WOZ - dat uit de matrix van de heffingsambtenaar niet direct volgt hoe de KOUDV-factoren zijn verrekend, leidt niet per definitie tot de conclusie dat de waarde te hoog is vastgesteld. Hoewel de heffingsambtenaar erkent dat het voorzieningenniveau van de ... lees verder
ECLI:NL:RBNNE:2026:913 Rechtbank Noord-Nederland, 26-03-2026, AWB_LEE_24-4706
WOZ/PKV beroepsfase/buiten zitting/gegrondMeer informatie: https://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBNNE:2026:913&pk_campaign=rss&pk_medium=rss&pk_keyword=uitspraken ... lees verder
ECLI:NL:RBMNE:2026:1304 Rechtbank Midden-Nederland, 04-03-2026, UTR 24/5396
WOZ. De heffingsambtenaar heeft aannemelijk gemaakt dat de waarde niet te hoog is vastgesteld. Het beroep is ongegrond.Meer informatie: ... lees verder
ECLI:NL:GHARL:2026:2008 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 31-03-2026, 24/384
Wet Woz. Proceskostenvergoeding.Meer informatie: https://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHARL:2026:2008&pk_campaign=rss&pk_medium=rss&pk_keyword=uitspraken ... lees verder
ECLI:NL:GHARL:2026:2007 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 31-03-2026, 24/347
Wet Woz. Proceskostenvergoeding.Meer informatie: https://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHARL:2026:2007&pk_campaign=rss&pk_medium=rss&pk_keyword=uitspraken ... lees verder
ECLI:NL:RBNHO:2026:2059 Rechtbank Noord-Holland, 23-02-2026, AWB – 22 _ 2362
Omzetbelasting. De rechtbank komt tot het oordeel dat het beroep voor zover dit is gericht tegen de teruggaafbeschikking niet-ontvankelijk is omdat eiseres tegen de teruggaafbeschikking geen bezwaar heeft gemaakt. Inhoudelijk is in geschil of eiseres (een ... lees verder
ECLI:NL:RBAMS:2026:3274 Rechtbank Amsterdam, 23-03-2026, AMS 25/6708
parkeerbelasting; p-v mondelinge uitspraak; parkeerapp niet op tijd aangezet; beroep op evenredigheidsbeginsel slaagt niet; geen bijzondere omstandigheden aangevoerd; verslapen komt voor eigen risico.Meer informatie: ... lees verder
ECLI:NL:GHDHA:2026:350 Gerechtshof Den Haag, 03-02-2026, BK-24/545
Artikel 3.92, lid 1, aanhef en letter a, en art. 3.94 Wet IB 2001. Het Hof oordeelt dat de geldverstrekking, anders dan de Inspecteur stelt, civielrechtelijk kan worden aangemerkt als lening, alsmede dat geen sprake is van een schijnlening of een ... lees verder
