• Skip to primary navigation
  • Skip to main content
  • Skip to primary sidebar
  • Skip to footer
  • Nieuwsbrief
  • Contact

Taxence

Taxence

  • Nieuws & achtergrond
    • Nieuws
    • Branchenieuws
    • Blogs
    • Verdieping
  • Thema’s
    • AI & Tax Technology
    • Arbeid & Loon
    • Belastingplan
    • BTW & Overdrachtsbelasting
    • BV & DGA
    • Duurzaamheid (ESG & CSRD)
    • Estate planning
    • Alle thema’s
  • Opleidingen
    • AI & Tax Tech
    • ESG & CSRD
    • Estate Planning
    • BTW
    • Vastgoed
    • Internationaal
    • Arbeid & Loon
    • Formeel
    • Familiebedrijven
    • VPB
    • Pensioen
  • Carrière
    • Personalia
    • Vacatures
    • Vacature toevoegen
    • Partners
  • Vakinformatie
    • NDFR
    • Addify
    • JES! Knowledge
    • Fiscaal en meer
    • Tax talks
    • Vakblad Estate Planning
    • Specials
  • Kennisbank

Beroep op ‘kosten voor gemene rekening’ faalde

5 juli 2012 door Giniraynha Poulina

Ondernemers kunnen (zonder dat er sprake is van een fiscale eenheid) samenwerken en kosten maken die zij vervolgens onderling verdelen. In beginsel is men omzetbelasting verschuldigd over deze kostendoorberekening. Deze btw-heffing kan echter achterwege blijven als sprake is van kosten voor gemene rekening. Hieraan zijn wel strikte voorwaarden verbonden.

Het leerstuk ‘kosten voor gemene rekening’ komt niet voor in de wet, maar is ontwikkeld in de jurisprudentie (Hoge Raad, 23 april 1997, LJN: AA2154). Als een ondernemer een beroep doet op dit leerstuk zal de fiscus beoordelen of de ondernemer aan alle voorwaarden voldoet. Slaagt de ondernemer erin aannemelijk te maken dat sprake is van kosten voor gemene rekening, dan kan de doorberekening buiten de heffing blijven.

 

Criteria

De Hoge Raad heeft de navolgende criteria gegeven voor de invulling van het begrip ‘kosten voor gemene rekening’:

  • de kosten worden gemaakt ten behoeve van verschillende ondernemers;
  • in eerste instantie betaalt één van de ondernemers deze kosten;
  • de kosten worden volgens een van te voren vaststaande verdeelsleutel over de ondernemers omgeslagen;
  • het risico van de kosten raakt de ondernemers volgens die afgesproken verdeelsleutel.

 

Er is dus ook sprake van kosten voor gemene rekening, als de kosten in eerste instantie door één van de deelnemende ondernemers worden betaald en voor het werkelijke bedrag volgens een verdeelsleutel over de deelnemende ondernemers worden omgeslagen. Dit geldt ook voor kosten die niet door derden in rekening zijn gebracht, maar die opkomen bij één van de ondernemers die de afspraak hebben gemaakt de kosten gezamenlijk te dragen. In beide gevallen kan de doorberekening buiten de btw-heffing blijven. De betrokken ondernemingen zijn als het ware ieder individueel materieel afnemer van de prestaties met alle risico’s van dien, hoewel een van hen als formele afnemer optreedt.

 

Vergoeding

Als een ondernemer bij de deelnemende ondernemers meer verhaalt dan het overeengekomen kostenaandeel, zal de fiscus het meerdere in beginsel zien als een vergoeding voor een prestatie. Het meerdere wordt dan in de btw-heffing betrokken. Mocht een ondernemer alle kosten, op een gering deel na, geheel doorberekenen aan de andere deelnemende ondernemer, dan is ook geen sprake van het dragen van kosten voor gemene rekening. De fiscus beschouwt dit dan als een vergoeding voor een levering of een dienst. De ondernemer is in dat geval omzetbelasting verschuldigd over de ontvangen vergoeding. De Hoge Raad (LJN: BC3696) heeft ook duidelijk gemaakt dat een ondernemer niet met succes een beroep kan doen op het leerstuk ‘kosten voor gemene rekening’ als hij alle kosten aan de andere deelnemers doorberekend zonder daarvan zelf een deel te dragen.

 

Delen van personeel

Het leerstuk ‘kosten voor gemene rekening’ kan ook van toepassing zijn in situaties waarin twee of meer ondernemers personeel delen, zelfs als het personeel bij één van hen in dienst is. Dit speelde onlangs in een zaak voor rechtbank Haarlem en later voor Hof Amsterdam. Het ging in deze zaak om een school die onderwijs verstrekte en die daarnaast ook de administraties verzorgde van een aantal scholen. Deze activiteit werd verricht door het personeel dat bij die school in loondienst was. De werkzaamheden vonden plaats in een pand dat de school speciaal daarvoor had ingericht. De school stelde dat de bedragen die zij ontving van de deelnemende scholen als kosten voor gemene rekening kwalificeerden. De inspecteur meende echter dat sprake was van een vergoeding voor de prestatie die de school voor de deelnemende scholen verrichtte.

 

Formeel en materieel werkgever

Volgens de rechtbank was in dit kader vooral van belang of sprake was van formeel gezien één werkgever, maar materieel gezien twee of meer werkgevers. Materieel werkgeverschap houdt volgens de rechtbank niet alleen het delen van financiële risico’s ingeval van bijvoorbeeld ziekte of ontslag in. Er moet ook sprake zijn van een verdeling in de feitelijke dagelijkse leiding, zoals het uitoefenen van gezag. De rechtbank vond dat de deelnemende scholen zich op geen enkele wijze als materieel als werkgever van de desbetreffende werknemers gedroegen. Nergens uit bleek dat de deelnemende scholen zich bemoeiden met het personeel dat in dienst was bij belanghebbende. Ook wees de rechtbank op het feit dat bij het delen van personeel een verdeling van de te werken arbeidsuren essentieel was. De belanghebbende had dit echter niet gedaan. Deze feiten en omstandigheden brachten de rechtbank tot het oordeel dat in dit geval geen sprake was van het delen van personeel (en de daarmee samenhangende kosten).

 

Geen kosten voor gemene rekening

Het hof bevestigde de uitspraak van de rechtbank. Voor de toepassing van het leerstuk ‘kosten voor gemene rekening’ moeten namelijk alle partijen rechtstreeks betrokken zijn bij het maken van de kosten. De kosten moeten vervolgens zodanig over de betrokken partijen worden omgeslagen dat de grootte van ieders aandeel in de kosten tot uitdrukking komt. In de zaak in kwestie ging de betrokkenheid van de deelnemende scholen echter niet verder dan het afnemen van een gekozen pakket van werkzaamheden tegen een deel van de totale kosten.

 

Wet: artikel 11, lid 1 onderdeel o Wet OB 1968  

Meer informatie: Hof Amsterdam, 28 juni 2012 (gepubliceerd 4 juli 2012), LJN: BX0225

Filed Under: BTW & overdrachtsbelasting, Nieuws, Verdieping

Reageer
Vorige artikel
Uitvoering VSO was geen uitspraak op bezwaar
Volgende artikel
Gemeenten willen meer belasting innen

Reader Interactions

Gerelateerde berichten

verhuurderheffing verminderen

Vrijstelling overdrachtsbelasting bij taakoverdracht woningcomplex corporaties

De overdracht van een woningcomplex tussen twee woningcorporaties kan kwalificeren als taakoverdracht. Daardoor geldt de vrijstelling van overdrachtsbelasting.

startersvrijstelling

Geen beter alternatief voor leeftijdsgrens startersvrijstelling

Het kabinet wil bij nieuw fiscaal beleid nadrukkelijk aandacht blijven besteden aan de effecten op de woningmarkt. Staatssecretaris Eerenberg reageert op moties over de startersvrijstelling in de overdrachtsbelasting en de woningmarkteffecten van fiscaal beleid. In de motie van het lid Vijlbrief wordt het kabinet verzocht te onderzoeken hoe de startersvrijstelling in de overdrachtsbelasting effectiever kan... lees verder

Wijzigingen Uitvoeringsregeling BTW-compensatiefonds

De Uitvoeringsregeling BTW-compensatiefonds (UR BCF) wordt gewijzigd.

zwembad

Verborgen zwembad met puin verlaagt WOZ-waarde woning

Rechtbank Amsterdam oordeelt dat bij de WOZ-waardering rekening moet worden gehouden met een verborgen gebrek. Een onder kunstgras verborgen zwembad met puin drukt de waarde van de woning, ook als de eigenaar mogelijk schade op de verkoper kan verhalen.

Geen verlaagd overdrachtsbelastingtarief voor recreatiewoning

Hof Den Haag oordeelt dat een vrouw niet aannemelijk maakt dat een gekochte recreatiewoning haar hoofdverblijf is. Daarom geldt het verlaagde tarief van 2% in de overdrachtsbelasting niet en blijft het algemene tarief van 10,4% van toepassing.

Geef een reactie Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Primary Sidebar

Opleidingen

Masterclass Btw-processen in SAP S/4HANA

Specialisatieopleiding btw en internationaal zakendoen

AGENDA

Online Basistraining AI voor de fiscale praktijk

Masterclass Inbreng in en terugkeer uit de BV

Masterclass Vastgoedfiscaliteiten

Online cursus Vennootschapsbelastingplicht stichtingen & verenigingen

Masterclass De positie van de samenwoner in de inkomstenbelasting, relatievermogensrecht en vermogensplanning – Civiel en fiscaal

Online cursus De positie van het kind in het erfrecht en estate planning – Civiel en fiscaal

Online cursus introductie participatieregelingen en lucratieve belangen

Online cursus Staken van de onderneming: (turbo)liquidatie, WHOA liquidatie akkoord

Basistraining AI voor de fiscale praktijk

Congres Estate Planning 2026

Meer opleidingen

Footer

  • Fiscaal nieuws
  • Opleidingen
  • Kennisbank
  • Vacatures
  • Over ons
  • Adverteren op Taxence
  • NDFR
  • JES! (ESG producten)
  • Fiscaal en meer
  • Addify
  • Tax Talks
  • Register Estate Planners (REP)
  • Contact
  • Linkedin
  • X
  • Facebook
  • Aanmelden nieuwsbrief
  • Naar Lefebvre Sdu Webshop

Taxence is een uitgave van
Lefebvre Sdu
Maanweg 174
2516 AB Den Haag

Powered by Lefebvre Sdu

  • Disclaimer
  • Privacy Statement en Cookiebeleid
lefebvre SDU

Het laatste nieuws van
Taxence in je mail?

×