbank Zeeland-West-Brabant oordeelt dat een man toch recht heeft op het 2%-tarief overdrachtsbelasting voor een woning die hij nooit als hoofdverblijf gebruikt. De combinatie van financiële druk en mentale problemen vormt een onvoorziene omstandigheid na de verkrijging.

Wijziging Besluit Ondernemingsfaciliteiten: verruiming voortzettingseis binnen concern

Met dit besluit wijzigt de staatssecretaris van Financiën het Besluit Ondernemingsfaciliteiten. De wijziging herstelt een onbedoelde beperking die was ontstaan bij de actualisatie van het besluit per 17 oktober 2024 en verruimt de toepassing van twee vrijstellingen in de overdrachtsbelasting.

Inpandige praktijkruimte is aanhorigheid van de woning

Een voormalige huisartsenpraktijk in een villa is een aanhorigheid bij de woning. Daarom geldt voor de hele verkrijging het lage tarief van 2% overdrachtsbelasting.

Geef een reactie Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Primary Sidebar

Opleidingen

Masterclass Overdrachtsbelasting

Online cursus BTW, factuurvereisten en ViDA

Masterclass Btw-processen in SAP S/4HANA

Nationaal Btw Congres 2026

AGENDA

Online Basistraining AI voor de fiscale praktijk

Online Basistraining AI voor de fiscale praktijk

Online cursus De positie van het kind in het erfrecht en estate planning – Civiel en fiscaal

Online cursus BTW, factuurvereisten en ViDA

Verdiepingscursus Tweetrapsmakingen opzetten en afwikkelen

Stoomcursus Tax accounting

Online cursus De positie van het kind in het erfrecht en estate planning – Civiel en fiscaal

Online cursus afwaarderen & kwijtschelden van vorderingen

Masterclass Belastingcontrole met steekproeven vs Tax Monitoring

Online cursus Afwikkeling van overnameregelingen in firmacontract en statuten

Meer opleidingen

Footer

  • Fiscaal nieuws
  • Opleidingen
  • Kennisbank
  • Vacatures
  • Over ons
  • Adverteren op Taxence
  • NDFR
  • JES! (ESG producten)
  • Fiscaal en meer
  • Tax Talks
  • Register Estate Planners (REP)
  • Contact
  • Linkedin
  • X
  • Facebook
  • Aanmelden nieuwsbrief
  • Naar Lefebvre Sdu Webshop

Taxence is een uitgave van
Lefebvre Sdu
Maanweg 174
2516 AB Den Haag

Powered by Lefebvre Sdu

  • Disclaimer
  • Privacy Statement en Cookiebeleid
lefebvre SDU

Het laatste nieuws van
Taxence in je mail?

Aanmelden

 

×