• Skip to primary navigation
  • Skip to main content
  • Skip to primary sidebar
  • Skip to footer
  • Nieuwsbrief
  • Contact

Taxence

Taxence

  • Nieuws & achtergrond
    • Nieuws
    • Branchenieuws
    • Blogs
    • Verdieping
  • Thema’s
    • AI & Tax Technology
    • Arbeid & Loon
    • Belastingplan
    • BTW & Overdrachtsbelasting
    • BV & DGA
    • Duurzaamheid (ESG & CSRD)
    • Estate planning
    • Alle thema’s
  • Opleidingen
    • AI & Tax Tech
    • ESG & CSRD
    • Estate Planning
    • BTW
    • Vastgoed
    • Internationaal
    • Arbeid & Loon
    • Formeel
    • Familiebedrijven
    • VPB
    • Pensioen
  • Carrière
    • Personalia
    • Vacatures
    • Vacature toevoegen
    • Partners
  • Vakinformatie
    • NDFR
    • Addify
    • JES! Knowledge
    • Fiscaal en meer
    • Tax talks
    • Vakblad Estate Planning
    • Specials
  • Kennisbank

Nalaten onderzoek naar gebruik werkruimte is kwade trouw

29 april 2020 door Remco Latour

werkruimte thuis; Belastingdienst

Wie kosten van een werkruimte opgeeft zonder te controleren of hij voldoende inkomsten vanuit die werkruimte behaalt, aanvaardt het risico dat hij een onjuiste aangifte indient. Volgens Rechtbank Noord-Holland is dan sprake van kwade trouw en kan de inspecteur eventueel navorderen.

De Belastingdienst had op 9 april 2016 de definitieve aanslag IB/PVV 2014 van een man vastgesteld. In maart 2017 stelde de inspecteur nadere vragen aan de man, onder meer over het resultaat uit overige werkzaamheden van de man. De man laat onder andere weten dat zijn adviseur kosten van de werkruimte heeft afgetrokken. Van tevoren is echter geen onderzoek gedaan naar de mate waarin het resultaat is behaald in of vanuit de werkruimte. De inspecteur legt de man daarom een navorderingsaanslag op. Hoewel geen sprake is van een nieuw feit, mag de fiscus van de rechtbank navorderen. De adviseur is namelijk te kwader trouw, omdat hij zonder enige toetsing een kostenpost heeft opgevoerd. Deze kwade trouw valt de man zelf ook toe te rekenen.

Wet: art. 3.16, eerste lid en 3.95, eerste lid Wet IB 2001 en art. 16, eerste lid AWR

Bron: Rechtbank Noord-Holland 14 april 2020 (gepubliceerd 28 april 2020), ECLI:NL:RBNHO:2020:2572, AWB 18/2991

Filed Under: Financiële planning, Fiscaal nieuws, Formeel belastingrecht, Nieuws

Reageer
Vorige artikel
Ouderschapsverlof deels betaald
Volgende artikel
Een op de vijf ondernemers vraagt inkomenssteun aan

Reader Interactions

Gerelateerde berichten

voorlopige aanslag 2021

Mogelijke verbeteringen informatiebeschikking

De staatssecretaris van Financiën schetst verschillende mogelijke oplossingen om de informatiebeschikking te verbeteren. Doel is om de rechtsbescherming van belastingplichtigen te versterken en tegelijkertijd de uitvoerbaarheid voor de Belastingdienst te waarborgen.

schuldhulpverlening

Internetconsultatie Wijzigingsregeling Uitvoeringsregeling Invorderingswet 1990

Het ministerie van Financiën is een internetconsultatie gestart over de Wijzigingsregeling Uitvoeringsregeling Invorderingswet 1990. Per 1 januari 2027 verandert de rechtsbescherming bij geschillen over uitstel van betaling en kwijtschelding van belastingschulden. Het huidige administratief beroep maakt plaats voor een bezwaarprocedure, gevolgd door de mogelijkheid beroep in te stellen bij de fiscale rechter. Deze wijziging vloeit... lees verder

Tweede Kamer

Kamer steunt nieuwe box 3 stelsel, maar is wel kritisch

De Kamer steunt, met enige tegenzin, het nieuwe box 3‑stelsel dat per 2028 moet ingaan, maar plaatst stevige kanttekeningen bij de gekozen vorm van belasting op vermogen en de onderbouwing daarvan.​

belastingaanslag

Standpunt bezwaar nihilaangifte OB ingetrokken vanwege wetswijziging

De Kennisgroep formeel recht heeft het standpunt KG:206:2022:2 Bezwaar tegen nihilaangifte omzetbelasting of tegen voldoening op aangifte omzetbelasting kan ertoe leiden dat meer belasting wordt teruggegeven dan eerder is voldaan ingetrokken.

startersregeling

Nieuwe definitie startups en scale-ups in box 3 krijgt eigen wetsvoorstel

Het kabinet werkt aan een verbeterde definitie van startups en scale-ups in box 3, die beter aansluit bij de specifieke kenmerken van deze ondernemingen. Staatssecretaris Heijnen informeert de Kamer over de voortgang en de keuze om deze definitie via een afzonderlijk wetsvoorstel te regelen.

Geef een reactie Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Primary Sidebar

Opleidingen

Opleidingen

Specialisatieopleiding Vermogensstructurering

Masterclass Actualiteiten vermogensstructurering 2026

Online cursus toepassing box 3 in de praktijk

Masterclass Actualiteiten vermogensstructurering 2025

Masterclass Box 3 – Forfaitair stelsel met een Tegenbewijsregeling en de toekomst na 2028

AGENDA

Masterclass Management- en werknemersparticipatie

Masterclass Btw-processen in SAP S/4HANA

Online cursus Afwikkeling van overnameregelingen in firmacontract en statuten

Masterclass Actualiteiten vermogensstructurering 2026

Verdiepende AI training voor de fiscale praktijk

Cursus AI-Implementatie – Organiseren van AI-geletterdheid

Masterclass Het ideale testament – Bestaat dat echt?

Online cursus Digitale nalatenschap in de praktijk: regelen én afwikkelen

Specialisatieopleiding btw en internationaal zakendoen

Webinar voorjaarsnota & vooruitblik Belastingplan 2026

Meer opleidingen

Footer

  • Fiscaal nieuws
  • Opleidingen
  • Kennisbank
  • Vacatures
  • Over ons
  • Adverteren op Taxence
  • NDFR
  • JES! (ESG producten)
  • Fiscaal en meer
  • Addify
  • Tax Talks
  • Register Estate Planners (REP)
  • Contact
  • Linkedin
  • X
  • Facebook
  • Aanmelden nieuwsbrief
  • Naar Lefebvre Sdu Webshop

Taxence is een uitgave van
Lefebvre Sdu
Maanweg 174
2516 AB Den Haag

Powered by Lefebvre Sdu

  • Disclaimer
  • Privacy Statement en Cookiebeleid
lefebvre SDU

Het laatste nieuws van
Taxence in je mail?

×