Staatssecretaris Eerenberg stuurt de Tweede Kamer de beantwoording van het schriftelijk overleg over het Side-by-Side-pakket wereldwijde minimumbelasting (Pijler 2).
Het Side-by-Side-pakket is onderdeel van de internationale afspraken over de wereldwijde minimumbelasting (Pijler 2). Een belangrijk element van het akkoord is de Side-by-Side-veiligehavenregel. Deze regeling voorkomt dat multinationale groepen dubbel worden belast wanneer hun moedermaatschappij gevestigd is in een jurisdictie met een kwalificerend minimumbelastingstelsel. In dat geval wordt de bijheffing onder de inkomen-inclusiemaatregel en de onderbelastewinstmaatregel niet toegepast.
Het Inclusive Framework (IF) heeft geoordeeld dat in de VS een kwalificerende equivalente minimumbelasting van toepassing is die een minimumniveau van belasting waarborgt over zowel binnenlandse als buitenlandse winsten van een multinationale groep. Concreet betekent dit dat Amerikaanse multinationale groepen voor hun binnenlandse en buitenlandse winsten geen Pijler 2-bijheffing verschuldigd zijn op grond van de inkomen-inclusiemaatregel en de onderbelastewinstmaatregel, omdat deze winsten geacht worden gelijkwaardig te worden belast op grond van het Amerikaanse belastingstelsel.
Gelijk speelveld
Op vragen over een gelijk speelveld tussen landen antwoordt de staatssecretaris dat Amerikaanse multinationals wel onderworpen aan binnenlandse bijheffingen in andere landen waar zij actief zijn. Of er daadwerkelijk een voordeel ontstaat, hangt volgens het kabinet af van de concrete omstandigheden en de belastinggrondslag.
De VVD vraagt ook of het kabinet kan monitoren of bedrijven hun hoofdkantoor verplaatsen naar de Verenigde Staten. Het kabinet stelt dat dit lastig direct te meten is, omdat verplaatsingsbeslissingen vaak meerdere oorzaken hebben. Wel wordt het vestigingsklimaat jaarlijks gemonitord via de Monitor Ondernemingsklimaat.
Verder vragen de leden of Nederland zelf kan kwalificeren voor de Side-by-Side-veiligehavenregel. Het kabinet ziet daar geen reden voor, omdat Nederland de Pijler-2-regels al volledig heeft ingevoerd via de Wet minimumbelasting 2024.
De leden van de GroenLinks-PvdA-fractie stellen vragen over het internationale proces rond belastingafspraken en de effectiviteit van het Side-by-Side-pakket. Zij vragen of het OESO-proces voldoende inclusief is geweest en wijzen erop dat veel ontwikkelingslanden aanvankelijk niet betrokken waren bij de besluitvorming over mondiale belastingregels.
De staatssecretaris antwoordt dat het BEPS-project juist een brede internationale betrokkenheid kende. Meer dan tachtig niet-OESO-landen zijn geconsulteerd en sinds 2016 kunnen landen deelnemen aan het Inclusive Framework, waarin inmiddels 148 jurisdicties samenwerken. Nederland blijft zich volgens het kabinet inzetten voor inclusiviteit en technische ondersteuning van ontwikkelingslanden.
Verder vragen de leden naar de criteria van de veiligehavenregels en mogelijke uitzonderingen op het minimumbelastingtarief van 15%. De staatssecretaris benadrukt dat uitzonderingen zo beperkt mogelijk moeten blijven. Nederland kent volgens het kabinet geen fiscale regelingen die voldoen aan de strikte voorwaarden van kwalificerende belastingtegoeden.
Vestigingsklimaat
Ook vragen de leden hoe Nederland concurrerend kan blijven nu andere landen fiscale prikkels zoals refundable tax credits gebruiken. Het kabinet benadrukt dat het vestigingsklimaat door veel factoren wordt bepaald, zoals infrastructuur, arbeidsmarkt en bestuurlijke stabiliteit. Volgens het kabinet worden de effecten van de minimumbelasting op het Nederlandse bedrijfsleven gemonitord via een jaarlijkse rapportage.
De leden van de JA21-fractie richten hun vragen op de rol van fiscale stimuleringsmaatregelen binnen de wereldwijde minimumbelasting. Zij vragen of de Substance-based Tax Incentive (SBTI) Safe Harbour het mogelijk maakt om fiscale regelingen zo vorm te geven dat een Pijler-2-bijheffing wordt voorkomen.
De staatssecretaris antwoordt dat de manier waarop fiscale regelingen worden behandeld invloed heeft op de berekening van het effectieve belastingtarief. Binnen het Inclusive Framework wordt gewerkt aan monitoring om te voorkomen dat stimuleringsmaatregelen feitelijk worden gebruikt om de minimumbelasting te omzeilen.
Masterclass Pillar 2 – Wet minimumbelasting 2024
Na het volgen van deze Masterclass heb je een goed beeld van de inhoud en de structuur van de Pillar 2-regels, het concept van de berekening van de Pillar 2 effectieve winstbelastingdruk (inclusief een basisbegrip van Tax Accounting), zodat je in de praktijk de relevante verplichtingen alsmede de vraagpunten kunt herkennen en de regels kunt toepassen.






Geef een reactie