• Skip to primary navigation
  • Skip to main content
  • Skip to primary sidebar
  • Skip to footer
  • Nieuwsbrief
  • Contact

Taxence

Taxence

  • Nieuws & achtergrond
    • Nieuws
    • Branchenieuws
    • Blogs
    • Verdieping
  • Thema’s
    • AI & Tax Technology
    • Arbeid & Loon
    • Belastingplan
    • BTW & Overdrachtsbelasting
    • BV & DGA
    • Duurzaamheid (ESG & CSRD)
    • Estate planning
    • Alle thema’s
  • Opleidingen
    • AI & Tax Tech
    • ESG & CSRD
    • Estate Planning
    • BTW
    • Vastgoed
    • Internationaal
    • Arbeid & Loon
    • Formeel
    • Familiebedrijven
    • VPB
    • Pensioen
  • Carrière
    • Personalia
    • Vacatures
    • Vacature toevoegen
    • Partners
  • Vakinformatie
    • NDFR
    • Addify
    • JES! Knowledge
    • Fiscaal en meer
    • Tax talks
    • Vakblad Estate Planning
    • Specials
  • Kennisbank

Rollende kalender bewijst aard verblijf niet

23 april 2018 door Remco Latour

Bij geschillen over het aantal dagen dat een buitenlandse werknemer in Nederland heeft gewerkt is het zaak nauwkeurig bij te houden wat de werknemer op zijn dagen in Nederland doet. Dagen die enig verband houden met de werkzaamheden in Nederland, tellen immers ook mee en kunnen leiden tot heffingsbevoegdheid van Nederland.

In een zaak voor Hof Arnhem-Leeuwarden probeerde een Belgische man aan te tonen dat Nederland niet mocht heffen omdat hij te kort (181 dagen) in Nederland had gewerkt. Maar de Hoge Raad heeft geoordeeld dat bij de toets van de 183-dagenregeling het gaat om het aantal dagen waarin de buitenlandse werknemer in Nederland verblijft. Alle dagen in de werkstaat die enig verband houden met de werkzaamheden in de werkstaat, tellen mee. Zie ook ‘HR: ook niet-werkdagen tellen mee voor 183-dagenregeling). De man stelde dat hij een zogeheten rollende kalender erop nahield. Hierop had hij bijgehouden op welke data hij aanwezig was in Nederland voor zijn werk. Het hof vindt deze rollende kalender onvoldoende bewijs. De man heeft hierin niet duidelijk aangegeven welk criterium hij hanteert voor het in Nederland aanwezig zijn voor werk. Zelf stelt de man dat hij voldoende bewijs heeft geleverd. Hij meent dat men om redenen van privacy niet van hem kan verlangen dat hij het hele jaar bijhoudt waar hij verblijft. Het hof volgt de man hierin niet en oordeelt dat de man al met al meer dan 183 dagen in Nederland heeft verbleven. Nederland is dus heffingsbevoegd.

 

Wet: artt. 3.81, 4.6 en 7.5 Wet IB 2001 en artikel 12a Wet LB 1964

Verdrag: art. 15 Verdrag Nederland-België 2001

Meer informatie: Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 10 april 2018 (gepubliceerd 18 april 2018), ECLI:NL:GHARL:2018:3234

Filed Under: Arbeid & loon, Fiscaal nieuws, Nieuws

Reageer
Vorige artikel
NLsportraad pleit voor erkenning sportevenement als goed doel
Volgende artikel
Inkeren en schenkingen: een ongelukkige combinatie

Reader Interactions

Gerelateerde berichten

ziekenhuis-belastingdienst

Standpunt over vergoedingen coassistent

De Kennisgroep loonheffing algemeen heeft een standpunt ingenomen over de vergoedingen die een coassistent ontvangt.

taxi Uber

Uber-chauffeurs geen werknemers door zwaarwegend ondernemerschap

Gerechtshof Amsterdam oordeelt dat Uber-chauffeurs in deze procedure geen arbeidsovereenkomst hebben. Hun sterke ondernemerschap weegt zwaarder dan aanwijzingen voor werknemerschap, waardoor de cao Taxivervoer niet van toepassing is.

loon tijdens ziekte

Documenten openbaar over cassatie uitspraak arbeidskorting

Er zijn documenten openbaar gemaakt betreffende de uitspraak van het Gerechtshof over arbeidskorting en de besluitvorming cassatie in te stellen. Specifiek tijdens de periode van 1 januari 2022 tot en met 30 november 2025.

arbeidsrecht

2e uitgave bijlage Nieuwsbrief Loonheffingen 2026

De Belastingdienst heeft een tweede, aangepaste uitgave gepubliceerd van de bijlage met tarieven, bedragen en percentages loonheffingen per 1 januari 2026. In deze versie zijn enkele fouten hersteld en is een extra toelichting toegevoegd.

dga-salaris

Standpunt voorwaarden doorbetaaldloonregeling in AB-verhoudingen

De Kennisgroep loonheffing algemeen heeft een standpunt ingenomen over de voorwaarden waaronder de doorbetaaldloonregeling in aanmerkelijk belang-verhoudingen mag worden toegepast. Het standpunt KG:204:2022:6 wordt hierbij ingetrokken.

Geef een reactie Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Primary Sidebar

Opleidingen

Masterclass Management- en werknemersparticipatie

Webinar zzp dossier, wanneer is er wel of niet sprake van schijnzelfstandigheid?

Masterclass Management- en werknemersparticipatie

Online cursus Gebruikelijk loon 2026

Verdiepingscursus Internationale aspecten loonheffing

AGENDA

Online cursus afwaarderen & kwijtschelden van vorderingen

Masterclass Management- en werknemersparticipatie

Masterclass Btw-processen in SAP S/4HANA

Online cursus Afwikkeling van overnameregelingen in firmacontract en statuten

Masterclass Actualiteiten vermogensstructurering 2026

Verdiepende AI training voor de fiscale praktijk

Cursus AI-Implementatie – Organiseren van AI-geletterdheid

Masterclass Het ideale testament – Bestaat dat echt?

Online cursus Digitale nalatenschap in de praktijk: regelen én afwikkelen

Specialisatieopleiding btw en internationaal zakendoen

Meer opleidingen

Footer

  • Fiscaal nieuws
  • Opleidingen
  • Kennisbank
  • Vacatures
  • Over ons
  • Adverteren op Taxence
  • NDFR
  • JES! (ESG producten)
  • Fiscaal en meer
  • Addify
  • Tax Talks
  • Register Estate Planners (REP)
  • Contact
  • Linkedin
  • X
  • Facebook
  • Aanmelden nieuwsbrief
  • Naar Lefebvre Sdu Webshop

Taxence is een uitgave van
Lefebvre Sdu
Maanweg 174
2516 AB Den Haag

Powered by Lefebvre Sdu

  • Disclaimer
  • Privacy Statement en Cookiebeleid
lefebvre SDU

Het laatste nieuws van
Taxence in je mail?

×