Het besluit van 8 februari 2026 actualiseert en vervangt het eerdere Besluit Toelichting Tabel II van 20 december 2023. Het betreft beleidsregels over de toepassing van het btw-nultarief zoals opgenomen in Tabel II bij de Wet op de omzetbelasting 1968.
Tabel II bevat de leveringen en diensten waarop het btw-nultarief van toepassing is. Het nultarief heeft een technisch karakter: er wordt geen btw geheven, maar de ondernemer behoudt het recht op aftrek van voorbelasting. Het nultarief is met name van belang voor het internationale goederen- en dienstenverkeer, zoals:
- uitvoer van goederen naar landen buiten de EU en samenhangende diensten;
- intracommunautaire leveringen van goederen naar een andere EU-lidstaat, mits daar een belastbare intracommunautaire verwerving plaatsvindt.
Het nieuwe besluit bevat geen fundamentele beleidswijzigingen, maar verduidelijkt en actualiseert bestaande toelichtingen.
Belangrijkste wijzigingen:
- Uitvoer (post a.2, onderdeel 5)
De voorwaarden met betrekking tot de hoedanigheid en vestigingsplaats van de afnemer bij uitvoer zijn verduidelijkt, zowel bij uitvoer door of voor rekening van de leverancier als bij zogeheten afhaaluitvoer (door of voor rekening van de afnemer). - Accijnsrichtlijn (post a.6 en a.7)
De toelichting is aangepast vanwege de implementatie van de Horizontale accijnsrichtlijn via de Fiscale Verzamelwet 2025. Dit betreft technische aanpassingen. - Zorgvuldigheidseis (post a.6, onderdeel 6.3.1)
De formulering is gewijzigd: niet langer wordt gesteld dat de ondernemer zijn zorgvuldig handelen moet aantonen als materieel vereiste voor het nultarief. Het onderliggende beleid blijft ongewijzigd: bij onvoldoende zorgvuldigheid kan het nultarief onder voorwaarden worden geweigerd. - Ketentransacties (post a.6, onderdeel 7.2)
Het begrip ‘tussenhandelaar’ is verduidelijkt naar aanleiding van een kennisgroepstandpunt. - Kleineondernemersregeling (post a.6, onderdeel 8.5)
Aangepast in verband met de implementatie van de EU-richtlijn inzake de kleineondernemersregeling. - Terminologie
In diverse onderdelen zijn ‘formele’ voorwaarden hernoemd tot ‘overige’ voorwaarden.
Het besluit bevat daarnaast redactionele wijzigingen. Het besluit treedt in werking met ingang van 28 februari 2026.
Bron: Besluit van 8 februari 2026, nr. 2026-1395, Ministerie van Financiën, Stcrt, 2026, 6674





Geef een reactie