• Skip to primary navigation
  • Skip to main content
  • Skip to primary sidebar
  • Skip to footer
  • Nieuwsbrief
  • Contact

Taxence

Taxence

  • Nieuws & achtergrond
    • Nieuws
    • Branchenieuws
    • Blogs
    • Verdieping
  • Thema’s
    • AI & Tax Technology
    • Arbeid & Loon
    • Belastingplan
    • BTW & Overdrachtsbelasting
    • BV & DGA
    • Duurzaamheid (ESG & CSRD)
    • Estate planning
    • Alle thema’s
  • Opleidingen
    • AI & Tax Tech
    • ESG & CSRD
    • Estate Planning
    • BTW
    • Vastgoed
    • Internationaal
    • Arbeid & Loon
    • Formeel
    • Familiebedrijven
    • VPB
    • Pensioen
  • Carrière
    • Personalia
    • Vacatures
    • Vacature toevoegen
    • Partners
  • Vakinformatie
    • NDFR
    • Addify
    • JES! Knowledge
    • Fiscaal en meer
    • Tax talks
    • Vakblad Estate Planning
    • Specials
  • Kennisbank

Nieuw huwelijksvermogensrecht

27 februari 2017 door Jan-Ger Knot

Niet alleen in Nederland houdt de wetgever zich met het huwelijksvermogensrecht bezig. Ook de Euro­pese wetgever laat zich op dit terrein niet onbetuigd. Op 24 juni jl. stelde deze namelijk een nieuwe verordening vast. Deze verordening bepaalt onder meer welk huwelijksvermogensrecht in grensoverschrijdende gevallen van toepassing is.

Uniforme regels

Verschillen de echtgenoten van nationaliteit of wonen zij bijvoorbeeld in het buitenland, dan rijst de vraag welk recht hun huwelijksvermogensregime beheerst. Nu nog bepaalt Nederland dit aan de hand van een verdrag, waarbij naast Nederland alleen Frankrijk en Luxemburg zijn aangesloten. Verder past ieder land zijn eigen regels toe. Niet erg handig natuurlijk, in een wereld waarin steeds meer mensen hun heil ook buiten de eigen landsgrenzen zoeken. Dat gaat met de komst van de verordening dan ook veranderen. Alle achttien lidstaten waar de verordening zal gaan gelden (waaronder Nederland), passen voortaan dezelfde conflictregels toe. En als het goed is, komt men dan ook tot hetzelfde oordeel over het toepasselijke huwelijksvermogensrecht. Dit betekent dat bijvoorbeeld huwelijkse voorwaarden gemakkelijker in het buitenland worden erkend. Ook het belangrijke estate planningsinstrument van de rechtskeuze zal in alle deelnemende lidstaten geldig zijn.

 

Welk recht is van toepassing?

Hebben de echtgenoten geen rechtskeuze uitgebracht, dan geldt voor hen het recht van het land waar zij zich na hun huwelijk hebben gevestigd. Blijven zij in verschillende landen wonen, dan is het recht van hun gemeenschappelijke nationaliteit van toepassing. Ontbreekt ook die, dan geldt het recht waarmee de echtgenoten het nauwst zijn verbonden. In het kader van de estate planning verdient het natuurlijk aanbeveling zelf het toepasselijke recht vast te leggen. Dit kan bijvoorbeeld door in de huwelijkse voorwaarden een rechtskeuzebeding op te nemen. De keuzemogelijkheden zijn beperkt tot rechtsstelsels waarmee een nauwe band bestaat. De echtgenoten mogen kiezen voor het recht van het land van de nationaliteit of de gewone verblijfplaats van een van hen.

 

Vooruitgang?

De Europese verordening zal zeker een vooruitgang betekenen voor de eenvoud van de afwikkeling van grensoverschrijdende huwelijksboedels in de deelnemende landen. De kring van achttien lidstaten kan bovendien nog groter worden. Ook zullen de mogelijkheden om maatregelen van estate planning in het buitenland erkend te krijgen, toenemen. Dit geldt overigens alleen voor de civiele aspecten; fiscale zaken blijven buiten schot. We moeten wel nog even geduld hebben. De verordening zal van toepassing zijn op huwelijken die na 29 januari 2019 worden gesloten. Voor huwelijken van voor deze datum blijven de oude regels gelden, tenzij na deze datum een rechtskeuze wordt uitgebracht. Ook echtgenoten die reeds voor 29 januari 2019 zijn gehuwd, kunnen op deze wijze van de estate planningsinstrumenten uit de nieuwe verordening profiteren.

 

Tijdens de PE-Pitstop van 13 maart 2017 vertelt mr.dr. Jan-Ger Knot u alle ins en outs op het terrein van internationaal huwelijksvermogens- en erfrecht. > Meer informatie en aanmelden

Filed Under: Blogs

Reageer
Vorige artikel
Keuzes bij beleggen in private equity-fondsen
Volgende artikel
Het salaris van de DGA: gebruikelijk getoetst

Reader Interactions

Gerelateerde berichten

Opinie | Over fiscale veranderlijkheid en het einde van de partieel buitenlandse belastingplicht

Het zijn stormachtige tijden in de wereld van box 3. Met de komst van het nieuwe kabinet en de huidige focus op de toekomst van onze vermogensrendementsheffing, is een ander thema plots weer even buiten beeld: de expats. De nieuwe regering heeft in het coalitieakkoord aangegeven de expatregeling niet verder te gaan aanpassen. Toch was... lees verder

Opinie | Fiscale entropie of de wet van de toenemende ellende

De fiscale wetgeving wordt in de loop der jaren steeds omvangrijker en complexer. In deze NTFR opinie stelt dr. Harrie Bresser dat het uit de thermodynamica afkomstige begrip entropie zich ook in de fiscaliteit manifesteert. Harrie Bresser pleit voor maatregelen om deze kennelijk min of meer natuurlijke ontwikkeling te beperken en doet daartoe enkele suggesties en een oproep aan het nieuwe kabinet.

Opinie | Een EU-zege voor de evenredigheid, nu Nederland nog …

In deze NTFR/NDFR Opinie bespreekt Fons Ravelli het arrest Commissie v. België (C-524/23) dat volgens hem merkwaardige gevolgen heeft voor artikel 8b Wet Vpb 1969. Daarnaast betoogt hij dat door de uitleg die het HvJ in die zaak geeft aan het EU-evenredigheidsbeginsel, meerdere Nederlandse antimisbruikbepalingen vermoedelijk strijdig zijn met EU-recht.

Opinie | What’s coming tomorrow: trouble and sorrow?

In deze NTFR Opinie wijst mr. Fred van Horzen op het risico dat de Side-by-Side Veilige Haven het einde van de Pijler 2-richtlijn en de Wet minimumbelasting 2024 kan betekenen, met uitzondering van de kwalificerende binnenlandse bijheffing. Lees de hele NTFR/NDFR Opinie gratis via NDFR NDFR Thema’s & Tools Kom als adviseur sneller tot een... lees verder

Opinie | De indirectebezitseis in de BOR

In het verwijzingsarrest van de zogenoemde ‘Horen en Zien’-zaak ging het om de indirectebezitseis voor de BOR (HR 30 januari 2026, NTFR 2026/234). Dat is de eis dat de vennootschap waarvan de aandelen worden geschonken minimaal vijf jaar een (toegerekende) onderneming heeft gedreven. Prof. mr. dr. P.G.H. (Philippe) Albert bespreekt enkele aspecten van de indirectebezitseis.... lees verder

Geef een reactie Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Primary Sidebar

AGENDA

Basiscursus Estate planning

Masterclass Actualiteiten vermogensstructurering 2026

Masterclass Box 3 – Forfaitair stelsel met een Tegenbewijsregeling en de toekomst na 2028

Stoomcursus Vastgoedrekenen en -financieren

Masterclass verantwoord adviseren: Ethiek als kompas in de fiscaliteit

Masterclass Overdrachtsbelasting

Verdiepingscursus Afwikkeling van nalatenschappen

Verdiepingscursus Tweetrapsmakingen opzetten en afwikkelen

Specialisatieopleiding Vermogensstructurering

Online cursus toepassing box 3 in de praktijk

Meer opleidingen

Footer

  • Fiscaal nieuws
  • Opleidingen
  • Kennisbank
  • Vacatures
  • Over ons
  • Adverteren op Taxence
  • NDFR
  • JES! (ESG producten)
  • Fiscaal en meer
  • Addify
  • Tax Talks
  • Register Estate Planners (REP)
  • Contact
  • Linkedin
  • X
  • Facebook
  • Aanmelden nieuwsbrief
  • Naar Lefebvre Sdu Webshop

Taxence is een uitgave van
Lefebvre Sdu
Maanweg 174
2516 AB Den Haag

Powered by Lefebvre Sdu

  • Disclaimer
  • Privacy Statement en Cookiebeleid
lefebvre SDU

Het laatste nieuws van
Taxence in je mail?

×