• Skip to primary navigation
  • Skip to main content
  • Skip to primary sidebar
  • Skip to footer
  • Nieuwsbrief
  • Contact

Taxence

Taxence

  • Nieuws & achtergrond
    • Nieuws
    • Branchenieuws
    • Blogs
    • Verdieping
  • Thema’s
    • AI & Tax Technology
    • Arbeid & Loon
    • Belastingplan
    • BTW & Overdrachtsbelasting
    • BV & DGA
    • Duurzaamheid (ESG & CSRD)
    • Estate planning
    • Alle thema’s
  • Opleidingen
    • AI & Tax Tech
    • ESG & CSRD
    • Estate Planning
    • BTW
    • Vastgoed
    • Internationaal
    • Arbeid & Loon
    • Formeel
    • Familiebedrijven
    • VPB
    • Pensioen
  • Carrière
    • Personalia
    • Vacatures
    • Vacature toevoegen
    • Partners
  • Vakinformatie
    • NDFR
    • Addify
    • JES! Knowledge
    • Fiscaal en meer
    • Tax talks
    • Vakblad Estate Planning
    • Specials
  • Kennisbank

Buitenlands beleggingsfonds krijgt dividendbelasting terug

23 oktober 2020 door Remco Latour

aandelen

De Hoge Raad komt terug op een eerder arrest: een buitenlands beleggingsfonds is in beginsel toch te vergelijken met de Nederlandse fiscale beleggingsinstelling. Onder voorwaarden heeft een buitenlands fonds daarom recht op een teruggaaf van ingehouden dividendbelasting.

Rechtbank Zeeland-West-Brabant heeft meerdere prejudiciële vragen aan de Hoge Raad voorgelegd over de Nederlandse behandeling van portfoliodividenden uitgekeerd aan een in Duitsland gevestigd beleggingsfonds. In zijn arrest van 10 juli 2015, ECLI:NL:HR:2015:1777 had de Hoge Raad geoordeeld dat een buitenlandse fonds geen recht had op teruggave van dividendbelasting. Zie ook het commentaar van mr.dr. J.J.A.M. Korving in NTFR 2015/2035. De Hoge Raad vond een buitenlands beleggingsfonds namelijk niet vergelijkbaar met een in Nederland gevestigde fiscale beleggingsinstelling (fbi). Dit kwam alleen al doordat de door een buitenlands fonds aan zijn participanten ter beschikking gestelde winsten niet aan Nederlandse dividendbelasting zijn onderworpen. Nederland heeft evenmin heffingsrecht ter zake van de inkomsten van niet ingezeten participanten.

Hoge Raad gaat om

Maar nu komt de Hoge Raad terug van zijn arrest van 10 juli 2015. Een buitenlands fonds is in beginsel vergelijkbaar met een Nederlandse fbi. Het niet teruggeven van Nederlandse dividendbelasting valt niet te rechtvaardigen door dwingende redenen van algemeen belang. De interne samenhang van het Nederlandse belastingstelsel is immers ook te behouden door een andere, minder vergaande methode. Zo’n methode is toepasbaar als een buitenlands beleggingsfonds voldoet aan de voorwaarden van het regime voor fbi’s. Bij deze voorwaarden kan men denken aan de aandeelhouderseis zoals die geldt vanaf 1 augustus 2007 en de dooruitdelingseis. Voldoet een buitenlands fonds aan deze voorwaarden? Dan moet het  dividendbelasting terugkrijgen als het een bedrag betaalt dat gelijk is aan de belasting die in Nederland gevestigde fbi’s moeten inhouden op de aan hun participanten uitgekeerde winst. Daarmee zou de strijdigheid van de Nederlandse regelgeving met de vrijheid van kapitaalverkeer zijn weggenomen.

Rechtsherstel

Rechtsherstel is te bieden door teruggaaf van ingehouden dividendbelasting te verlenen met inachtneming van een vermindering (de vervangende betaling). Voor de berekening van de vervangende betaling gaat men uit van de belasting die het buitenlandse fonds op door hem uitgekeerde winst had moeten inhouden en in Nederland had moeten afdragen als zij in Nederland zou zijn gevestigd. Daarop wordt in mindering gebracht de tegemoetkoming wegens buiten Nederland door inhouding geheven belasting. Als deze berekening resulteert in een negatief bedrag, wordt de vervangende betaling gesteld op nihil. Voor zover het bedrag aan inhouding hoger is dan de vervangende betaling, bestaat recht op teruggaaf van ingehouden dividendbelasting. Wat betreft de dooruitdelingseis gaat de Hoge Raad nog in op de volgende situatie. Stel dat het buitenlandse beleggingsfonds de winst niet (volledig) uitkeert, maar deze winst in die lidstaat wordt geacht te zijn uitgekeerd en als zodanig wordt belast op het niveau van de participant. In dat geval voldoet men ook aan de dooruitdelingseis, aldus de Hoge Raad.

Verdrag: art. 63 VWEU

Wet: art. 28 Wet Vpb 1969 en art. 10 Wet DB 1965

Bron: Hoge Raad 23 oktober 2020, ECLI:NL:HR:2020:1674, 16/03954, 17/02428 en 19/01141

Filed Under: Fiscaal nieuws, Nieuws, Vpb & Div.bel

Reageer
Vorige artikel
Ondernemer moet tijdig fotobewijs bestelauto maken
Volgende artikel
Extra steun voor meer sectoren

Reader Interactions

Gerelateerde berichten

rente Vpb

Gevolgen uitspraak HR hoogte belastingrentepercentage Vpb

De Hoge Raad heeft op 16 januari 2026 beslist dat de Belastingdienst het hogere belastingrentepercentage niet mag toepassen op de vennootschapsbelasting. Daarom zal voor de vennootschapsbelasting hetzelfde belastingrentepercentage gelden als voor de andere belastingen meldt de Belastingdienst.

zeeschip

Geen fiscale eenheid door ontbreken economische eigendom aandelen bij prijsafspraak

Hof Arnhem-Leeuwarden oordeelt dat een bv nooit economisch eigenaar is geweest van aandelen in haar dochter wanneer vooraf een prijsafspraak is gemaakt die het waarderisico beperkt. Door deze afspraak kon geen fiscale eenheid ontstaan.

rente Vpb

Renteaftrek terecht beperkt ondanks marktconforme voorwaarden

De Hoge Raad bevestigt dat art. 10a Wet Vpb 1969 ook na recente EU-rechtspraak de volledige aftrek van rente kan weigeren. Dat geldt zelfs als de lening tegen marktconforme voorwaarden is afgesloten, zolang sprake is van een volstrekt kunstmatige constructie.

kantoor Londen

Britse verzekeringsmaatschappij krijgt geen teruggaaf dividendbelasting

Het hof oordeelt dat een Britse unit-linked verzekeraar geen recht heeft op teruggaaf van Nederlandse dividendbelasting. De verzekeraar is volgens het hof niet de opbrengstgerechtigde en ook niet de uiteindelijk gerechtigde tot de dividenden.

kapitaalverlies

Overwogen opties rond dekking arrest liquidatieverliesregeling

Het kabinet heeft verschillende opties onderzocht om de budgettaire gevolgen van het arrest van de Hoge Raad van 21 maart 2025 over de liquidatieverliesregeling op te vangen, maar geen daarvan bleek binnen de regeling zelf passend.

Geef een reactie Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Primary Sidebar

Opleidingen

Online cursus Wet Fiscaal Kwalificatiebeleid Rechtsvormen (incl. aanpassing FGR)

Online cursus Wet Fiscaal Kwalificatiebeleid Rechtsvormen (incl. aanpassing FGR)

Online cursus afwaarderen & kwijtschelden van vorderingen

Masterclass Fiscale aspecten fusies & overnames

PE-Pitstop Emigratie van de aanmerkelijk belanghouder

AGENDA

Online cursus afwaarderen & kwijtschelden van vorderingen

Masterclass Management- en werknemersparticipatie

Masterclass Btw-processen in SAP S/4HANA

Online cursus Afwikkeling van overnameregelingen in firmacontract en statuten

Masterclass Actualiteiten vermogensstructurering 2026

Verdiepende AI training voor de fiscale praktijk

Cursus AI-Implementatie – Organiseren van AI-geletterdheid

Masterclass Het ideale testament – Bestaat dat echt?

Online cursus Digitale nalatenschap in de praktijk: regelen én afwikkelen

Specialisatieopleiding btw en internationaal zakendoen

Meer opleidingen

Footer

  • Fiscaal nieuws
  • Opleidingen
  • Kennisbank
  • Vacatures
  • Over ons
  • Adverteren op Taxence
  • NDFR
  • JES! (ESG producten)
  • Fiscaal en meer
  • Addify
  • Tax Talks
  • Register Estate Planners (REP)
  • Contact
  • Linkedin
  • X
  • Facebook
  • Aanmelden nieuwsbrief
  • Naar Lefebvre Sdu Webshop

Taxence is een uitgave van
Lefebvre Sdu
Maanweg 174
2516 AB Den Haag

Powered by Lefebvre Sdu

  • Disclaimer
  • Privacy Statement en Cookiebeleid
lefebvre SDU

Het laatste nieuws van
Taxence in je mail?

×