• Skip to primary navigation
  • Skip to main content
  • Skip to primary sidebar
  • Skip to footer
  • Nieuwsbrief
  • Contact

Taxence

Taxence

  • Nieuws & achtergrond
    • Nieuws
    • Branchenieuws
    • Blogs
    • Verdieping
  • Thema’s
    • AI & Tax Technology
    • Arbeid & Loon
    • Belastingplan
    • BTW & Overdrachtsbelasting
    • BV & DGA
    • Duurzaamheid (ESG & CSRD)
    • Estate planning
    • Alle thema’s
  • Opleidingen
    • AI & Tax Tech
    • ESG & CSRD
    • Estate Planning
    • BTW
    • Vastgoed
    • Internationaal
    • Arbeid & Loon
    • Formeel
    • Familiebedrijven
    • VPB
    • Pensioen
  • Carrière
    • Personalia
    • Vacatures
    • Vacature toevoegen
    • Partners
  • Vakinformatie
    • NDFR
    • Addify
    • JES! Knowledge
    • Fiscaal en meer
    • Tax talks
    • Vakblad Estate Planning
    • Specials
  • Kennisbank

Geruisloos doorschuiven aan derden

10 oktober 2014 door Giniraynha Poulina

Belastingheffing bij overdracht van een onderneming kan leiden tot omvangrijke financiële consequenties. De wet voorziet daarom in een aantal doorschuifregelingen. Zo kan een ondernemer, onder strikte voorwaarden, zijn onderneming overdragen aan medeondernemers of werknemers zonder dat dit leidt tot heffing van inkomstenbelasting.

In de Wet inkomstenbelasting 2001 is bepaald dat geruisloze doorschuiving kan plaatsvinden aan iedere willekeurige derde, op voorwaarde dat deze persoon minstens gedurende een periode van 36 maanden vóór de overdracht in een samenwerkingsverband als ondernemer winst heeft genoten uit de over te dragen onderneming. Daarnaast is het ook mogelijk een onderneming geruisloos over te dragen aan een werknemer die voorafgaande aan het tijdstip van overdracht minimaal 36 maanden in de onderneming werkzaam is geweest.

 

Voorwaarden

Uit de wettekst van deze doorschuifregeling zijn de volgende voorwaarden te destilleren:

  • Doorschuiving kan plaatsvinden door een ondernemer of door een medegerechtigde.
  • Door toepassing van deze doorschuifregeling wordt de onderneming geacht niet te zijn gestaakt. Overdrager en overnemer moeten bij de aangifte van de belastingplichtige (de overdragende partij) hierom verzoeken.
  • De overnemer wordt geacht in de plaats te zijn getreden van degene die de onderneming heeft overgedragen. De overnemer neemt de door de overdrager gehanteerde boekwaarden over. Op deze manier behoudt de fiscus de aanspraak op eventueel bestaande fiscale claims.
  • Er geldt een samenwerkingsvereiste van 36 maanden, waarbij partijen hebben samengewerkt als ondernemer dan wel in dienstbetrekking.
  • Bij ministeriële regeling kan het vereiste van samenwerking gedurende minstens 36 maanden worden bekort.
  • Deze doorschuifregeling is van overeenkomstige toepassing op de stand van de oudedagsreserve indien het de partner van de belastingplichtige is die de onderneming overneemt.

 

De achterliggende gedachte van deze ‘verplichte’ samenwerking gedurende een periode van minstens 36 maanden is dat een geleidelijke overdracht de kans op een succesvolle overname doet vergroten. De bij de overdrager aanwezige ervaring gaat niet ineens de vuilnisbak in.

 

Samenwerkingsvereiste

In zijn Besluit van 18 juli 2008, nr. CPP2008/163M wijst de staatssecretaris van Financiën onder meer op de eis dat de overnemer gedurende 36 maanden voorafgaande aan de overname van de onderneming als medeondernemer of als werknemer onafgebroken verbonden moet zijn geweest aan de onderneming in materiële zin. Deze eis van de onafgebroken periode van 36 maanden kan echter voor seizoensbedrijven tot ongewenste gevolgen leiden. In deze branches komt het namelijk regelmatig voor dat men wel gedurende 36 maanden als werknemer aan de onderneming verbonden is geweest, maar dat dit niet onafgebroken is. De staatsecretaris keurt daarom in het eerder vermelde besluit goed dat wordt geacht te zijn voldaan aan de vereiste van 36 maanden als:

  • sprake is van een seizoenbedrijf; en
  • de overnemer in de jaren onmiddellijk voorafgaand aan de overdracht één of meer maanden per jaar als werknemer werkzaam is geweest bij de over te nemen onderneming; en
  • gedurende genoemde jaren de totale periode waarin sprake is geweest van een dienstverband bij die onderneming minimaal 36 maanden omvat.

 

Ontheffing samenwerkingsvereiste

Soms kunnen zich situaties voordoen die tot gevolg hebben dat de driejaarsperiode niet volledig kan worden uitgediend. Denk bijvoorbeeld aan de situatie waarin de belastingplichtige ziek is of andere gebreken heeft. Zo’n belastingplichtige wordt geacht aan de samenwerkingsvereiste te hebben voldaan als hij minstens één jaar niet in staat is, of vermoedelijk niet in staat zal zijn, om minstens 55% te verdienen van wat lichamelijk en geestelijk gezonde personen die overigens in gelijke omstandigheden verkeren, kunnen verdienen. Verder wordt ook geacht aan samenwerkingsvereiste te zijn voldaan als na het aangaan van het samenwerkingsverband respectievelijk de dienstbetrekking de belastingplichtige (de overdrager):

  • in staat van faillissement wordt verklaard;
  • surséance van betaling heeft aangevraagd;
  • onder curatele wordt gesteld;
  • vóór het aangaan van het samenwerkingsverband respectievelijk de dienstbetrekking met degene die de onderneming gaat voortzetten nog wel, maar vanaf enig moment daarna niet meer kan kiezen voor kwalificatie als partner van de voortzetter, of
  • overlijdt en de onderneming spoedig daarna wordt overgedragen aan een medeondernemer of werknemer.

 

Commanditair vennoot

Echtscheiding of het feit dat de onderneming te klein is om twee (of meer) ondernemers en hun gezin van voldoende inkomen te voorzien, is blijkbaar geen reden om de termijn te verkorten. In dergelijke gevallen is het wel mogelijk dat de overdragende partij de rol van commanditair vennoot gaat vervullen. Hij verliest daarmee de ondernemersstatus, en wordt medegerechtigde. Partijen blijven in dat geval wel aan elkaar verbonden, maar dan door samenwerking in een cv. Hierdoor wordt aan de wettelijke vereisten voldaan, en toch is men – voor wat betreft de dagelijkse bedrijfsvoering – niet tot elkaar veroordeeld. Maar let op, de overnemer moet dan nog wel kwalificeren als ondernemer. Dit is niet het geval als hij bijvoorbeeld beherend vennoot is in de cv.

 

Wet: artikel 3.63 Wet IB 2001 en artikel 13a Uitvoeringsregeling Wet IB 2001

Filed Under: IB-ondernemer, Nieuws, Verdieping, Winst uit onderneming

Reageer
Vorige artikel
Btw-vrijstelling Passend Onderwijs
Volgende artikel
Geen btw-ondernemerschap? Geen btw-aftrek

Reader Interactions

Gerelateerde berichten

belangen aandelen

Genotsrecht via lening geeft toch aanmerkelijk belang

Hof ’s-Hertogenbosch oordeelt dat een man via een leningconstructie met winstdelende vergoeding een genotsrecht op aandelen heeft. Daardoor houdt hij ondanks een optierecht van een derde nog steeds een aanmerkelijk belang en is de verkoopwinst belast in box 2.

lijfrente

Lijfrentepremieaftrek geweigerd bij staking vóór inbreng bv

Een ondernemer die zijn assurantieportefeuille eind 2017 staakt, kan deze niet in 2018 in een bv inbrengen. De stakingswinstlijfrente is daardoor terecht geweigerd.

belastingrente

Collectieve uitspraak massaal bezwaar belastingrente IB

De inspecteur heeft een collectieve uitspraak gedaan op het massaal bezwaar tegen het in rekening gebrachte percentage belastingrente voor de inkomstenbelasting (IB) en enkele overige middelen vanaf 1 oktober 2020. In zijn arrest van 16 januari 2026 (ECLI:NL:HR:2026:59) heeft de Hoge Raad geoordeeld dat artikel 1, letter a, Besluit belasting- en invorderingsrente (Besluit BIR) niet... lees verder

voorlopige aanslag 2021

Verschillen bij IB-aanslagen

Verschillen tussen voorlopige en definitieve aanslagen zijn inherent aan de systematiek. Tegelijkertijd wordt gewerkt aan verbeteringen in samenwerking, controleprocessen en communicatie richting belastingplichtigen.

Schuldvermenging na cessie leidt tot kwijtscheldingswinst

Door cessie wordt de bv zowel schuldeiser als schuldenaar van een rc-schuld. De schuld gaat door vermenging teniet en de vrijval is belast als kwijtscheldingswinst.

Geef een reactie Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Primary Sidebar

Opleidingen

Opleidingen

Stoomcursus Tax accounting

Online cursus Staken van de onderneming: (turbo)liquidatie, WHOA liquidatie akkoord

AGENDA

Online Basistraining AI voor de fiscale praktijk

Masterclass Inbreng in en terugkeer uit de BV

Masterclass Vastgoedfiscaliteiten

Online cursus Vennootschapsbelastingplicht stichtingen & verenigingen

Masterclass De positie van de samenwoner in de inkomstenbelasting, relatievermogensrecht en vermogensplanning – Civiel en fiscaal

Online cursus De positie van het kind in het erfrecht en estate planning – Civiel en fiscaal

Online cursus introductie participatieregelingen en lucratieve belangen

Online cursus Staken van de onderneming: (turbo)liquidatie, WHOA liquidatie akkoord

Basistraining AI voor de fiscale praktijk

Congres Estate Planning 2026

Meer opleidingen

Footer

  • Fiscaal nieuws
  • Opleidingen
  • Kennisbank
  • Vacatures
  • Over ons
  • Adverteren op Taxence
  • NDFR
  • JES! (ESG producten)
  • Fiscaal en meer
  • Addify
  • Tax Talks
  • Register Estate Planners (REP)
  • Contact
  • Linkedin
  • X
  • Facebook
  • Aanmelden nieuwsbrief
  • Naar Lefebvre Sdu Webshop

Taxence is een uitgave van
Lefebvre Sdu
Maanweg 174
2516 AB Den Haag

Powered by Lefebvre Sdu

  • Disclaimer
  • Privacy Statement en Cookiebeleid
lefebvre SDU

Het laatste nieuws van
Taxence in je mail?

×