• Skip to primary navigation
  • Skip to main content
  • Skip to primary sidebar
  • Skip to footer
  • Nieuwsbrief
  • Contact

Taxence

Taxence

  • Nieuws & achtergrond
    • Nieuws
    • Branchenieuws
    • Blogs
    • Verdieping
  • Thema’s
    • AI & Tax Technology
    • Arbeid & Loon
    • Belastingplan
    • BTW & Overdrachtsbelasting
    • BV & DGA
    • Duurzaamheid (ESG & CSRD)
    • Estate planning
    • Alle thema’s
  • Opleidingen
    • AI & Tax Tech
    • ESG & CSRD
    • Estate Planning
    • BTW
    • Vastgoed
    • Internationaal
    • Arbeid & Loon
    • Formeel
    • Familiebedrijven
    • VPB
    • Pensioen
  • Belastingplan
  • Carrière
    • Personalia
    • Vacatures
    • Vacature toevoegen
    • Partners
  • Vakinformatie
    • NDFR
    • Addify
    • JES! Knowledge
    • Fiscaal en meer
    • Tax talks
    • Vakblad Estate Planning
    • Specials
  • Kennisbank

Weigering 100% zakelijke etikettering geen discriminatie

8 januari 2015 door Marieke Jansen

In gemeenschap van goederen gehuwden die een pand kopen, bevinden zich in een andere vermogensrechtelijke en juridische situatie dan ongehuwden die samen een pand aanschaffen. Volgens de rechtbank is hierbij geen sprake van strijd met het non-discriminatiebeginsel en mag in geval van een samenlevingscontract volledig zakelijke etikettering geweigerd worden.

Een ondernemer en zijn partner hadden een samenlevingsovereenkomst. Bij aankoop van een woning, etiketteerde de ondernemer deze volledig zakelijk. De inspecteur accepteerde dit niet. Volgens de ondernemer ten onrechte, omdat in gemeenschap van goederen gehuwden  bij aankoop van een woning deze wel volledig als zakelijk kunnen etiketteren. Hij beriep zich daarom op het non-discriminatiebeginsel (artikel 26 IVPBR). Volgens de rechtbank zit de samenwonende ondernemer vermogensrechtelijk en juridisch in een andere situatie dan de in gemeenschap van goederen gehuwde die een pand zou kopen. Deze ongelijke behandeling komt voort uit  de toepasselijke verschillende vermogensrechtelijke regels uit het burgerlijk wetboek, en niet uit de wet IB. De partnerregeling in artikel 1.2 Wet IB2001 maakt de vermogensrechtelijke verschillen tussen gehuwden en ongehuwden dan ook niet ongedaan. Er was in dit geval geen sprake van gelijke gevallen, waardoor de woning niet geheel als ondernemingsvermogen kon worden aangemerkt. Omdat de woning voor minder dan 10% in de onderneming werd gebruikt, mocht de ondernemer ook niet zijn eigen helft in het eigendom van de woning etiketteren als ondernemingsvermogen.

Wet: artikel 26 IVBPR, artikel 1.2 Wet IB2001, 3:166 BW

Meer informatie: Rechtbank Zeeland-West Brabant, 21 november 2014 (gepubliceerd op 23 december 2014), ECLI:NL:RBZWB:2014:7990

Filed Under: Fiscaal nieuws, IB-ondernemer, Nieuws

Reageer
Vorige artikel
Besluit Bestuurlijke Boeten Belastingdienst 2015
Volgende artikel
Afrekenen HIR bij emigratie naar Duitsland

Reader Interactions

Gerelateerde berichten

Telemarketingwerk telt niet mee voor het urencriterium

Hof Arnhem-Leeuwarden oordeelt dat telemarketingactiviteiten onvoldoende samenhangen met de bouw- en schilderwerkzaamheden van een ondernemer om tot dezelfde onderneming te behoren. De telemarketingactiviteiten vormen ook zelfstandig geen onderneming, waardoor de gewerkte uren niet meetellen voor het urencriterium.

herinvesteringsreserve

Agrarische activiteiten blijven bron van inkomen ondanks verliezen

Hof ’s-Hertogenbosch oordeelt dat de agrarische activiteiten van een vof in 2019 en 2020 nog steeds een bron van inkomen vormen. De inspecteur maakt niet aannemelijk dat een objectieve voordeelsverwachting ontbreekt.

verlies ondernemer

Correctie box 3-vermogen wegens overtollige liquiditeiten in eenmanszaak

Rechtbank Den Haag oordeelt dat de inspecteur het box 3-vermogen van de man terecht heeft gecorrigeerd wegens duurzaam overtollige liquiditeiten in zijn eenmanszaak. Slechts €165.000 van de bank- en spaartegoeden geldt als werkkapitaal; het restant is overtollig en valt in box 3.

belangen aandelen

Standpunt bijgeschreven vergoeding cumulatief preferente aandelen en financieringstoets lucratief belang

De kennisgroep ROW heeft de vraag beantwoord of de bijgeschreven vergoeding op de cumulatief preferente aandelen meetelt voor de financieringstoets van artikel 3.92b, vierde lid, Wet IB 2001.

verbouwing huis

Verbouwing van vier panden kwalificeert als box 1-winst

Rechtbank Den Haag oordeelt per pand of sprake is van meer dan normaal vermogensbeheer. Voor vier van de zeven panden is dat het geval, waardoor de resultaten daaruit terecht als winst uit onderneming in box 1 zijn belast.

Geef een reactie Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Primary Sidebar

Opleidingen

AGENDA

Stoomcursus Erfrecht – Civiel en fiscaal – Het hele erfrecht in één dag!  | PE Accreditatie

Basiscursus Estate planning | PE Accreditatie

Specialisatieopleiding Vermogensstructurering

Specialisatieopleiding Estate Planning | PE Accreditatie

Webinar Fiscale wijzigingen 2027 | PE Accreditatie

Online cursus Btw-aangifte | PE Accreditatie

Online cursus Staken van de onderneming: (turbo)liquidatie, WHOA liquidatie akkoord | PE Accreditatie

Masterclass Overdrachtsbelasting | PE Accreditatie

Online Basistraining AI voor de fiscale praktijk

Online cursus Technisch aanmerkelijk belang | PE Accreditatie

Meer opleidingen

Footer

  • Fiscaal nieuws
  • Opleidingen
  • Kennisbank
  • Vacatures
  • Over ons
  • Adverteren op Taxence
  • NDFR
  • JES! (ESG producten)
  • Fiscaal en meer
  • Tax Talks
  • Register Estate Planners (REP)
  • Contact
  • Linkedin
  • X
  • Facebook
  • Aanmelden nieuwsbrief
  • Naar Lefebvre Sdu Webshop

Taxence is een uitgave van
Lefebvre Sdu
Maanweg 174
2516 AB Den Haag

Powered by Lefebvre Sdu

  • Disclaimer
  • Privacy Statement en Cookiebeleid
lefebvre SDU

Het laatste nieuws van
Taxence in je mail?

Aanmelden

 

×