• Skip to primary navigation
  • Skip to main content
  • Skip to primary sidebar
  • Skip to footer
  • Nieuwsbrief
  • Contact

Taxence

Taxence

  • Nieuws & achtergrond
    • Nieuws
    • Branchenieuws
    • Blogs
    • Verdieping
  • Thema’s
    • AI & Tax Technology
    • Arbeid & Loon
    • Belastingplan
    • BTW & Overdrachtsbelasting
    • BV & DGA
    • Duurzaamheid (ESG & CSRD)
    • Estate planning
    • Alle thema’s
  • Opleidingen
    • AI & Tax Tech
    • ESG & CSRD
    • Estate Planning
    • BTW
    • Vastgoed
    • Internationaal
    • Arbeid & Loon
    • Formeel
    • Familiebedrijven
    • VPB
    • Pensioen
  • Carrière
    • Personalia
    • Vacatures
    • Vacature toevoegen
    • Partners
  • Vakinformatie
    • NDFR
    • Addify
    • JES! Knowledge
    • Fiscaal en meer
    • Tax talks
    • Vakblad Estate Planning
    • Specials
  • Kennisbank

Moeders woning was fictief legaat

3 december 2015 door Marieke Jansen

Als jaarlijks een huurbedrag wordt betaald van minimaal 6% van de WOZ-waarde van de woning, zou sprake zijn van een ‘genotsvoorkomende zakelijke huur’. Nu dat niet het geval was, werd artikel 10 SW van toepassing volgens A-G IJzerman.

In januari 2011 overleed een dame, vier kinderen als erfgenamen achterlatend. Tot haar vermogen behoorde een door haar bewoonde woning. Deze woning was in haar eigendom, tot zij deze in juli 2010 verkocht aan haar zoon voor € 117.500. Na de verkoop huurde zij deze woning tegen een huursom van € 650. De inspecteur merkte de woning aan als fictief legaat, met toepassing van artikel 10 Successiewet (SW). Volgens het eerdere oordeel van de rechtbank en het hof was dit terecht, omdat de betaalde huursom lager was dan 6% van de WOZ-waarde (€ 216.000). Advocaat-Generaal IJzerman merkte op dat het voorbehouden huurrecht kennelijk een waardedrukkend effect had op de overeengekomen koopprijs voor de woning, waardoor de koopprijs lager was dan de waarde vrij in het economische verkeer op het overdrachtsmoment. Zo zijn door erflaatster vererfbare eigendomsrechten (de eigendom van de woning) omgezet in niet-vererfbare genotsrechten (het huurrecht) en wel zodanig dat daarmee de nalatenschap was verkleind en erfbelasting kon worden ontgaan. Dit is nu juist de situatie waar artikel 10 SW voor is bedoeld, aldus de A-G. Jaarlijks moet er een bedrag aan huur worden betaald van minimaal 6% van de WOZ-waarde van de woning, wil er sprake zijn van een ‘genotsvoorkomende zakelijke huur’. Aangezien de betaalde huur in deze zaak daaronder bleef, was artikel 10 SW van toepassing op de gehele fictief verkregen onroerende zaak volgens de A-G. Het is nu wachten op het oordeel van de Hoge Raad.

Wet: artikel 10 lid 1 en lid 3, artikel 21 lid 13 Successiewet, artikel 10 Uitvoeringsbesluit Successiewet, artikel 17 lid 2 wet WOZ

Meer informatie: Parket bij de Hoge Raad, 11 november 2015 (gepubliceerd 27 november 2015), ECLI:NL:PHR:2015:2271

Filed Under: Estate Planning, Fiscaal nieuws, Nieuws

Reageer
Vorige artikel
Kabinet in beroep tegen besluit Starbucks-zaak
Volgende artikel
Nederlands-Duits besluit bepaalt heffingsrecht ontslagvergoeding niet

Reader Interactions

Gerelateerde berichten

belastingrente

Geen verhoogde kindvrijstelling zonder 50% onderhoud

Een zoon maakt niet aannemelijk dat zijn moeder ten minste 50% heeft bijgedragen aan zijn levensonderhoud. Het hof wijst daarom de verhoogde kindvrijstelling in de erfbelasting af.

Doe voor 1 maart aangifte schenkbelasting 2025

In 2025 een schenking ontvangen? Dan vóór 1 maart 2026 aangifte schenkbelasting doen meldt de Belastingdienst.

Werkinstructie schenkbelasting bij niet-ANBI’s openbaar

De staatssecretaris van Financiën heeft een werkinstructie (deels) openbaar gemaakt over schenkbelasting bij niet-ANBI’s.

Bedrijfsopvolgingsregeling

Standpunt terugname vrijstelling ob bij gefaseerde bedrijfsoverdracht

De Kennisgroep overdrachtsbelasting heeft de vraag beantwoord of de vrijstelling van overdrachtsbelasting van artikel 15, eerste lid, onderdeel b van de WBR in het geval van een gefaseerde bedrijfsoverdracht wordt teruggenomen wanneer tussentijds, vóór voltooiing van de bedrijfsoverdracht, een eerder fasegewijs verkregen deel van de onderneming door de overnemer wordt ingebracht in een bv.

belastingrente

Standpunt genietingstijdstip reguliere voordelen bij overlijden en box 3

De Kennisgroep inkomstenbelasting niet-winst heeft de vraag beantwoord hoe lopende rente- en huurtermijnen bij overlijden in aanmerking moeten worden genomen onder de tegenbewijsregeling voor box 3.

Geef een reactie Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Primary Sidebar

Opleidingen

Specialisatieopleiding Vermogensstructurering

Online cursus CV en bedrijfsopvolging

PE-Pitstop Emigratie van de aanmerkelijk belanghouder

Verdiepingscursus Erven en schenken

Verdiepingscursus Aangifte erfbelasting

AGENDA

Online cursus afwaarderen & kwijtschelden van vorderingen

Masterclass Management- en werknemersparticipatie

Masterclass Btw-processen in SAP S/4HANA

Online cursus Afwikkeling van overnameregelingen in firmacontract en statuten

Masterclass Actualiteiten vermogensstructurering 2026

Verdiepende AI training voor de fiscale praktijk

Cursus AI-Implementatie – Organiseren van AI-geletterdheid

Masterclass Het ideale testament – Bestaat dat echt?

Online cursus Digitale nalatenschap in de praktijk: regelen én afwikkelen

Specialisatieopleiding btw en internationaal zakendoen

Meer opleidingen

Footer

  • Fiscaal nieuws
  • Opleidingen
  • Kennisbank
  • Vacatures
  • Over ons
  • Adverteren op Taxence
  • NDFR
  • JES! (ESG producten)
  • Fiscaal en meer
  • Addify
  • Tax Talks
  • Register Estate Planners (REP)
  • Contact
  • Linkedin
  • X
  • Facebook
  • Aanmelden nieuwsbrief
  • Naar Lefebvre Sdu Webshop

Taxence is een uitgave van
Lefebvre Sdu
Maanweg 174
2516 AB Den Haag

Powered by Lefebvre Sdu

  • Disclaimer
  • Privacy Statement en Cookiebeleid
lefebvre SDU

Het laatste nieuws van
Taxence in je mail?

×