• Skip to primary navigation
  • Skip to main content
  • Skip to primary sidebar
  • Skip to footer
  • Nieuwsbrief
  • Contact

Taxence

Taxence

  • Nieuws & achtergrond
    • Nieuws
    • Branchenieuws
    • Blogs
    • Verdieping
  • Thema’s
    • AI & Tax Technology
    • Arbeid & Loon
    • Belastingplan
    • BTW & Overdrachtsbelasting
    • BV & DGA
    • Duurzaamheid (ESG & CSRD)
    • Estate planning
    • Alle thema’s
  • Opleidingen
    • AI & Tax Tech
    • ESG & CSRD
    • Estate Planning
    • BTW
    • Vastgoed
    • Internationaal
    • Arbeid & Loon
    • Formeel
    • Familiebedrijven
    • VPB
    • Pensioen
  • Carrière
    • Personalia
    • Vacatures
    • Vacature toevoegen
    • Partners
  • Vakinformatie
    • NDFR
    • Addify
    • JES! Knowledge
    • Fiscaal en meer
    • Tax talks
    • Vakblad Estate Planning
    • Specials
  • Kennisbank

Box 3: Openstaande vragen aanvullend rechtsherstel box 3

1 augustus 2024 door Anne-Marie Noordenbos

schenken onzekere gebeurtenis

De Nederlandse Orde van Belastingadviseurs heeft een overzicht gepubliceerd van openstaande vragen van de koepel- een belangenorganisaties die met het ministerie van Financiën zijn gedeeld over het aanvullend rechtsherstel box 3.

Overzicht van belangrijke openstaande vragen

  1. Wat is het genietingsmoment van het werkelijk rendement? Gelden hierbij bijvoorbeeld de regels zoals die van toepassing waren onder de Wet IB 1964? Het Ministerie van Financiën kiest overigens voor toepassing van het kasstelsel.
  2. Als een spaarder een negatieve rente over de spaartegoeden aan de bank heeft betaald, zijn die betalingen dan aan te merken als negatieve opbrengsten voor de berekening van het werkelijke rendement of vormt die negatieve rente dan een (niet aftrekbare) kostenpost?
  3. Hoe moet rente van schulden worden toegerekend aan het werkelijke rendement? Is dit uitsluitend in het jaar van betaling (kasstelsel) of moet deze worden toegerekend aan het jaar waarin deze is aangegroeid (matchingbeginsel)? Ook ten aanzien van de inkomsten is de vraag of moet worden uitgegaan van het factuurstelsel of het kasstelsel. Ook hier kiest het Ministerie van Financiën voor het kasstelsel.
  4. Op grond van artikel 18, tweede lid van de Wet waardering onroerende zaken, ligt de waardepeildatum één jaar voor het begin van het kalenderjaar waarvoor de waarde wordt vastgesteld. De WOZ-waarde van een bepaald belastingjaar (T1) is daardoor de waarde met peildatum op 1 januari van T0. Moet voor de bepaling van de waardestijging (of -daling) bij een woning in box 3 – in belastingjaar T1 – worden uitgegaan van het verschil in WOZ-waarde per 1 januari van T0 en 1 januari van T1 of van het verschil in de WOZ-waarde van 1 januari T1 en 1 januari van T2?
  5. Volgens de huidige systematiek geldt de WOZ-waarde voor het gehele kalenderjaar (zie artikel 23, eerste lid, onderdeel e van de Wet waardering onroerende zaken). Welke WOZ-waarde moet dan worden gehanteerd bij vervreemding, indien de verkoop niet op 31 december plaatsvindt (maar op bijvoorbeeld 1 juli)? Geldt dan de WOZ-waarde van 1 januari van dat jaar, 1 januari van het volgende jaar of moet de waardestijging tijdsevenredig worden berekend?
  6. Wat zijn de gevolgen als de WOZ-waarden na afloop van het belastingjaar of mogelijk zelfs na het opleggen van de aanslag door de Gemeente worden herzien?
  7. Kosten – met uitzondering van rente van schulden – zijn volgens de juni-arresten niet aftrekbaar omdat de Hoge Raad aansluit bij het systeem van de wet (sinds 2017). Omdat bij de berekening van de forfaitaire inkomsten uit vastgoed geen rekening is gehouden met kostenaftrek, zijn kosten niet aftrekbaar bij de berekening van het werkelijk rendement. Dit geldt echter ook voor huurinkomsten. Deze inkomsten zijn ook geen bestanddeel van het forfaitaire rendement. Behoeft daarom – anders dan de arresten suggereren – bij de berekening van de inkomsten uit vastgoed alleen rekening te worden gehouden met de mutatie in de (WOZ-)waarde en niet met huurinkomsten?
  8. Is bij een vakantiewoning die niet wordt verhuurd het werkelijke directe rendement nihil (want geen huurinkomsten) of moet een fictieve huur worden gerekend voor het eigen gebruik voor de berekening van het werkelijk directe rendement?
  9. Behoort boeterente ook tot de in aanmerking te nemen rente of dient deze als een niet-aftrekbare kostenpost te worden beschouwd?
  10. Bij niet-woningen neemt de Wet IB 2001 in box 3 de WOZ-waarde niet als uitgangspunt. Hoe dient ten aanzien van niet-woningen de waarde-ontwikkeling in enig jaar te worden bepaald? Kan daarbij ook de WOZ-waarde als uitgangspunt gelden of dient in die gevallen conform de huidige wettelijke systematiek de waarde in het economische verkeer per 1 januari en 31 december te worden bepaald?
  11. Hoe moet worden omgegaan met uitgaven aan een verbouwing van een woning in box 3, waardoor de woning in waarde stijgt? Kostenaftrek is volgens de Hoge Raad niet toegestaan. De vraag is of verbeteringen/verbouwing van vastgoed indirect ten laste van het werkelijk rendement mogen worden gebracht. Bijvoorbeeld een pand is op 1/1 € 1.000.000 waard. Er wordt voor € 150.000 verbeteringen/verbouwingen aangebracht aan het pand. Het pand is op 31/12 € 1.100.000 waard. Is de ongerealiseerde waardestijging dan € 100.000 (€ 1.100.000 minus € 1.000.000) of is er sprake van waardedaling van € 50.000 (€ 1.100.000 minus € 1.150.000 (€ 1.000.000 + € 150.000)? En hoe moet het werkelijk rendement berekend worden aan de hand van de WOZ-waarden als de gemeente de verbouwing pas in latere jaren tot uitdrukking laat komen in de WOZ-waarden (zie ook punt 6).
  12. Mag of moet rekening worden gehouden met de leegwaarderatio bij bepaling van de waardemutatie woning voor het werkelijk rendement?
  13. Hoe moet de waardemutatie worden berekend bij vorderingen/schulden die een rentevastperiode kennen en waarvan de marktrente jaarlijks wijzigt?
  14. Een pensioengerechtigde ontvangt een NATO-pensioen zoals beschreven in het Besluit pensioenen Internationale Organisaties (BWBR0047063). Conform dit besluit geeft de belastingplichtige 1/3 deel van het pensioen aan in box 3. Hoe moet het werkelijk rendement van de pensioenrechten in box 3 bepaald worden? Voor andere periodieke uitkeringen, die in box 3 volgens bepaalde tabellen worden belast, gelden soortgelijke vragen.

Bron: NOB, 29 juli 2024

Masterclass Box 3 – veilig door het overbruggingsstelsel

Box 3 blijft in beweging en daarmee ontstaan veel onzekerheden, maar ook kansen. De 6 juni arresten leiden de facto tot invoering van een box 3 kader met heffing op basis van werkelijk rendement vanaf 2021. Voor belastingplichtigen ontstaat een gunstige keuze; toepassing herstelkader / overbruggingswet in jaren met een hoog rendement en toepassing werkelijk rendement in jaren met een laag rendement.

Wat moet je doen als adviseur voor je klanten?  Wanneer is bezwaar zinvol? Hoe werkelijk rendement te berekenen? Voorkom dat je iets over het hoofd ziet, signaleer de pijnpunten, doorzie de valkuilen en loods je klanten optimaal en veilig door het overbruggingsstelsel heen. Hoe? Volg nu de cursus box 3 in overbruggingstijd.

Meer informatie en aanmelden

Filed Under: Financiële planning, Fiscaal nieuws

Reageer
Vorige artikel
NOB: gebrek aan uniformiteit bij DAC6
Volgende artikel
Geen verlaagd tarief OVB voor perceel voor eigen woning

Reader Interactions

Gerelateerde berichten

Tweede Kamer

Kamer steunt nieuwe box 3 stelsel, maar is wel kritisch

De Kamer steunt, met enige tegenzin, het nieuwe box 3‑stelsel dat per 2028 moet ingaan, maar plaatst stevige kanttekeningen bij de gekozen vorm van belasting op vermogen en de onderbouwing daarvan.​

startersregeling

Nieuwe definitie startups en scale-ups in box 3 krijgt eigen wetsvoorstel

Het kabinet werkt aan een verbeterde definitie van startups en scale-ups in box 3, die beter aansluit bij de specifieke kenmerken van deze ondernemingen. Staatssecretaris Heijnen informeert de Kamer over de voortgang en de keuze om deze definitie via een afzonderlijk wetsvoorstel te regelen.

Antwoorden op vragen over het artikel ‘Spaarders en woningbeleggers kunnen vermogenstaks eenvoudig ontwijken’

Staatssecretaris Heijnen beantwoordt Kamervragen over het bericht dat spaarders en woningbeleggers de vermogenstaks eenvoudig kunnen ontwijken In de Kamervragen wordt verwezen naar mediaberichten waarin twee routes worden geschetst: het naar voren halen van rente-uitkeringen (bijvoorbeeld door opzegging van een spaarrekening zodat rente in december in plaats van januari wordt uitgekeerd) en het naar voren halen... lees verder

Standpunten Kennisgroep inkomstenbelasting niet-winst geactualiseerd

De Kennisgroep inkomstenbelasting niet-winst heeft een aantal standpunten geactualiseerd. Verder is van de gelegenheid gebruik gemaakt om enkele redactionele wijzigingen in deze standpunten aan te brengen.

KOR

Vragen en antwoorden formulier Opgaaf werkelijk rendement opnieuw geüpdatet

De Belastingdienst heeft vragen en antwoorden over het formulier Opgaaf werkelijk rendement opnieuw geüpdatet. Onder het tabblad ‘Vragen’ staat een link naar een aantal vraag-en-antwoorddocumenten. Aan het thema Formulier Opgaaf werkelijk rendement (OWR) zijn nieuwe vragen en antwoorden toegevoegd. Daarnaast zijn sommige vragen en antwoorden aangepast en/of met extra voorbeelden aangevuld. Nieuwe vragen of vragen... lees verder

Geef een reactie Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Primary Sidebar

Opleidingen

Specialisatieopleiding Vermogensstructurering

Masterclass Box 3 – Forfaitair stelsel met een Tegenbewijsregeling en de toekomst na 2028

Online cursus toepassing box 3 in de praktijk

Masterclass Actualiteiten vermogensstructurering 2025

Masterclass Actualiteiten vermogensstructurering 2026

AGENDA

Masterclass Management- en werknemersparticipatie

Masterclass Btw-processen in SAP S/4HANA

Online cursus Afwikkeling van overnameregelingen in firmacontract en statuten

Masterclass Actualiteiten vermogensstructurering 2026

Verdiepende AI training voor de fiscale praktijk

Cursus AI-Implementatie – Organiseren van AI-geletterdheid

Masterclass Het ideale testament – Bestaat dat echt?

Online cursus Digitale nalatenschap in de praktijk: regelen én afwikkelen

Specialisatieopleiding btw en internationaal zakendoen

Webinar voorjaarsnota & vooruitblik Belastingplan 2026

Meer opleidingen

Footer

  • Fiscaal nieuws
  • Opleidingen
  • Kennisbank
  • Vacatures
  • Over ons
  • Adverteren op Taxence
  • NDFR
  • JES! (ESG producten)
  • Fiscaal en meer
  • Addify
  • Tax Talks
  • Register Estate Planners (REP)
  • Contact
  • Linkedin
  • X
  • Facebook
  • Aanmelden nieuwsbrief
  • Naar Lefebvre Sdu Webshop

Taxence is een uitgave van
Lefebvre Sdu
Maanweg 174
2516 AB Den Haag

Powered by Lefebvre Sdu

  • Disclaimer
  • Privacy Statement en Cookiebeleid
lefebvre SDU

Het laatste nieuws van
Taxence in je mail?

×