• Skip to primary navigation
  • Skip to main content
  • Skip to primary sidebar
  • Skip to footer
  • Nieuwsbrief
  • Contact

Taxence

Taxence

  • Nieuws & achtergrond
    • Nieuws
    • Branchenieuws
    • Blogs
    • Verdieping
  • Thema’s
    • AI & Tax Technology
    • Arbeid & Loon
    • Belastingplan
    • BTW & Overdrachtsbelasting
    • BV & DGA
    • Duurzaamheid (ESG & CSRD)
    • Estate planning
    • Alle thema’s
  • Opleidingen
    • AI & Tax Tech
    • ESG & CSRD
    • Estate Planning
    • BTW
    • Vastgoed
    • Internationaal
    • Arbeid & Loon
    • Formeel
    • Familiebedrijven
    • VPB
    • Pensioen
  • Carrière
    • Personalia
    • Vacatures
    • Vacature toevoegen
    • Partners
  • Vakinformatie
    • NDFR
    • Addify
    • JES! Knowledge
    • Fiscaal en meer
    • Tax talks
    • Vakblad Estate Planning
    • Specials
  • Kennisbank

Winstneming bij hantering rekenrente < 4%

22 oktober 2015 door Marieke Jansen

Bij overname van pensioenverplichtingen tegen een rekenrente lager dan 4%, leiden de wettelijke waarderingsregels volgens de Hoge Raad tot winstneming bij de overnemer.

In deze zaak nam een dochtervennootschap de pensioenverplichting over die de moedervennootschap had gevormd voor haar directeur. Er ontstond onder meer discussie over de vraag of de overnemer de verplichting mocht waarderen op het bedrag van de overnamevergoeding welke was berekend met toepassing van een rekenrente van 3,23%, of dat een rekenrente van ten minste 4% moest worden gehanteerd. De Hoge Raad oordeelde dat de wetgever bij de totstandkoming van artikel 3.29 Wet IB 2001 onder ogen heeft gezien dat de in de markt gebruikelijke rekenrente voor waardering van pensioenverplichtingen lager kan zijn dan 4%, zonder dat dit leidde tot aanpassing van de voorgestelde wettekst. Dat de wetgever de mate van de afwijking en tijdsduur waarin deze zich zou kunnen voordoen niet heeft kunnen voorzien, leidt niet tot een andere uitlegging van dat artikel. De toepassing van artikel 3.29 Wet IB 2001 leidde er in dit geval niet toe dat een lagere last in aanmerking moest worden genomen, maar dat direct na de overname van de pensioenverplichting een vrijval van een deel van de overnamesom verplicht tot de winst moest worden gerekend. Artikel 8, lid 6 Wet Vpb kon tevens niet buiten toepassing blijven vanwege strijd met goedkoopmansgebruik of de bedoeling van de wetgever.

Wet: artikel 3.29 Wet IB 2001, artikel 8 lid 6 Wet Vpb

Meer informatie: Hoge Raad, 16 oktober 2015, ECLI:NL:HR:2015:3082

Filed Under: BV & DGA, Fiscaal nieuws, Nieuws

Reageer
Vorige artikel
Wiebes informeert Tweede Kamer over voortgang Belastingplan 2016
Volgende artikel
MKB-Nederland en VNO-NCW: pensioen in eigen beheer behouden

Reader Interactions

Gerelateerde berichten

Standpunt over creëren schuldvordering bij afsplitsing

De Kennisgroep aanmerkelijk belang heeft de vraag beantwoord of het bij een afsplitsing creëren van een schuldvordering, zonder dat daar een tegenprestatie tegenover staat, leidt tot een regulier voordeel in de zin van artikel 4.12 van de Wet inkomstenbelasting 2001.

overgang pensioen

Geen onrechtmatig handelen inspecteur, geen schadevergoeding

Rechtbank Den Haag wijst het verzoek van een bv om vergoeding van materiële en immateriële schade af. Omdat de aan de bv en haar dga opgelegde aanslagen terecht zijn, valt niet in te zien dat de inspecteur onrechtmatig heeft gehandeld.

dga-salaris

Verkapte uitdeling in 2019 belast, herstel faalt in 2023

Gerechtshof Den Haag oordeelt dat de dga van een holding-bv in 2019 een regulier voordeel uit aanmerkelijk belang van € 116.324 heeft genoten. De rechtstreekse betaling uit de agioreserve is een verkapte uitdeling door de holding, die de dga niet ongedaan maakt met herstelacties in 2023.

dga-salaris

Gepensioneerde dga ontkomt niet aan gebruikelijk loon

Rechtbank Gelderland oordeelt dat de dga geen feiten en omstandigheden aannemelijk maakt die een lager gebruikelijk loon dan het normbedrag van € 47.000 rechtvaardigen. Dat hij met pensioen is en de bedrijfsactiviteiten zijn afgebouwd, is daarvoor onvoldoende.

dga; directeur; geld lenen; bv

Standpunt gebruikelijk loon niet reële overeenkomst van opdracht bij toepassing doorbetaaldloonregeling

De Kennisgroep loonheffing algemeen heeft een standpunt ingenomen over de toepassing van de doorbetaaldloonregeling en de gebruikelijkloonregeling als sprake is van een niet reële overeenkomst van opdracht. Het standpunt KG:204:2022:21 wordt hierbij ingetrokken.

Geef een reactie Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Primary Sidebar

Opleidingen

Masterclass Inbreng in en terugkeer uit de BV

Verdiepingscursus DGA-advisering

Online cursus Staken van de onderneming: (turbo)liquidatie, WHOA liquidatie akkoord

AGENDA

Online cursus Technisch aanmerkelijk belang | PE Accreditatie

Online Basistraining AI voor de fiscale praktijk

Cursus Contracteren en managen van AI-systemen | PE Accreditatie

Verdiepingscursus Internationale aspecten loonheffing | PE Accreditatie

Pitstop casuscollege bedrijfsopvolging | PE Accreditatie

Online Basistraining AI voor de fiscale praktijk

Online cursus CV en bedrijfsopvolging

Online cursus Schenken en lenen in familieverband

Meerdaagse opleiding Vastgoedfiscaliteiten

Stoomcursus AI voor Fiscale professionals

Meer opleidingen

Footer

  • Fiscaal nieuws
  • Opleidingen
  • Kennisbank
  • Vacatures
  • Over ons
  • Adverteren op Taxence
  • NDFR
  • JES! (ESG producten)
  • Fiscaal en meer
  • Tax Talks
  • Register Estate Planners (REP)
  • Contact
  • Linkedin
  • X
  • Facebook
  • Aanmelden nieuwsbrief
  • Naar Lefebvre Sdu Webshop

Taxence is een uitgave van
Lefebvre Sdu
Maanweg 174
2516 AB Den Haag

Powered by Lefebvre Sdu

  • Disclaimer
  • Privacy Statement en Cookiebeleid
lefebvre SDU

Het laatste nieuws van
Taxence in je mail?

Aanmelden

 

×