• Skip to primary navigation
  • Skip to main content
  • Skip to primary sidebar
  • Skip to footer
  • Nieuwsbrief
  • Contact

Taxence

Taxence

  • Nieuws & achtergrond
    • Nieuws
    • Branchenieuws
    • Blogs
    • Verdieping
  • Thema’s
    • AI & Tax Technology
    • Arbeid & Loon
    • Belastingplan
    • BTW & Overdrachtsbelasting
    • BV & DGA
    • Duurzaamheid (ESG & CSRD)
    • Estate planning
    • Alle thema’s
  • Opleidingen
    • AI & Tax Tech
    • ESG & CSRD
    • Estate Planning
    • BTW
    • Vastgoed
    • Internationaal
    • Arbeid & Loon
    • Formeel
    • Familiebedrijven
    • VPB
    • Pensioen
  • Carrière
    • Personalia
    • Vacatures
    • Vacature toevoegen
    • Partners
  • Vakinformatie
    • NDFR
    • Addify
    • JES! Knowledge
    • Fiscaal en meer
    • Tax talks
    • Vakblad Estate Planning
    • Specials
  • Kennisbank

Europese overeenstemming over btw in digitale tijdperk

6 november 2024 door Remco Latour

Hoewel het voorstel met betrekking tot de btw-regels voor het digitale tijdperk nog niet formeel is aangenomen, hebben de EU-lidstaten wel politieke overeenstemming bereikt.

De Raad van de Europese Unie heeft bekend gemaakt dat op 5 november 2024 een politiek akkoord is bereikt met betrekking tot de btw-regels voor het digitale tijdperk (Value added tax rules in the digital age, afgekort als VIDA). Maar er moeten nog een paar formele stappen worden genomen voordat men het wetsvoorstel formeel aanneemt. Toch is de kans groot dat de geplande wijzigingen in de btw-regelgeving zullen doorgaan. De overeenkomst ziet grofweg gezegd op regels waardoor:

  • de verplichtingen met betrekking tot de btw-rapportage voor grensoverschrijdende transacties tegen 2030 een volledig digitaal karakter krijgen;
  • online platformen verplicht worden om in de meeste gevallen waarin individuele dienstverleners geen btw in rekening brengen om btw te betalen over kortdurend verblijf en passagiersvervoer; en
  • de btw one stop shop-regelingen worden verbeterd en uitgebreid zodat bedrijven zich niet hoeven te registreren in iedere lidstaat waar zij zakendoen.

Digitalisering btw-rapportageverplichtingen

Btw-ondernemers zullen e-facturen uitreiken voor grensoverschrijdende business-to-business-transacties en de gegevens automatisch rapporteren aan de desbetreffende fiscale autoriteit. Dit zal gebaseerd zijn op de bestaande Europese standaard voor e-facturatie op het gebied van overheidsopdrachten. De nationale belastingdiensten zullen de gegevens vervolgens delen via een nieuw IT-systeem dat analyses van verdachte activiteiten kan leveren. Zo ontvangen de lidstaten snelle en volledige informatie over grensoverschrijdende transacties die zij kunnen gebruiken om btw-fraude te bestrijden. Dit EU-systeem moet in 2030 operationeel zijn. Tegen 2035 moeten alle bestaande nationale systemen toepasbaar zijn binnen het EU-systeem.

Verplichtingen online platformen

Volgens de nieuwe regels zullen exploitanten van de platformeconomie verantwoordelijk zijn voor het innen en afdragen van de btw. Het gaat daarbij om de gevallen waarin de feitelijke dienstverleners zelf geen btw betalen. Daarom zal het platform de btw rechtstreeks bij de klant moeten innen om vervolgens die btw af te dragen aan de fiscus. Alle lidstaten zijn verplicht om hun nationale wetgeving aan deze regels te hebben aangepast op 1 juli 2028. Maar de lidstaten hebben ook de vrijheid om de toepassing daarvan uit te stellen tot 1 januari 2030. Bovendien is het zo dat de nationale implementatie van de nieuwe regels niet mag leiden tot onnodige administratieve lasten als de kleineondernemersregeling van toepassing is.

Voorkomen van te veel btw-registraties

De nieuwe regels zullen de reikwijdte van de bestaande ‘one-stop-shops’ uitbreiden naar de verkoop tussen bedrijven aan consumenten van bepaalde producten, zoals elektriciteit of gas, die plaatsvinden binnen een andere lidstaat dan hun eigen lidstaat. Meer ondernemers kunnen dan hun btw-verplichtingen vervullen via één online portaal en in één taal. De Raad is ook overeengekomen dat de aansprakelijkheid voor de afdracht van btw bij transacties tussen bedrijven verschuift van de leverancier van een goed of dienst naar de koper. Daarbij geldt de voorwaarde dat die leverancier niet is gevestigd in de lidstaat waar de btw verschuldigd is. In sommige situaties was dit al mogelijk, maar in de toekomst wordt dit verplicht.

Bronnen: Raad van de Europese Unie 5 november 2024 en ministerie van Financiën 1 november 2024

Filed Under: BTW & overdrachtsbelasting, Fiscaal nieuws, Nieuws

Reageer
Vorige artikel
Tipje van de sluier 4 van 5: Vraag vóór 4 december 2024 om toepassing KOR
Volgende artikel
KGS aftrekbaarheid premies arbeidsongeschiktheidsverzekering

Reader Interactions

Gerelateerde berichten

verhuurderheffing verminderen

Vrijstelling overdrachtsbelasting bij taakoverdracht woningcomplex corporaties

De overdracht van een woningcomplex tussen twee woningcorporaties kan kwalificeren als taakoverdracht. Daardoor geldt de vrijstelling van overdrachtsbelasting.

startersvrijstelling

Geen beter alternatief voor leeftijdsgrens startersvrijstelling

Het kabinet wil bij nieuw fiscaal beleid nadrukkelijk aandacht blijven besteden aan de effecten op de woningmarkt. Staatssecretaris Eerenberg reageert op moties over de startersvrijstelling in de overdrachtsbelasting en de woningmarkteffecten van fiscaal beleid. In de motie van het lid Vijlbrief wordt het kabinet verzocht te onderzoeken hoe de startersvrijstelling in de overdrachtsbelasting effectiever kan... lees verder

Wijzigingen Uitvoeringsregeling BTW-compensatiefonds

De Uitvoeringsregeling BTW-compensatiefonds (UR BCF) wordt gewijzigd.

zwembad

Verborgen zwembad met puin verlaagt WOZ-waarde woning

Rechtbank Amsterdam oordeelt dat bij de WOZ-waardering rekening moet worden gehouden met een verborgen gebrek. Een onder kunstgras verborgen zwembad met puin drukt de waarde van de woning, ook als de eigenaar mogelijk schade op de verkoper kan verhalen.

Geen verlaagd overdrachtsbelastingtarief voor recreatiewoning

Hof Den Haag oordeelt dat een vrouw niet aannemelijk maakt dat een gekochte recreatiewoning haar hoofdverblijf is. Daarom geldt het verlaagde tarief van 2% in de overdrachtsbelasting niet en blijft het algemene tarief van 10,4% van toepassing.

Geef een reactie Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Primary Sidebar

Opleidingen

Masterclass Btw-processen in SAP S/4HANA

Specialisatieopleiding btw en internationaal zakendoen

AGENDA

Online Basistraining AI voor de fiscale praktijk

Masterclass Inbreng in en terugkeer uit de BV

Masterclass Vastgoedfiscaliteiten

Online cursus Vennootschapsbelastingplicht stichtingen & verenigingen

Masterclass De positie van de samenwoner in de inkomstenbelasting, relatievermogensrecht en vermogensplanning – Civiel en fiscaal

Online cursus De positie van het kind in het erfrecht en estate planning – Civiel en fiscaal

Online cursus introductie participatieregelingen en lucratieve belangen

Online cursus Staken van de onderneming: (turbo)liquidatie, WHOA liquidatie akkoord

Basistraining AI voor de fiscale praktijk

Congres Estate Planning 2026

Meer opleidingen

Footer

  • Fiscaal nieuws
  • Opleidingen
  • Kennisbank
  • Vacatures
  • Over ons
  • Adverteren op Taxence
  • NDFR
  • JES! (ESG producten)
  • Fiscaal en meer
  • Addify
  • Tax Talks
  • Register Estate Planners (REP)
  • Contact
  • Linkedin
  • X
  • Facebook
  • Aanmelden nieuwsbrief
  • Naar Lefebvre Sdu Webshop

Taxence is een uitgave van
Lefebvre Sdu
Maanweg 174
2516 AB Den Haag

Powered by Lefebvre Sdu

  • Disclaimer
  • Privacy Statement en Cookiebeleid
lefebvre SDU

Het laatste nieuws van
Taxence in je mail?

×