• Skip to primary navigation
  • Skip to main content
  • Skip to primary sidebar
  • Skip to footer
  • Nieuwsbrief
  • Contact

Taxence

Taxence

  • Nieuws & achtergrond
    • Nieuws
    • Branchenieuws
    • Blogs
    • Verdieping
  • Thema’s
    • AI & Tax Technology
    • Arbeid & Loon
    • Belastingplan
    • BTW
    • BV & DGA
    • Duurzaamheid (ESG & CSRD)
    • Estate planning
    • Alle thema’s
  • Opleidingen
    • AI & Tax Tech
    • ESG & CSRD
    • Estate Planning
    • BTW
    • Vastgoed
    • Internationaal
    • Arbeid & Loon
    • Formeel
    • Familiebedrijven
    • VPB
    • Pensioen
  • Belastingplan
  • Carrière
    • Personalia
    • Vacatures
    • Vacature toevoegen
    • Partners
  • Vakinformatie
    • NDFR
    • Addify
    • JES! Knowledge
    • Fiscaal en meer
    • Tax talks
    • Vakblad Estate Planning
    • Specials
  • Kennisbank

Splitsingsvrijstellingcuriositeiten

3 september 2018 door mark robben

De splitsingsvrijstelling in de overdrachtsbelasting vormt na twintig jaar geen onbekend fenomeen meer binnen de fiscaliteit. Maar dat wil – jammer genoeg – nog niet zeggen dat men bij de (voorgenomen) toepassing daarvan niet voor verrassingen kan komen te staan.

Artikel 15, eerste lid, onderdeel h, Wet op belastingen van rechtsverkeer 1970 bevat een vrijstelling voor overdrachtsbelasting ter zake van het verkrijgen van Nederlands vastgoed in het kader van fusies, splitsingen of interne reorganisaties. Onderdeel van deze vrijstelling vormt de zogeheten splitsingsvrijstelling, welke nader is uitgewerkt in artikel 5c Uitvoeringsbesluit belastingen van rechtsverkeer 1971 (UB 1971). Ondanks dat deze splitsingsvrijstelling inmiddels meer dan twintig jaar oud is – zij is in per 1 februari 1998 (zie Stb. 1999, 68) in werking getreden en nadien wel iets gewijzigd maar in de kern onveranderd gebleven – stuit men bij de toepassing daarvan ook vandaag de dag nog op eigenaardigheden.

 

Ontbrekende voorafgaande toetsingsmogelijkheid

Een daarvan betreft de zogeheten zakelijkheidstoets. Wil men een beroep kunnen doen op de splitsingsvrijstelling dan moet kort gezegd sprake zijn van ‘zakelijke overwegingen’. Deze zakelijkheidstoets sluit qua formulering nauw aan bij de zakelijkheidstoets die geldt voor de gelijknamige splitsingsvrijstelling in de vennootschapsbelasting. Maar in tegenstelling tot de splitsingsvrijstelling in de vennootschapsbelasting, kent de splitsingsvrijstelling in de overdrachtsbelasting niet de mogelijkheid om de aan een splitsing ten grondslag liggende motieven vooraf op hun zakelijkheid te laten toetsen, en die toetsing desgewenst aan een fiscale rechter voor te leggen. Het ontbreken van die voorafgaande toetsingsmogelijkheid kan in de praktijk als problematisch worden ervaren, en zodoende het doorzetten van een juridische splitsing in de weg staan. Dit terwijl een redelijke oplossing daarvoor voor het oprapen ligt, namelijk het opnemen van een voorafgaande toetsingsmogelijkheid in artikel 5c UB 1971. Waarom dat tot op heden niet is gebeurd, is mij niet duidelijk en vind ik eerlijk gezegd ook onbegrijpelijk.

 

Uitstel van belastingheffing?

Opvallend is verder dat in voormelde zakelijkheidstoets gerefereerd wordt aan het ontgaan of uitstellen van belastingheffing. De eerdergenoemde splitsingsvrijstelling in de vennootschapsbelasting bevat een gelijkluidende voorwaarde. Maar in relatie tot de overdrachtsbelasting zelf kan – vanwege haar aard – bezwaarlijk worden gesproken van ‘het uitstellen van belastingheffing’. Of dient dat element in splitsingsvrijstelling in de overdrachtsbelasting ruimer te worden opgevat en omvat zij ook andere belastingen? Een soort omgekeerde ‘Zwijnenburg-casus’, waarin met betrekking tot de zakelijkheidtoets in de bedrijfsfusievrijstelling in de vennootschapsbelasting werd beslist dat die juist geen betrekking heeft op de overdrachtsbelasting, aangezien laatstgenoemde belasting buiten de werkingssfeer van de Fusierichtlijn valt (zie HvJ EU C-352/08). Kortom, de reikwijdte van dit aspect van de zakelijkheidstoets in de splitsingsvrijstelling in de overdrachtsbelasting is niet helemaal helder. Vermeldenswaardig in dit verband is de uitspraak van rechtbank Noord-Holland van 31 januari 2018 over de splitsingsvrijstelling in de overdrachtsbelasting. Daarin refereert de rechtbank aan HR BNB 2012/261 betreffende de splitsingsvrijstelling in de vennootschapsbelasting. In dat arrest verwijst de Hoge Raad voor de invulling van de zakelijkheidstoets naar de antimisbruikbepaling in de Fusierichtlijn. Dus, ondanks dat die richtlijn geen betrekking heeft op de overdrachtsbelasting lijkt de rechtbank daar (indirect) toch aansluiting bij te zoeken.

 

Verwarrende aanhoudingseis

Toepassing van de splitsingsvrijstelling in de overdrachtsbelasting heeft tot gevolg dat een aanhoudingseis van drie jaar komt te rusten op de aandelen in de verkrijgende rechtspersoon. De daarin gebezigde term ‘verkrijgende rechtspersoon’ wordt ook gebruikt in de aanhoudingseis opgenomen in de hiervoor al genoemde splitsingsvrijstelling in de vennootschapsbelasting. Hoewel het gebruik van die term vanuit civielrechtelijk oogpunt valt te begrijpen – artikel 2:334a BW hanteert ook termen als ‘verkregen’ en ‘verkrijgende’ –, schept dat in relatie tot de heffing van overdrachtsbelasting verwarring. Het verkrijgen van Nederlands vastgoed vormt immers de basis voor de heffing van overdrachtsbelasting. Maar niet iedere verkrijgende rechtspersoon in zin van artikel 2:334a BW, verkrijgt ook daadwerkelijk Nederlands vastgoed en is zodoende onderworpen aan de heffing van overdrachtsbelasting. Indachtig het civielrechtelijke vertrekpunt voor de splitsingsvrijstelling dient zich alsdan een opmerkelijk gevolg aan: ook de aandelen in de niet-verkrijgende rechtspersoon (in overdrachtsbelastingtechnische zin) lijken onder klem van de aanhoudingseis te liggen, omdat in civielrechtelijk opzicht wel sprake is van een verkrijgende rechtspersoon. Vanuit overdrachtsbelastingtechnisch perspectief wringt dat, temeer daar het overtreden daarvan consequenties heeft voor echte verkrijgers in zin van de overdrachtsbelasting, die bij de (eerdere) splitsing betrokken waren. Kortom, de huidige aanhoudingseis in artikel 5c UB lijkt in dit opzicht onvoldoende te zijn toegesneden op de overdrachtsbelasting.

 

Meer weten? Op 16 mei behandelt Mark Robben in 3 uur de overdrachtsbelastingtechnische aspecten van fusies, splitsingen en interne reorganisaties voor zowel het verleden, heden als de toekomst. > Meer informatie

Filed Under: Blogs

Reageer
Vorige artikel
De vaste inrichting en tax planning (Branch Revisited)
Volgende artikel
Goed nieuws voor vastgoedfamiliebedrijven

Reader Interactions

Gerelateerde berichten

uitleg postbezorging

Opinie | Postbezorging: Het evenwicht tussen staat en burger is zoek

In deze NTFR Opinie gaat mr. dr. Rosery Niessen in op de nog altijd aanwezige problemen in de bewijspositie van belastingplichtigen dat een geschrift tijdig door de Belastingdienst is ontvangen. Zowel de wetgever als de Belastingdienst worden opgeroepen om wijzigingen in de werkwijze door te voeren waarmee het risico van de bewijsvoering bij belastingplichtigen wordt weggehaald.

Opinie | Wel op tijd of niet op tijd betalingsonmacht gemeld? Hoe de coronagoedkeuring voor verwarring zorgt

Als een vennootschapsbelastingplichtig lichaam haar loon- en omzetbelastingschulden niet kan betalen, moet de bestuurder van dit lichaam dit tijdig melden. Doet deze dit niet, dan loopt de bestuurder een aansprakelijkheidsrisico. Tijdens de covid-pandemie gold tijdelijk een versoepelde regeling voor de tijdigheid van deze melding. Nu, vijf jaar na dato, blijkt deze regeling tot verwarring en... lees verder

advocaat

Zuivere uitleg van het verschoningsrecht van de fiscaal advocaat – het spook van de Van Doorne-zaak

Geldt het verschoningsrecht van een fiscaal advocaat alleen bij procederen, of ook bij advisering? Die vraag raakt rechtstreeks aan het vertrouwen dat cliënten moeten kunnen stellen in de vertrouwelijkheid van hun communicatie met een advocaat. In deze NTFR Opinie onderzoekt mr. Vanessa Huygen van Dyck-Jagersma, waar de verwarring over de reikwijdte van het verschoningsrecht vandaan... lees verder

fiscale arresten Hoge Raad 26 januari 2024

Opinie | Nieuw gereedschap voor de belastingrechter

Per 1 januari 2027 is het mogelijk om beroep bij de belastingrechter in te stellen tegen beslissingen van de ontvanger inzake uitstel van betaling en kwijtschelding van rijksbelastingen. In deze NTFR Opinie schetst mr. A.A. Fase de contouren van deze nieuwe rechtsgang schetsen en enkele knelpunten en kansen benoemen, met name vanuit het streven naar... lees verder

verruiming exportkredietverzekeringen

Opinie | Van buitenlandse naar binnenlandse belastingplicht

Bij aanvang van de subjectieve belastingplicht moet een fiscale openingsbalans worden opgesteld waarop alle vermogensbestanddelen worden gewaardeerd tegen de waarde in het economische verkeer. Uiteraard zijn er ten aanzien van de fiscale openingsbalans nog genoeg vraagpunten. Het concept is echter duidelijk. Maar wat gebeurt er bij een verschuiving van de buitenlandse belastingplicht naar de binnenlandse... lees verder

Geef een reactie Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Primary Sidebar

AGENDA

Online cursus introductie participatieregelingen en lucratieve belangen | PE Accreditatie

Masterclass Management- en werknemersparticipatie | PE Accreditatie

Verdiepingscursus Internationale estate planning | PE Accreditatie

Specialisatieopleiding Erfrecht | PE Accreditatie

Masterclass Vastgoedfiscaliteiten | PE Accreditatie

Stoomcursus Vastgoedrekenen en -financieren | PE Accreditatie

Online cursus Wet Fiscaal Kwalificatiebeleid Rechtsvormen (incl. aanpassing FGR) | PE Accreditatie

Online cursus De positie van de samenwoner in de inkomstenbelasting, relatievermogensrecht en vermogensplanning – Civiel en fiscaal | PE Accreditatie

Online cursus Technisch aanmerkelijk belang | PE Accreditatie

Masterclass verantwoord adviseren: Ethiek als kompas in de fiscaliteit | PE Accreditatie

Meer opleidingen

Footer

  • Fiscaal nieuws
  • Opleidingen
  • Kennisbank
  • Vacatures
  • Over ons
  • Adverteren op Taxence
  • NDFR
  • Fiscaal en meer
  • Tax Talks
  • Register Estate Planners (REP)
  • Contact
  • Linkedin
  • X
  • Facebook
  • Aanmelden nieuwsbrief
  • Naar Lefebvre Sdu Webshop

Taxence is een uitgave van
Lefebvre Sdu
Maanweg 174
2516 AB Den Haag

Powered by Lefebvre Sdu

  • Disclaimer
  • Privacy Statement en Cookiebeleid
lefebvre SDU

Het laatste nieuws van
Taxence in je mail?

Aanmelden

 

×