• Skip to primary navigation
  • Skip to main content
  • Skip to primary sidebar
  • Skip to footer
  • Nieuwsbrief
  • Contact

Taxence

Taxence

  • Nieuws & achtergrond
    • Nieuws
    • Branchenieuws
    • Blogs
    • Verdieping
  • Thema’s
    • AI & Tax Technology
    • Arbeid & Loon
    • Belastingplan
    • BTW & Overdrachtsbelasting
    • BV & DGA
    • Duurzaamheid (ESG & CSRD)
    • Estate planning
    • Alle thema’s
  • Opleidingen
    • AI & Tax Tech
    • ESG & CSRD
    • Estate Planning
    • BTW
    • Vastgoed
    • Internationaal
    • Arbeid & Loon
    • Formeel
    • Familiebedrijven
    • VPB
    • Pensioen
  • Carrière
    • Personalia
    • Vacatures
    • Vacature toevoegen
    • Partners
  • Vakinformatie
    • NDFR
    • Addify
    • JES! Knowledge
    • Fiscaal en meer
    • Tax talks
    • Vakblad Estate Planning
    • Specials
  • Kennisbank

Parkeren staat voor btw toch los van attractiepark

11 mei 2021 door Remco Latour

De Hoge Raad heeft de knoop doorgehakt: het aanbieden van parkeergelegenheid aan bezoekers van een attractiepark is een prestatie die op zich zelf staat. Deze prestatie is daarom niet belast tegen het verlaagde btw-tarief, maar tegen het normale btw-tarief.

Een bv exploiteert een attractiepark. Bezoekers van het park betalen een entreeprijs. De entreegelden zijn belast naar het verlaagde omzetbelastingtarief (dagrecreatie). Bezoekers die met de auto naar het attractiepark gaan, kunnen tegen een afzonderlijke vergoeding parkeren op een daarvoor bestemd, met slagbomen afgesloten parkeerterrein. Hof Den Bosch heeft geoordeeld dat de parkeergelegenheid niet kwalificeert als een zelfstandige prestatie. Het gaat hier volgens het hof  om een bijkomende handeling bij het verlenen van toegang tot het park. Dit brengt mee dat de parkeergelden ook belast zijn naar het verlaagde tarief. Zie ook: NTFR 2019/2004 en ‘Wel laag btw-tarief voor parkeerterrein bij attractiepark’.

Perspectief van de bezoeker

De Hoge Raad vernietigt de hofuitspraak. Vanuit het perspectief van de gemiddelde bezoeker heeft de parkeerdienst een afzonderlijk belang ten opzichte van het bezoek aan het attractiepark. Het parkeren van de auto houdt immers alleen verband met de wijze waarop de bezoeker het attractiepark bereikt en niet met het verblijf in het attractiepark. Het parkeren is een doel op zich. Dat doel vormt geen ondeelbare economische prestatie met het verlenen van toegang tot het attractiepark. Verder faalt het beroep van de bv op het gelijkheidsbeginsel. Zij is namelijk niet te vergelijken is met exploitanten van kampeer- en hotelbedrijven die het verlaagde tarief mogen toepassen voor het geven van parkeergelegenheid aan kampeerders en personen die voor korte termijn verblijf houden.

Wet: art. 9, tweede lid, onderdeel a en Tabel I, post b.14, onderdeel g Wet OB 1968

Bron: Hoge Raad 7 mei 2021, ECLI:NL:HR:2021:699, 19/02610

Filed Under: BTW & overdrachtsbelasting, Fiscaal nieuws, Nieuws

Reageer
Vorige artikel
Exporteur moet militaire conflicten bijhouden
Volgende artikel
Belastingplichtigen voor de kansspelbelasting

Reader Interactions

Gerelateerde berichten

Standpunt samenloopvrijstelling bij beherend vennoot CV

De Kennisgroep overdrachtsbelasting beantwoordt de vraag of de samenloopvrijstelling geldt bij de verkrijging van aandelen in een beherend vennoot van een CV met de (economische) eigendom van een bouwterrein.

schoonheidssalon

Standpunt medische vrijstelling (schoonheidsspecialiste)

De Kennisgroep omzetbelasting heeft de vraag beantwoord of bepaalde diensten van een schoonheidsspecialiste zijn vrijgesteld.

kamer-leeg opvang

Standpunt inbrengvrijstelling bij onroerende zaken die geen functie meer vervullen in onderneming

De Kennisgroep overdrachtsbelasting neemt een standpunt in over de inbreng van onroerende zaken die nog wel kwalificeren als ondernemingsvermogen voor de IH maar geen functie meer vervullen in de onderneming.

Internetconsultatie suikerbelasting

Het ministerie van Financiën is een internetconsultatie gestart over suikerbelasting.

coronakorting voor hotel

Geen samenloopvrijstelling OVB bij verbouwd kantoorgebouw

Hof ’s-Hertogenbosch oordeelt dat de transformatie van een kantoorgebouw naar hotel niet leidt tot een vervaardigd goed. Daardoor is de samenloopvrijstelling voor de overdrachtsbelasting niet van toepassing.

Geef een reactie Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Primary Sidebar

Opleidingen

Stoomcursus btw en internationaal zakendoen

Masterclass Overdrachtsbelasting

Nationaal Btw Congres 2026

Online cursus BTW, factuurvereisten en ViDA

Masterclass Btw-processen in SAP S/4HANA

AGENDA

Online cursus Schenken en lenen in familieverband

Meerdaagse opleiding Vastgoedfiscaliteiten

Stoomcursus AI voor Fiscale professionals

Online cursus toepassing box 3 in de praktijk

Future Fit Professionals

Stoomcursus btw en internationaal zakendoen

Online cursus Immigrerende DGA’s: fiscale gevolgen en sociale zekerheid bij migratie naar Nederland

Online Basistraining AI voor de fiscale praktijk

Online cursus BTW, factuurvereisten en ViDA

Verdiepingscursus Tweetrapsmakingen opzetten en afwikkelen

Meer opleidingen

Footer

  • Fiscaal nieuws
  • Opleidingen
  • Kennisbank
  • Vacatures
  • Over ons
  • Adverteren op Taxence
  • NDFR
  • JES! (ESG producten)
  • Fiscaal en meer
  • Tax Talks
  • Register Estate Planners (REP)
  • Contact
  • Linkedin
  • X
  • Facebook
  • Aanmelden nieuwsbrief
  • Naar Lefebvre Sdu Webshop

Taxence is een uitgave van
Lefebvre Sdu
Maanweg 174
2516 AB Den Haag

Powered by Lefebvre Sdu

  • Disclaimer
  • Privacy Statement en Cookiebeleid
lefebvre SDU

Het laatste nieuws van
Taxence in je mail?

Aanmelden

 

×