• Skip to primary navigation
  • Skip to main content
  • Skip to primary sidebar
  • Skip to footer
  • Nieuwsbrief
  • Contact

Taxence

Taxence

  • Nieuws & achtergrond
    • Nieuws
    • Branchenieuws
    • Blogs
    • Verdieping
  • Thema’s
    • AI & Tax Technology
    • Arbeid & Loon
    • Belastingplan
    • BTW & Overdrachtsbelasting
    • BV & DGA
    • Duurzaamheid (ESG & CSRD)
    • Estate planning
    • Alle thema’s
  • Opleidingen
    • AI & Tax Tech
    • ESG & CSRD
    • Estate Planning
    • BTW
    • Vastgoed
    • Internationaal
    • Arbeid & Loon
    • Formeel
    • Familiebedrijven
    • VPB
    • Pensioen
  • Carrière
    • Personalia
    • Vacatures
    • Vacature toevoegen
    • Partners
  • Vakinformatie
    • NDFR
    • Addify
    • JES! Knowledge
    • Fiscaal en meer
    • Tax talks
    • Vakblad Estate Planning
    • Specials
  • Kennisbank

Formele aspecten van verliesverrekening

25 oktober 2016 door Remco Latour

Voordat de belastingplichtige een verlies uit werk en woning daadwerkelijk kan verrekenen, moet de inspecteur de hoogte van dit verlies vaststellen en opnemen in een verliesbeschikking. Ook de hoogte van het bedrag van de aanslag dat vanwege een verliesverrekening wordt verminderd, wordt per beschikking vastgesteld. Men kan in bezwaar en/of beroep gaan als de Belastingdienst het bedrag aan te verrekenen verliezen op een te laag bedrag stelt.

Verrekening van ondernemingsverliezen

Als een natuurlijk persoon bij de berekening van zijn inkomen uit werk en woning uitkomt op een negatief bedrag, lijdt hij verlies uit werk en woning. Is de natuurlijk persoon een ondernemer, dan kan zijn ondernemingsverlies niet meer bedragen dan zijn verlies uit werk en woning. Een ondernemingsverlies wordt dus eerst verrekend met positief inkomen uit werk en woning in hetzelfde belastingjaar. Deze bepaling was vooral van belang in de tijd dat ondernemingsverliezen nog onbeperkt voorwaarts waren te verrekenen.

 

Voorwaartse en achterwaartse verliesverrekening

Het verlies uit werk en woning is in beginsel te verrekenen met de positieve inkomens uit werk en woning uit de drie voorafgaande en negen volgende kalenderjaren. De verliesverrekening vindt plaats in de volgorde waarin de verliezen zijn geleden en de positieve inkomens zijn genoten. Deze volgorde verlaagt de kans op verliesverdamping. Gemoedsbezwaarden kunnen verzoeken om de termijn van de achterwaartse verliesverrekening van drie jaar te verlengen naar acht jaar. Deze termijnverlenging geldt alleen voor ondernemingsverliezen voor zover deze bestaan uit schade als gevolg van risico’s die een niet-gemoedsbezwaarde maar voor de rest vergelijkbare ondernemer pleegt te verzekeren.

 

Inspecteur stelt verlies vast

De inspecteur moet een verlies uit werk en woning vaststellen per beschikking. Als dit verlies onder meer bestaat uit een ondernemingsverlies, moet de inspecteur ook de hoogte van dat ondernemingsverlies berekenen en afzonderlijk vermelden in de verliesbeschikking. Men kan in bezwaar en/of beroep gaan tegen een verliesbeschikking.

 

Herziening verliesbeschikking

Meent de inspecteur dat hij een verlies op een te hoog bedrag heeft vastgesteld, dan kan hij via een beschikking de verliesbeschikking herzien. In beginsel moet hij over een nieuw feit beschikken om een verliesbeschikking te kunnen herzien, tenzij de belastingplichtige te kwader trouw is.

 

Formalisering verliesverrekening

Als een verlies uit werk en woning wordt verrekend, zal de Belastingdienst in beginsel het bedrag van de aanslag over een voorgaand jaar of een volgend jaar moeten verminderen. Deze vermindering vindt plaats via een beschikking, waarin de inspecteur ook bepaalt welk bedrag aan ondernemingsverlies wordt verrekend. Als een achterwaartse verliesverrekening plaatsvindt met positief inkomen uit werk en woning uit een jaar waarover geen aanslag is vastgesteld, zal de ondernemer een uitnodiging krijgen om alsnog aangifte te doen voor dat jaar. De ondernemer kan in bezwaar en/of beroep gaan tegen de verrekeningsbeschikking, maar zo’n bezwaar of beroep kan niet zien op de grootte van het te verrekenen bedrag aan ondernemingsverliezen.

 

Voorlopige verrekening

De Belastingdienst kan een voorlopige achterwaartse verliesverrekening verlenen als de ondernemer zijn verlies over een kalenderjaar aangeeft door bepaalde gegevens duidelijk, stellig en zonder voorbehoud in te vullen en te ondertekenen. In de uitnodiging tot het doen van aangifte staat om welke gegevens het gaat, evenals eventueel op te sturen stukken en gegevensdragers. Als de inspecteur een voorlopige verliesverrekening verleent, gaat hij uit van 80% van het vermoedelijke verlies. Eventueel kan een eerste voorlopige verliesverrekening worden aangevuld met latere voorlopige verliesverrekeningen.

 

Wet: artikelen 3.148, 3.150, 3.151, 3.152 en 3.153 Wet IB 2001

Regeling: artikel 23 Uitv.reg. IB 2001

Filed Under: IB-ondernemer, Nieuws, Verdieping, Verdieping

Reageer
Vorige artikel
Wanneer stelt een bedrijf een auto ter beschikking?
Volgende artikel
Schoolvoorbeeld misbruik van recht

Reader Interactions

Gerelateerde berichten

belastingrente

Collectieve uitspraak massaal bezwaar belastingrente IB

De inspecteur heeft een collectieve uitspraak gedaan op het massaal bezwaar tegen het in rekening gebrachte percentage belastingrente voor de inkomstenbelasting (IB) en enkele overige middelen vanaf 1 oktober 2020. In zijn arrest van 16 januari 2026 (ECLI:NL:HR:2026:59) heeft de Hoge Raad geoordeeld dat artikel 1, letter a, Besluit belasting- en invorderingsrente (Besluit BIR) niet... lees verder

voorlopige aanslag 2021

Verschillen bij IB-aanslagen

Verschillen tussen voorlopige en definitieve aanslagen zijn inherent aan de systematiek. Tegelijkertijd wordt gewerkt aan verbeteringen in samenwerking, controleprocessen en communicatie richting belastingplichtigen.

bonus

Schenking aandelen € 7,8 miljoen door aandeelhouder aan directeur is geen loon

Rechtbank Noord-Nederland oordeelt dat de schenking van aandelen ter waarde van € 7,8 miljoen aan een directeur geen loon vormt. De inspecteur maakt niet aannemelijk dat het voordeel is verstrekt door of voor rekening van de werkgever.

Standpunt stemrechtvereiste aandelenfusie bij opvolgende juridische splitsing

De Kennisgroep aanmerkelijk belang heeft de vraag beantwoord of ondanks een opvolgende splitsing voldaan wordt aan het stemrechtvereiste van de aandelenfusiefaciliteit van artikel 3.55, tweede lid, onderdeel a, Wet IB 2001.

vastgoed

Optierecht met prijsmechanisme is winstuitdeling

Het hof oordeelt dat een dga een belastbaar voordeel uit aanmerkelijk belang geniet doordat zijn bv een te hoge huur betaalt in ruil voor een privé-optie. Geen (voorwaardelijk) opzet, maar wel grove schuld; de boete wordt verlaagd.

Geef een reactie Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Primary Sidebar

Opleidingen

AGENDA

Online Basistraining AI voor de fiscale praktijk

Masterclass Inbreng in en terugkeer uit de BV

Masterclass Vastgoedfiscaliteiten

Online cursus Vennootschapsbelastingplicht stichtingen & verenigingen

Masterclass De positie van de samenwoner in de inkomstenbelasting, relatievermogensrecht en vermogensplanning – Civiel en fiscaal

Online cursus De positie van het kind in het erfrecht en estate planning – Civiel en fiscaal

Online cursus introductie participatieregelingen en lucratieve belangen

Online cursus Staken van de onderneming: (turbo)liquidatie, WHOA liquidatie akkoord

Basistraining AI voor de fiscale praktijk

Congres Estate Planning 2026

Meer opleidingen

Footer

  • Fiscaal nieuws
  • Opleidingen
  • Kennisbank
  • Vacatures
  • Over ons
  • Adverteren op Taxence
  • NDFR
  • JES! (ESG producten)
  • Fiscaal en meer
  • Addify
  • Tax Talks
  • Register Estate Planners (REP)
  • Contact
  • Linkedin
  • X
  • Facebook
  • Aanmelden nieuwsbrief
  • Naar Lefebvre Sdu Webshop

Taxence is een uitgave van
Lefebvre Sdu
Maanweg 174
2516 AB Den Haag

Powered by Lefebvre Sdu

  • Disclaimer
  • Privacy Statement en Cookiebeleid
lefebvre SDU

Het laatste nieuws van
Taxence in je mail?

×