Uit het Nordcurrent-arrest van het Europees Hof van Justitie blijkt dat lidstaten de deelnemingsvrijstelling mogen weigeren bij misbruik. Dit baanbrekende arrest heeft potentiële gevolgen voor de Nederlandse praktijk, zo bespreekt mr. Dick van Sprundel tijdens Tax Talks live-uitzending van maart 2026.
Het Europees Hof van Justitie oordeelt in het Nordcurrent-arrest over een Litouwse moedermaatschappij die een dochteronderneming in het Verenigd Koninkrijk opricht voor het sluiten van contracten die vanuit Litouwen niet kunnen worden afgesloten. Op het moment dat de dochter dividend uitkeert, zijn die activiteiten al teruggevloeid naar Litouwen en functioneert de dochter feitelijk als lege entiteit. Litouwen weigert daarop de deelnemingsvrijstelling wegens misbruik. Het Hof van Justitie, dat opvallend genoeg met slechts drie rechters en zonder conclusie van een advocaat-generaal oordeelt, geeft Litouwen gelijk. Een lidstaat mag de vrijstelling weigeren wanneer sprake is van een kunstmatige constructie die gericht is op het verkrijgen van een belastingvoordeel. Daarbij moet zowel naar objectieve als subjectieve elementen worden gekeken.
Structuren kunnen van kleur verschieten
Een belangrijk punt uit het arrest is dat niet alleen het moment van opzetten van een structuur relevant is, maar ook het moment van de dividenduitkering. Een structuur die aanvankelijk zakelijk verantwoord is, kan volgens het Hof van kleur verschieten als de omstandigheden wijzigen. Dat creëert een doorlopende monitoringsverplichting voor adviseurs en belastingplichtigen. Het Hof verduidelijkt daarnaast dat misbruik zich niet beperkt tot klassieke doorstroomsituaties zoals in de Deense zaken. Ook een reguliere deelneming die feitelijk geen functie meer vervult, kan als kunstmatig worden aangemerkt. Bovendien trekt het Hof de functionele benadering die al bij het technisch aanmerkelijk belang geldt door naar de deelnemingsvrijstelling: het gaat erom of een vennootschap daadwerkelijk betrokken is bij de activiteiten van haar deelneming. Van Sprundel geeft het voorbeeld van een DGA-vennootschap waarvan de actieve deelneming wordt verkocht en er slechts een pot geld overblijft. In zo’n situatie neemt het risico op een misbruikkwalificatie aanzienlijk toe.
Gevolgen voor de Nederlandse deelnemingsvrijstelling
Voor de Nederlandse praktijk is het arrest relevant omdat Nederland de antimisbruikbepaling uit de moeder-dochterrichtlijn niet specifiek voor de deelnemingsvrijstelling implementeert. Wel kent de Wet VPB de algemene antimisbruikbepaling van artikel 29i, die voortvloeit uit de ATAD. Of de Belastingdienst op die grondslag de deelnemingsvrijstelling actief kan weigeren bij kunstmatige structuren, is onderwerp van discussie. In de vakliteratuur en tijdens de uitzending klinkt de roep om een beleidsbesluit dat meer duidelijkheid biedt. Van Sprundel waarschuwt dat met name vennootschappen met buitenlandse deelnemingen die weinig substance hebben of slechts een doorgeeffunctie vervullen, extra alert moeten zijn. Zolang een deelneming actief waarde toevoegt en goed is onderbouwd, is het risico beperkt. De hoofdboodschap is helder: blijf internationale structuren doorlopend monitoren en zorg dat deelnemingen reële functies vervullen, zodat de deelnemingsvrijstelling niet in gevaar komt.
Tax Talks
Tax Talks is hét online learning platform voor mkb-adviseurs. 30x Per jaar wordt een item beschikbaar gesteld dat je via het online platform kunt bekijken. Na het afronden van de bijbehorende kennistoets ontvang je een certificaat en PE-punten.






Geef een reactie