De rechtbank acht niet wettig en overtuigend bewezen dat verdachte op verbalisanten is ingereden (tenlastegelegd onder 1). De rechtbank is van oordeel dat het wettig en overtuigend bewijs ontbreekt, gelet op de tegenstrijdigheden tussen de verklaringen van twee verbalisanten enerzijds en twee andere verbalisanten anderzijds en het feit dat de belastende verklaringen van twee verbalisanten niet in doorslaggevende mate worden ondersteund door technisch en/of tactisch bewijs. De rechtbank acht ook niet bewezen dat verdachte betrokken is geweest bij de onder 2 tenlastegelegde poging tot diefstal met braak omdat het wettig bewijs ontbreekt. Derhalve algehele vrijspraak.
Meer informatie: http://zoeken.rechtspraak.nl/ResultPage.aspx?snelzoeken=t&searchtype=ljn&ljn=BY3301
Geef een reactie