• Skip to primary navigation
  • Skip to main content
  • Skip to primary sidebar
  • Skip to footer
  • Nieuwsbrief
  • Contact

Taxence

Taxence

  • Nieuws & achtergrond
    • Nieuws
    • Branchenieuws
    • Blogs
    • Verdieping
  • Thema’s
    • AI & Tax Technology
    • Arbeid & Loon
    • Belastingplan
    • BTW & Overdrachtsbelasting
    • BV & DGA
    • Duurzaamheid (ESG & CSRD)
    • Estate planning
    • Alle thema’s
  • Opleidingen
    • AI & Tax Tech
    • ESG & CSRD
    • Estate Planning
    • BTW
    • Vastgoed
    • Internationaal
    • Arbeid & Loon
    • Formeel
    • Familiebedrijven
    • VPB
    • Pensioen
  • Carrière
    • Personalia
    • Vacatures
    • Vacature toevoegen
    • Partners
  • Vakinformatie
    • NDFR
    • Addify
    • JES! Knowledge
    • Fiscaal en meer
    • Tax talks
    • Vakblad Estate Planning
    • Specials
  • Kennisbank

Prejudiciële vragen beantwoord over vaststelling CO2-uitstoot en BPM

26 april 2024 door Michel Halters

De Hoge Raad heeft drie prejudiciële vragen beantwoord over vaststelling van de CO2-uitstoot in het kader van de overgangsregeling van NEDC-methode naar WLTP-methode.

De CO2-uitstoot van auto’s bepaalt de hoogte van de verschuldigde BPM. Tot 1 september 2017 werd de CO2-uitstoot gemeten met de New European Driving Cycle-methode (NEDC-meetmethode). Daarna geldt de Worldwide harmonised Light-duty vehicle Test Procedures (WLTP-meetmethode). Tot 1 september 2019 golden er echter overgangsregelingen voor bestaande modellen auto’s met een EU-typegoedkeuring van vóór 1 september 2017. Voor deze auto’s bleef de NEDC-meetmethode geldig tot 1 september 2018 en onder bepaalde voorwaarden, met toepassing van de zogenoemde restantvoorraadregeling, nog tot 1 september 2019. In die periode golden in Nederland twee, elkaar uitsluitende, methoden om de CO2-uitstoot van een auto vast te stellen. De Nederlandse wetgeving voorzag toen niet in de waarborg dat voor gelijksoortige auto’s steeds een gelijke BPM-heffing gold. Volgens de belanghebbende in deze procedure is sprake van schending van aritkel 110 VWEU.

Procedure bij rechtbank Zeeland-West-Brabant

Rechtbank Zeeland-West-Brabant (ECLI:NL:RBZWB:2023:1555, NTFR 2023/833) heeft in dat verband drie prejudiciële vragen aan de Hoge Raad gesteld. .De Hoge Raad heeft de vragen als volgt beantwoord:

Prejudiciële vraag 1

Voor de toetsing aan artikel 110 VWEU van de maatstaf van heffing zoals die in artikel 9 lid 11 en 12 Wet BPM (de transitieregeling) is neergelegd, sluit het arrest HR 3 april 2020, (ECLI:NL:HR:2020:561 NTFR 2020/989), niet uit dat personenauto’s, waarvan de verschillen in CO2-uitstoot worden verklaard door het gebruik van verschillende methoden van vaststelling ervan, als gelijksoortig worden beschouwd.

Prejudiciële vraag 2

De omstandigheid dat de CO2-uitstoot van gelijksoortige binnenlandse en buitenlandse personenauto’s volgens een verschillende, in de transitieregeling voorziene methode is of kan zijn vastgesteld, leidt alleen dan niet tot strijd met art. 110 VWEU, indien de voor de buitenlandse personenauto te heffen bpm wordt berekend naar de CO2-uitstoot die is vastgesteld volgens de methode die voor de belastingplichtige het meest voordelig is.

Prejudiciële vraag 3

Voor de toetsing aan art. 110 VWEU van de maatstaf van heffing zoals die in de transitieregeling is neergelegd, gelden personenauto’s als gelijksoortig indien zij van hetzelfde merk en model zijn, dat wil zeggen dat zij behoren tot een categorie voertuigen die op de in bijlage II, deel B, behorend bij Richtlijn 2007/46/EG vermelde essentiële punten identiek zijn en onder dezelfde EU-typegoedkeuring vallen. De belastingplichtige die stelt dat in zijn geval artikel 110 VWEU is geschonden door toepassing van de transitieregeling, moet aannemelijk maken (i) dat de desbetreffende, te registreren buitenlandse personenauto in een andere lidstaat in de periode 1 september 2018 tot 1 september 2019 voor het eerst is toegelaten tot het verkeer op de weg, en (ii) dat in Nederland in diezelfde periode ten minste één gelijksoortige personenauto (dat wil zeggen: van hetzelfde merk en model, zoals hiervoor omschreven, als die buitenlandse personenauto) in nieuwe staat is geregistreerd.

Wet: art. 9 BPM

Verdrag: art. 110 VWEU

Bron: Hoge Raad 26 april 2024, ECLI:NL:HR:2024:653, 23/01021

Filed Under: Auto, Belastingheffing auto’s (MRB en BPM), Fiscaal nieuws, Nieuws

Reageer
Vorige artikel
Kamer kan kiezen uit vijf opties voor suikertaks op frisdrank
Volgende artikel
KGS vervoerskosten in verband met aanschaf hulpmiddel

Reader Interactions

Gerelateerde berichten

kilometervergoeding

Kabinet wil bijtelling zakelijke auto niet tussentijds aanpassen

Het kabinet ziet geen aanleiding om de fiscale bijtellingsregeling voor de auto van de zaak gedurende het kalenderjaar aan te passen. Staatssecretaris Eerenberg houdt vast aan de eenvoudige benadering waarbij bepalend is of op jaarbasis meer dan 500 kilometer privé wordt gereden.

autobelastingen

Bezwaar motorrijtuigenbelasting vanaf 10 september ook online

Vanaf 10 september 2026 is het mogelijk om online bezwaar te maken tegen een naheffingsaanslag, boete, betaling of beschikking voor de motorrijtuigenbelasting (mrb).

laadkosten auto van de zaak

Lease-subsidie voor elektrische auto kan vervoersarmoede gerichter aanpakken

Een gerichte lease-subsidie voor elektrische auto’s is volgens onderzoekers een effectiever en goedkoper alternatief dan de huidige verlaging van de brandstofaccijns. In een artikel in ESB stellen zij dat de bestaande accijnskorting van 1,7 miljard euro per jaar vooral terechtkomt bij huishoudens met hogere inkomens, terwijl juist mensen met een laag inkomen die veel kilometers... lees verder

onbelaste vergoeding auto opladen

Standpunt vergoeding ERE-certificaten opladen elektrische auto van de zaak

De Kennisgroep loonheffing algemeen heeft een standpunt ingenomen naar aanleiding van de vraag of een vergoeding voor ERE-certificaten loon vormt voor de werknemer die een elektrische auto van de zaak thuis oplaadt.

Besluit beëindiging goedkeuring motorrijtuigenbelasting als quasi doorlopende post bij leasing

Dit besluit beëindigt een jarenlang toegepast beleidsstandpunt over de btw-behandeling van de motorrijtuigenbelasting (MRB) bij leaseovereenkomsten. Met ingang van 1 januari 2027 kan de door een lessor aan een lessee doorberekende MRB niet langer buiten de btw-heffing blijven op grond van een beleidsmatige goedkeuring.

Geef een reactie Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Primary Sidebar

Opleidingen

AGENDA

Online Basistraining AI voor de fiscale praktijk

Online cursus Technisch aanmerkelijk belang | PE Accreditatie

Online Basistraining AI voor de fiscale praktijk

Cursus Contracteren en managen van AI-systemen | PE Accreditatie

Verdiepingscursus Internationale aspecten loonheffing | PE Accreditatie

Pitstop casuscollege bedrijfsopvolging | PE Accreditatie

Online Basistraining AI voor de fiscale praktijk

Online cursus CV en bedrijfsopvolging

Online cursus Schenken en lenen in familieverband

Meerdaagse opleiding Vastgoedfiscaliteiten

Meer opleidingen

Footer

  • Fiscaal nieuws
  • Opleidingen
  • Kennisbank
  • Vacatures
  • Over ons
  • Adverteren op Taxence
  • NDFR
  • JES! (ESG producten)
  • Fiscaal en meer
  • Tax Talks
  • Register Estate Planners (REP)
  • Contact
  • Linkedin
  • X
  • Facebook
  • Aanmelden nieuwsbrief
  • Naar Lefebvre Sdu Webshop

Taxence is een uitgave van
Lefebvre Sdu
Maanweg 174
2516 AB Den Haag

Powered by Lefebvre Sdu

  • Disclaimer
  • Privacy Statement en Cookiebeleid
lefebvre SDU

Het laatste nieuws van
Taxence in je mail?

Aanmelden

 

×