Art. 3, eerste lid, art. 17, tweede lid en art. 33, eerste lid, van de Wet MRB; bestelautotarief; inrichtingseisen; naheffing. Tijdens een controle is geconstateerd dat belanghebbende een overkapping met ruiten aan de rechter- en linkerzijde heeft aangebracht ... lees verder
ECLI:NL:RBZWB:2018:5084 Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 30-08-2018, AWB – 17 _ 4680
Artikel 7:2, 7:4 en 8:42 Awb Aan belanghebbende is een navorderingsaanslag successierecht opgelegd omdat hij volgens de inspecteur gerechtigd is tot door erflaatster in het buitenland aangehouden vermogen. De inspecteur baseert dit op een becijfering van de ... lees verder
ECLI:NL:RBZWB:2018:5074 Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 30-08-2018, AWB – 18 _ 1128
Art 6:5 en 6:6 Awb In geschil is of de motivering van het bezwaarschrift tijdig is ingediend. De rechtbank is van oordeel dat sprake is van een door de inspecteur veroorzaakte onduidelijkheid over het einde van de termijn en dat deze onduidelijkheid niet voor ... lees verder
ECLI:NL:RBZWB:2018:5028 Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 24-08-2018, BRE – 17 _ 742
Artikel 110 VWEU en artikel 8 Uitvoeringsregeling (UR) Bpm Rekening houden met waardevermindering voor zover die betrekking hebben op essentiële gebreken? Rechtbank: artikel 8, lid 3, UR Bpm op de wijze zoals uitgelegd door de inspecteur, is in strijd met het ... lees verder
ECLI:NL:RBZWB:2018:5027 Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 24-08-2018, BRE – 17 _ 1617
Artikel 110 VWEU en artikel 8 Uitvoeringsregeling (UR) Bpm Rekening houden met waardevermindering voor zover die betrekking hebben op essentiële gebreken? Rechtbank: artikel 8, lid 3, UR Bpm op de wijze zoals uitgelegd door de inspecteur, is in strijd met het ... lees verder
ECLI:NL:RBZWB:2018:4993 Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 03-08-2018, BRE – 17 _ 2407
WOZ-beschikking; procesbelang; art. 22, 24, 26 en 28 Wet WOZ; art. 26a AWR; Belanghebbende heeft ter zake van een woning waarin hij en zijn ex-echtgenote voorheen samen woonden een eigen WOZ-beschikking voor het jaar 2016 aangevraagd en verkregen. De ... lees verder
ECLI:NL:HR:1954:AY2788 Hoge Raad, 20-01-1954, 11 610
Heeft appellant werkzaamheden (doen) verricht(en) die kunnen worden aangemerkt als uitoefening van een bosbedrijf (artikel 22 lid 1 IB 1941)? Was de opbrengst hieruit belastbaar volgens het Besluit op de Inkomstenbelasting 1941? Het woord bosbedrijf moet in ... lees verder
ECLI:NL:RBZWB:2018:4992 Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 17-08-2018, BRE – 17 _ 1242
Inkomstenbelasting; aftrekbaarheid vooruitbetaalde eigenwoningrente; art. 24a AWR; art. 3.119a, 3.120 en 3.151 Wet IB 2001; art. 38 Wet IB 1964; In de aangifte IB/PVV 2014 van erflaatster is een aftrekpost eigenwoningrente aangegeven. Volgens belanghebbenden ... lees verder
