• Skip to primary navigation
  • Skip to main content
  • Skip to primary sidebar
  • Skip to footer
  • Nieuwsbrief
  • Contact

Taxence

Taxence

  • Nieuws & achtergrond
    • Nieuws
    • Branchenieuws
    • Blogs
    • Verdieping
  • Thema’s
    • AI & Tax Technology
    • Arbeid & Loon
    • Belastingplan
    • BTW & Overdrachtsbelasting
    • BV & DGA
    • Duurzaamheid (ESG & CSRD)
    • Estate planning
    • Alle thema’s
  • Opleidingen
    • AI & Tax Tech
    • ESG & CSRD
    • Estate Planning
    • BTW
    • Vastgoed
    • Internationaal
    • Arbeid & Loon
    • Formeel
    • Familiebedrijven
    • VPB
    • Pensioen
  • Carrière
    • Personalia
    • Vacatures
    • Vacature toevoegen
    • Partners
  • Vakinformatie
    • NDFR
    • Addify
    • JES! Knowledge
    • Fiscaal en meer
    • Tax talks
    • Vakblad Estate Planning
    • Specials
  • Kennisbank

Geen alleenstaande-ouderkorting door inwonende vriend van dochter

19 juni 2012 door Remco Latour

De voorwaarden voor de alleenstaande-ouderkorting zijn streng, zodat een alleenstaande ouder voorzichtig moet zijn met wie hij in huis laat en onder welke voorwaarden. Dit werd duidelijk in een zaak voor de Hoge Raad.

Iemand kan alleen aanspraak maken op de alleenstaande-ouderkorting als hij in het desbetreffende kalenderjaar geen partner heeft en een huishouding voert met een kind dat hij in belangrijke mate onderhoudt en op hetzelfde woonadres staat ingeschreven. Bovendien mag de belastingplichtige alleen een huishouding voeren met kinderen die aan het begin van het kalenderjaar jonger zijn dan achttien jaar. In een zaak voor de Hoge Raad woonde een vrouw samen met haar dochters van zeventien en dertien in een woonwagen. Gedurende meer dan zes maanden stond de vriend van de oudste dochter op hetzelfde adres ingeschreven. Voor de inspecteur was dat voldoende om de moeder de alleenstaande ouderkorting en de toen nog geldende aanvullende alleenstaande ouderaftrek te weigeren. De vrouw stelde voor de Hoge Raad nog dat de vriend een kostganger was die geen deel uitmaakte van de gezamenlijke huishouding. De vrouw kon echter niet aannemelijk maken dat de vriend een zakelijke vergoeding betaalde voor de inwoning, zodat de Hoge Raad haar beroep ongegrond verklaarde.

 

Wet: artikel 8.15 IB 2001 en artikel 8.16 IB 2001 (oud, stand per 31 december 2010)

Meer informatie: Hoge Raad, 15 juni 2012, LJN: BV2586

Filed Under: Financiële planning, Fiscaal nieuws, Nieuws, Overige

Reageer
Vorige artikel
Ook pro rata splitsing bij economische en niet-economische activiteiten
Volgende artikel
PvdA wil btw huizenonderhoud verlagen naar 6%

Reader Interactions

Gerelateerde berichten

bedrag ineens pensioen

Drie nieuwe V&A’s gepubliceerd

Het Centraal Aanspreekpunt Pensioenen heeft drie nieuwe V&A's gepubliceerd.

fiscale arresten Hoge Raad 26 januari 2024

Vooraankondiging arresten Hoge Raad 20 maart 2026

Onder voorbehoud zal de Hoge Raad op vrijdag 20 maart 2026 de volgende arresten in genoemde zaken wijzen. De met toepassing van artikel 80a RO en 81 RO te wijzen arresten zijn ook in dit overzicht opgenomen.

wet excessief lenen

NOB-discussiebijdrage bij wetsvoorstel werkelijk rendement box 3

De Nederlandse Orde van Belastingadviseurs heeft een nadere beschouwing gepubliceerd naar aanleiding van het wetsvoorstel ‘Wet werkelijk rendement box 3’. Aanleiding zijn de recente politieke en maatschappelijke discussies en de aangekondigde herziening van het voorstel.

fiscale arresten Hoge Raad 26 januari 2024

Vooraankondiging arresten Hoge Raad 13 maart 2026

Onder voorbehoud zal de Hoge Raad op vrijdag 13 maart 2026 de volgende arresten in genoemde zaken wijzen. De met toepassing van artikel 80a RO en 81 RO te wijzen arresten zijn ook in dit overzicht opgenomen. Arresten waarvan de voorliggende uitspraak in NTFR is gepubliceerd zonder samenvatting  Rolnr. HR Gegevens voorliggende uitspraak NTFR-nr. 23/00871 Gerechtshof... lees verder

miljonair

Is een minimum vermogensbelasting van 2% voor zeer vermogenden mogelijk?

Staatssecretaris Eerenberg gaat in op het voorstel voor een minimum vermogensbelasting van 2% voor zeer vermogende personen.

Geef een reactie Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Primary Sidebar

Opleidingen

Masterclass Actualiteiten vermogensstructurering 2025

Masterclass Actualiteiten vermogensstructurering 2026

AGENDA

Online cursus Wet Fiscaal Kwalificatiebeleid Rechtsvormen (incl. aanpassing FGR)

Webinar zzp dossier, wanneer is er wel of niet sprake van schijnzelfstandigheid?

Online Basistraining AI voor de fiscale praktijk

Masterclass Inbreng in en terugkeer uit de BV

Masterclass Vastgoedfiscaliteiten

Online cursus Vennootschapsbelastingplicht stichtingen & verenigingen

Masterclass De positie van de samenwoner in de inkomstenbelasting, relatievermogensrecht en vermogensplanning – Civiel en fiscaal

Online cursus De positie van het kind in het erfrecht en estate planning – Civiel en fiscaal

Online cursus introductie participatieregelingen en lucratieve belangen

Online cursus Staken van de onderneming: (turbo)liquidatie, WHOA liquidatie akkoord

Meer opleidingen

Footer

  • Fiscaal nieuws
  • Opleidingen
  • Kennisbank
  • Vacatures
  • Over ons
  • Adverteren op Taxence
  • NDFR
  • JES! (ESG producten)
  • Fiscaal en meer
  • Addify
  • Tax Talks
  • Register Estate Planners (REP)
  • Contact
  • Linkedin
  • X
  • Facebook
  • Aanmelden nieuwsbrief
  • Naar Lefebvre Sdu Webshop

Taxence is een uitgave van
Lefebvre Sdu
Maanweg 174
2516 AB Den Haag

Powered by Lefebvre Sdu

  • Disclaimer
  • Privacy Statement en Cookiebeleid
lefebvre SDU

Het laatste nieuws van
Taxence in je mail?

×