Hof ’s-Hertogenbosch oordeelt dat het centrum van de levensbelangen van een man in Nederland ligt, ondanks zijn woning en inschrijving in Duitsland. De inspecteur mag bovendien navorderen omdat pas later blijkt dat de man aanzienlijke buitenlandse bank- en beleggingstegoeden niet heeft aangegeven.
Een man bezit een woning in Nederland waarin zijn moeder woont en huurt daarnaast een appartement in Duitsland. Hij werkt in 2014 in Nederland en verblijft naar eigen zeggen in weekenden, op vrije dagen en tijdens vakanties in zijn Nederlandse woning. In zijn aangifte IB/PVV 2014 vermeldt hij € 26.796 aan vermogen in box 3 en geen buitenlandse banktegoeden. Later blijkt uit een door hem verstrekt overzicht dat hij voor bijna € 600.000 aan bank- en beleggingstegoeden bezit. De inspecteur legt daarop een navorderingsaanslag op. In geschil is onder meer waar de man fiscaal woont, of navordering mogelijk is en hoe hoog zijn box 3-vermogen is.
Centrum levensbelangen ligt in Nederland
Het hof stelt vast dat de man in beide landen over woonruimte beschikt, maar dat zijn persoonlijke en economische banden met Nederland sterker zijn. Hij bezit hier een woning, werkt voor een Nederlandse werkgever en verblijft in weekenden en vakanties in Nederland, mede om zijn moeder te verzorgen. Het hof hecht meer waarde aan deze eerdere verklaringen dan aan latere, deels tegenstrijdige verklaringen. Het centrum van zijn levensbelangen ligt daarom in Nederland.
Buitenlandse tegoeden rechtvaardigen navordering
De inspecteur hoefde bij het vaststellen van de oorspronkelijke aanslag niet te twijfelen aan de aangifte. Pas in november 2018 krijgt hij informatie over de buitenlandse rekeningen. Dat vormt een nieuw feit dat navordering rechtvaardigt. Het hof acht aannemelijk dat de man op 1 januari 2014 voor ten minste € 600.000 aan bank- en beleggingstegoeden bezit. Omdat hij buitenlandse tegoeden bewust niet vermeldt, is ook voorwaardelijk opzet bewezen. De boete wordt vastgesteld op € 6.180.
Wet: art. 4 en art. 16 AWR
Bron: Gerechtshof ‘s-Hertogenbosch, 26-08-2026, ECLI:NL:GHSHE:2026:2306, 24/1182 en 24/1183 | NDFR





Geef een reactie