• Skip to primary navigation
  • Skip to main content
  • Skip to primary sidebar
  • Skip to footer
  • Nieuwsbrief
  • Contact

Taxence

Taxence

  • Nieuws & achtergrond
    • Nieuws
    • Branchenieuws
    • Blogs
    • Verdieping
  • Thema’s
    • AI & Tax Technology
    • Arbeid & Loon
    • Belastingplan
    • BTW & Overdrachtsbelasting
    • BV & DGA
    • Duurzaamheid (ESG & CSRD)
    • Estate planning
    • Alle thema’s
  • Opleidingen
    • AI & Tax Tech
    • ESG & CSRD
    • Estate Planning
    • BTW
    • Vastgoed
    • Internationaal
    • Arbeid & Loon
    • Formeel
    • Familiebedrijven
    • VPB
    • Pensioen
  • Belastingplan
  • Carrière
    • Personalia
    • Vacatures
    • Vacature toevoegen
    • Partners
  • Vakinformatie
    • NDFR
    • Addify
    • JES! Knowledge
    • Fiscaal en meer
    • Tax talks
    • Vakblad Estate Planning
    • Specials
  • Kennisbank

Onzakelijk hoge rente op aandeelhoudersleningen leidt tot dividendbelasting

25 juni 2025 door Jessica Lindenberg

vastgoed-fonds

Rechtbank Noord-Holland stelt dat de aandeelhoudersleningen zakelijk zijn, maar dat een rente van 10% op aandeelhoudersleningen voor vastgoedbeleggingen onzakelijk hoog is. De rechtbank stelt dat 4,25% rente zakelijk is en het meerdere als verkapte dividenduitkering wordt belast. De opgelegde vergrijpboetes worden vernietigd omdat niet overtuigend is aangetoond dat sprake is van opzet of grove schuld bij de bv.

Een bv die in commercieel vastgoed belegt heeft van haar buitenlandse aandeelhouders leningen ontvangen tegen 10% rente. De inspecteur stelt dat deze rente onzakelijk hoog is en legt naheffingsaanslagen dividendbelasting op over de jaren 2014-2017. Gelijktijdig worden vergrijpboetes van 50% opgelegd. De bv betoogt dat de rente zakelijk is en verwijst naar een door haar ingeschakelde transfer pricing-deskundige die 10% rente als marktconform beoordeelde. Het geschil betreft de vraag of de overeengekomen rente zakelijk is en of het bovenmatige deel kwalificeert als dividenduitkering.

Aandeelhoudersleningen zijn zakelijk

Rechtbank Noord-Holland oordeelt dat de leningen zelf wel zakelijke leningen zijn. De bv was ten tijde van de financiering een solvabele debiteur die belegde in Nederlandse kantoorpanden met gereputeerde huurders en langlopende huurcontracten. Met 40% eigen vermogen en 60% vreemd vermogen was er ruim voldoende capaciteit om rente en aflossing te betalen. Dat geen hypothecaire zekerheid is verstrekt voor de leningen heeft geen nadelig effect op het kredietrisico. De rechtbank volgt daarmee niet het standpunt van de inspecteur dat de leningen als bodemloze put moeten worden aangemerkt.

Rente van 4,25% is zakelijk

De rechtbank acht de overeengekomen rente van 10% echter onzakelijk hoog. Op basis van verschillende marktonderzoeken naar vastgoedfinanciering in 2014-2015 concludeert de rechtbank dat senior financiering tegen aanzienlijk lagere rentepercentages beschikbaar was. De verschillende rapporten geven rentepercentages tot maximaal 4,25% weer. De rechtbank oordeelt dat een rente van 4,25% op de leningen nog als zakelijk is te beschouwen en het meerdere als onzakelijke rente moet worden aangemerkt. Het door de bv overgelegde transfer pricing-rapport overtuigt niet, omdat de gekozen benchmark van obligaties van voornamelijk banken niet representatief is voor vastgoedfinanciering.

Verkapte dividenduitkeringen

Het deel van de rentebetalingen boven 4,25% kwalificeert als verkapte dividenduitkering. De rechtbank past de dubbele bewustheidseis toe: zowel de bv als haar aandeelhouders moeten zich bewust zijn geweest van de bevoordeling. Door het grote verschil tussen 4,25% en 10% hadden partijen zich volgens de rechtbank bewust moeten zijn van de bevoordeling. Dat een transfer pricing-deskundige 10% rente als zakelijk had beoordeeld doet daar niet aan af. De onttrekkingen hebben plaatsgevonden uit de agioreserve van de bv. De rechtbank vernietigt wel de vergrijpboetes omdat de inspecteur niet overtuigend heeft bewezen dat sprake is van opzet of grove schuld. Transfer pricing-problematiek is complex en de bv had deskundigen ingeschakeld.

Wet: art. 1, 2 en 3 Wet DB 1965, art. 20 lid 2 AWR, art. 67f lid 1 AWR

Bron: rechtbank Noord-Holland 24 december 2024 (gepubliceerd 25 juni 2025), ECLI:NL:RBNHO:2024:14221, HAA 22/3986 t/m 22/3989 | NDFR

Filed Under: BV & DGA, Fiscaal nieuws, Formeel belastingrecht, Nieuws

Reageer
Vorige artikel
Vaste voet bpm voor emissievrije bijzondere personenauto’s en motorrijwielen
Volgende artikel
Rechtbank vermindert boete zwartsparen vanwege ontbrekende zekerheid

Reader Interactions

Gerelateerde berichten

fiscaal dienstverleners

Wetsvoorstel Wet versterking waarborgfunctie Awb fors aangepast

Het kabinet werkt verder aan de Wet versterking waarborgfunctie Awb, die moet bijdragen aan een betrouwbare en menselijke overheid. Wel wordt het wetsvoorstel flink aangepast vanwege hoge uitvoeringslasten. Het wetsvoorstel moet de dienstverlening verbeteren, de menselijke maat bevorderen en laagdrempelig contact tussen overheid en burger stimuleren. Overheidsorganisaties en rechters moeten meer ruimte krijgen om rekening... lees verder

belastingaanslag

Geen verzuimboete zonder bewijs juist toezendadres

Hof Amsterdam vernietigt een verzuimboete omdat de inspecteur niet overtuigend aantoont dat de aanmaning op het juiste adres is aangeboden of ontvangen. Ook is er geen grond voor omkering en verzwaring van de bewijslast.

btw afdragen bij inruil voucher van derde

Vervalste administratie webshop leidt tot schatting winst

Hof Arnhem-Leeuwarden oordeelt dat een administratie met ernstige gebreken geen betrouwbare grondslag vormt voor de winstberekening. De inspecteur mag daarom volstaan met een gemotiveerde schatting, waarna de ondernemer aannemelijk moet maken dat zijn winst lager is.

box 3

Navordering ondanks convenant horizontaal toezicht

Rechtbank Zeeland-West-Brabant oordeelt dat de inspecteur na een intern HOT/HOR-bericht alsnog mag navorderen over het werkelijk rendement in box 3.

Standpunt over creëren schuldvordering bij afsplitsing

De Kennisgroep aanmerkelijk belang heeft de vraag beantwoord of het bij een afsplitsing creëren van een schuldvordering, zonder dat daar een tegenprestatie tegenover staat, leidt tot een regulier voordeel in de zin van artikel 4.12 van de Wet inkomstenbelasting 2001.

Geef een reactie Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Primary Sidebar

Opleidingen

Masterclass Belastingcontrole met steekproeven vs Tax Monitoring

Opleidingen

Verdiepingscursus DGA-advisering

Masterclass Inbreng in en terugkeer uit de BV

Online cursus Staken van de onderneming: (turbo)liquidatie, WHOA liquidatie akkoord

AGENDA

Online Basistraining AI voor de fiscale praktijk

Online cursus Technisch aanmerkelijk belang | PE Accreditatie

Online Basistraining AI voor de fiscale praktijk

Cursus Contracteren en managen van AI-systemen | PE Accreditatie

Verdiepingscursus Internationale aspecten loonheffing | PE Accreditatie

Pitstop casuscollege bedrijfsopvolging | PE Accreditatie

Online Basistraining AI voor de fiscale praktijk

Online cursus CV en bedrijfsopvolging

Online cursus Schenken en lenen in familieverband

Meerdaagse opleiding Vastgoedfiscaliteiten

Meer opleidingen

Footer

  • Fiscaal nieuws
  • Opleidingen
  • Kennisbank
  • Vacatures
  • Over ons
  • Adverteren op Taxence
  • NDFR
  • JES! (ESG producten)
  • Fiscaal en meer
  • Tax Talks
  • Register Estate Planners (REP)
  • Contact
  • Linkedin
  • X
  • Facebook
  • Aanmelden nieuwsbrief
  • Naar Lefebvre Sdu Webshop

Taxence is een uitgave van
Lefebvre Sdu
Maanweg 174
2516 AB Den Haag

Powered by Lefebvre Sdu

  • Disclaimer
  • Privacy Statement en Cookiebeleid
lefebvre SDU

Het laatste nieuws van
Taxence in je mail?

Aanmelden

 

×