• Skip to primary navigation
  • Skip to main content
  • Skip to primary sidebar
  • Skip to footer
  • Nieuwsbrief
  • Contact

Taxence

Taxence

  • Nieuws & achtergrond
    • Nieuws
    • Branchenieuws
    • Blogs
    • Verdieping
  • Thema’s
    • AI & Tax Technology
    • Arbeid & Loon
    • Belastingplan
    • BTW & Overdrachtsbelasting
    • BV & DGA
    • Duurzaamheid (ESG & CSRD)
    • Estate planning
    • Alle thema’s
  • Opleidingen
    • AI & Tax Tech
    • ESG & CSRD
    • Estate Planning
    • BTW
    • Vastgoed
    • Internationaal
    • Arbeid & Loon
    • Formeel
    • Familiebedrijven
    • VPB
    • Pensioen
  • Belastingplan
  • Carrière
    • Personalia
    • Vacatures
    • Vacature toevoegen
    • Partners
  • Vakinformatie
    • NDFR
    • Addify
    • JES! Knowledge
    • Fiscaal en meer
    • Tax talks
    • Vakblad Estate Planning
    • Specials
  • Kennisbank

Resultaat uit tbs behaald in jaar van werkzaamheden

15 juli 2019 door Michel Halters

Beslaglegging fiscus

Ontvangt een aanmerkelijkbelanghouder een nabetaling voor werkzaamheden voor zijn vennootschappen in voorgaande jaren? Dan moet voor de belastingheffing de beloning worden toegerekend aan de jaren waarop deze betrekking heeft.

De ouders van een man emigreerden in 1996 naar Zwitserland. In 2007 werd op initiatief van vader een Stiftung opgericht. De vader was dga van een houdstervennootschap in Nederland, deze houdster had twee deelnemingen in eveneens Nederlandse B.V.’s. Hij bracht de aandelen van de houdstervennootschap ook in, in die Stiftung. Daarnaast bracht hij een beleggingsportefeuille in. De Stiftung keerde jaarlijks € 30.000 uit aan hun kinderen in Nederland. De kleinkinderen van de ouders kregen bij het bereiken van een bepaalde leeftijd uitkeringen. Ook ontving de moeder een bedrag van € 500.000 voor de aankoop van een woning in Nederland. In 2012 overleed de vader. In 2013 ontving de man een (na-)betaling voor werkzaamheden in 2011 en 2012 voor de deelnemingen van de houdstervennootschap.

 

Juiste aangifte

In geschil bij Hof Den Haag is of terecht een bedrag als resultaat uit overige werkzaamheden is aangemerkt bij de man en of de man terecht is aangemerkt als begunstigde van het afgezonderde vermogen in de Stiftung. Ook is in geschil of de man wel de juiste aangifte heeft gedaan voor het jaar 2013. Het hof is van mening dat de rechtbank terecht heeft geoordeeld dat de man in 2011 en 2012 werkzaamheden heeft verricht voor een vennootschap waarin hij een aanmerkelijk belang heeft en dat de Stiftung de man voor die werkzaamheden heeft betaald. Met de rechtbank verwerpt het hof ook de stelling van de man dat de nabetaling pas in 2013 belast is. Opbrengsten en kosten slaan neer in het jaar waarop deze betrekking hebben.

 

Afgezonderd vermogen

De rechtbank kwam tot de conclusie dat sprake is van een afgezonderd vermogen, gelet op de doelstelling van de Stiftung, een stichting met een voornamelijk particulier belang. De rechtbank was van oordeel dat sprake is van een discretionair vermogen in de Stiftung. De man heeft een deelgerechtigdheid tot het vermogen in de Stiftung verkregen. Na het overlijden van de vader moet de man zijn aandeel in het vermogen van de Stiftung als gerechtigde aangeven. Het hof onderschrijft dit oordeel. Omdat de man wel aan had gegeven betrokken te zijn bij een afgezonderd particulier vermogen (apv), maar geen bezittingen in box 3 had aangegeven, oordeelt het hof dat de man de vereiste aangifte niet had gedaan. Dit leidt tot verzwaring en omkering van de bewijslast. Dat laat evenwel onverlet dat de inspecteur een redelijke schatting moet geven van het vermogen. De inspecteur kan van het geschat vermogen van € 12 miljoen in de Stiftung, slechts € 7 miljoen aannemelijk maken.

 

Zie ook: Gerechtshof Den Haag 17 juni 2019 (gepubliceerd 11 juli 2019), ECLI:NL:GHDHA:2019:1744

 

Wet: art. 2.14a en 3.92 Wet IB 2001

Meer informatie: Gerechtshof Den Haag 18 juni 2019 (gepubliceerd 11 juli 2019), ECLI:NL:GHDHA:2019:1743

Filed Under: BV & DGA, Estate Planning, Financiële planning, Fiscaal nieuws, Nieuws

Reageer
Vorige artikel
Bij voorbereidende economische handelingen btw-ondernemer
Volgende artikel
Verdragenoverzicht per 1 juli 2019

Reader Interactions

Gerelateerde berichten

lijfrente

Standpunt overschrijding wettelijke termijn bij expiratie in 2025

De Kennisgroep verzekeringsproducten en assurantiebelasting heeft de vraag beantwoord wanneer de wettelijke termijn eindigt bij expiratie van een lijfrente in 2025.

echtscheiding

Tariefbeperking pensioenverrekening niet discriminerend

De Hoge Raad oordeelt dat de tariefbeperking voor aftrek van doorbetaald pensioen bij een scheiding van vóór 1 mei 1995 niet in strijd is met het discriminatieverbod. Pensioenverrekening volgens het arrest Boon/Van Loon en pensioenverevening op grond van de Wet verevening pensioenrechten bij scheiding zijn voor deze regeling geen gelijke gevallen.

lijfrente

Standpunt looptijd bancaire nabestaandenlijfrente voor kind dat bijna 30 jaar is

De Kennisgroep verzekeringsproducten en assurantiebelasting heeft vragen beantwoord over de looptijd van een bancaire nabestaandenlijfrente wanneer het tegoed door overlijden van de rekeninghouder toekomt aan een kind dat bijna dertig jaar oud is.

wet excessief lenen

Kabinet zoekt breed draagvlak voor aanpassing box 3

Het kabinet wil zo snel mogelijk tot concrete en breed gedragen voorstellen voor box 3 komen, maar ziet dat de steun voor aanpassingen en de dekking daarvan sterk uiteenloopt. Minister Heinen en staatssecretaris Eerenberg leggen vier scenario’s voor en vragen om uitstel van de behandeling van de Wet werkelijk rendement box 3.

AOW-premie

Minister Vijlbrief informeert Kamer over pensioenonderwerpen

Minister Vijlbrief informeert de Tweede Kamer over verschillende pensioenonderwerpen, waaronder de verrekening van pensioen met uitkeringen, de informatierechten van gepensioneerden bij internationale waardeoverdracht en buitenlandse pensioenuitvoerders. Ook loopt de evaluatie van werknemers zonder pensioen vertraging op.

Geef een reactie Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Primary Sidebar

Opleidingen

Online cursus Afwikkeling van overnameregelingen in firmacontract en statuten

Online cursus Familiestichting en family governance

Basiscursus Estate planning | PE Accreditatie

Congres Estate Planning 2026

Specialisatieopleiding Estate Planning

Opleidingen

Online cursus toepassing box 3 in de praktijk

Future Fit Professionals

Masterclass Vermogen in box 1, 2 en 3: de afwegingen

Specialisatieopleiding Vermogensstructurering

Masterclass Actualiteiten vermogensstructurering 2026

Opleidingen

Verdiepingscursus DGA-advisering

Online cursus Staken van de onderneming: (turbo)liquidatie, WHOA liquidatie akkoord

Masterclass Inbreng in en terugkeer uit de BV

Online cursus Staken van de onderneming: (turbo)liquidatie, WHOA liquidatie akkoord | PE Accreditatie

AGENDA

Stoomcursus Erfrecht – Civiel en fiscaal – Het hele erfrecht in één dag!  | PE Accreditatie

Basiscursus Estate planning | PE Accreditatie

Specialisatieopleiding Vermogensstructurering

Specialisatieopleiding Estate Planning | PE Accreditatie

Webinar Fiscale wijzigingen 2027 | PE Accreditatie

Online cursus Btw-aangifte | PE Accreditatie

Online cursus Staken van de onderneming: (turbo)liquidatie, WHOA liquidatie akkoord | PE Accreditatie

Masterclass Overdrachtsbelasting | PE Accreditatie

Online Basistraining AI voor de fiscale praktijk

Online cursus Technisch aanmerkelijk belang | PE Accreditatie

Meer opleidingen

Footer

  • Fiscaal nieuws
  • Opleidingen
  • Kennisbank
  • Vacatures
  • Over ons
  • Adverteren op Taxence
  • NDFR
  • JES! (ESG producten)
  • Fiscaal en meer
  • Tax Talks
  • Register Estate Planners (REP)
  • Contact
  • Linkedin
  • X
  • Facebook
  • Aanmelden nieuwsbrief
  • Naar Lefebvre Sdu Webshop

Taxence is een uitgave van
Lefebvre Sdu
Maanweg 174
2516 AB Den Haag

Powered by Lefebvre Sdu

  • Disclaimer
  • Privacy Statement en Cookiebeleid
lefebvre SDU

Het laatste nieuws van
Taxence in je mail?

Aanmelden

 

×