• Skip to primary navigation
  • Skip to main content
  • Skip to primary sidebar
  • Skip to footer
  • Nieuwsbrief
  • Contact

Taxence

Taxence

  • Nieuws & achtergrond
    • Nieuws
    • Branchenieuws
    • Blogs
    • Verdieping
  • Thema’s
    • AI & Tax Technology
    • Arbeid & Loon
    • Belastingplan
    • BTW & Overdrachtsbelasting
    • BV & DGA
    • Duurzaamheid (ESG & CSRD)
    • Estate planning
    • Alle thema’s
  • Opleidingen
    • AI & Tax Tech
    • ESG & CSRD
    • Estate Planning
    • BTW
    • Vastgoed
    • Internationaal
    • Arbeid & Loon
    • Formeel
    • Familiebedrijven
    • VPB
    • Pensioen
  • Carrière
    • Personalia
    • Vacatures
    • Vacature toevoegen
    • Partners
  • Vakinformatie
    • NDFR
    • Addify
    • JES! Knowledge
    • Fiscaal en meer
    • Tax talks
    • Vakblad Estate Planning
    • Specials
  • Kennisbank

LJN: BZ5949, Rechtbank ‘s-Gravenhage, SGR 12/9555

29 maart 2013 door redactie

Kindgebonden budget. Artikelen 8 en 14 EVRM. Het koppelingsbeginsel vormt op zichzelf een redelijke en objectieve rechtvaardiging voor het onderscheid tussen aanvragers om een kindgebonden budget die wel een verblijfsvergunning hebben en aanvragers die geen verblijfsvergunning hebben. Op grond van de jurisprudentie kan onder zeer bijzondere omstandigheden in het concrete geval de weigering om een kindgebonden budget te verstrekken in strijd zijn met het verbod op het maken van een ongerechtvaardigd onderscheid. Slechts indien sprake is van zeer bijzondere omstandigheden kan sprake zijn van een schending van de door eiseres genoemde verdragen. De door eiseres genoemde omstandigheden vormen geen grond voor het oordeel dat sprake is van een schending van het ERVM, het IVRK, het Europees Sociaal Handvest of het IVESC. Verweerder heeft er terecht op gewezen dat de uit het IVRK voortvloeiende verplichtingen niet zo ver gaan dat in Nederland verblijvende kinderen zonder rechtmatig verblijf in staat moeten worden gesteld om op te groeien op materieel de hier te lande voor kinderen met rechtmatig verblijf minimaal aanvaardbaar geachte standaard. De rechtbank verwijst naar de uitspraak van de Hoge Raad van 21 september 2012, LJN BW5328. Gesteld noch aannemelijk is dat het niet toekennen van een kindgebonden budget in het onderhavige geval leidt tot een humanitaire noodsituatie.

Meer informatie: http://zoeken.rechtspraak.nl/ResultPage.aspx?snelzoeken=t&searchtype=ljn&ljn=BZ5949

Filed Under: Jurisprudentie

Reageer
Vorige artikel
LJN: BZ5889, Gerechtshof Arnhem, 12/00481
Volgende artikel
LJN: BZ5930, Rechtbank Haarlem, AWB 12/1303, 12/2189 12/2190 & 12/2192

Reader Interactions

Gerelateerde berichten

Btw-herziening op vastgoeddiensten vanaf 2026

Vanaf 1 januari 2026 geldt een nieuwe herzieningsregeling voor investeringsdiensten bij verbouwings- en onderhoudsprojecten aan onroerende zaken. Ondernemers moeten de aftrek van voorbelasting dan vijf jaar volgen en zo nodig corrigeren. In deze Tax Talks focusuitzending bespreken mr. Carola van Vilsteren en presentator mr. Richard Bierlaagh wanneer btw moet worden terugbetaald en wanneer juist extra aftrek mogelijk is.

luxemburg

Inhoudingsvrijstelling geweigerd bij misbruik Moeder-dochterrichtlijn

Hof ’s-Hertogenbosch oordeelt dat een Luxemburgse tussenhoudster is tussengeschoven om Nederlandse dividendbelasting te ontlopen. De inhoudingsvrijstelling van art. 4 Wet op de dividendbelasting 1965 (Wet DB 1965) is daarom terecht geweigerd wegens misbruik van Unierecht.

onzakelijke lening

Lening via eigen bv met te lange looptijd geen eigenwoningschuld

Rechtbank Gelderland oordeelt dat twee leningen van een dga bij zijn eigen bv niet kwalificeren als eigenwoningschuld. Doordat in de contracten opnieuw een looptijd van 360 maanden is afgesproken, wordt de maximale termijn van art. 3.119c Wet IB 2001 overschreden.

Standpunt kwalificatie Ierse DAC

De Kennisgroep belastingplicht en kwalificatie rechtsvormen heeft de vraag beantwoord met welke Nederlandse rechtsvorm een Ierse Designated activity company limited by shares vergelijkbaar is.

ECLI:NL:RBGEL:2026:995 Rechtbank Gelderland, 11-02-2026, AWB 25_145

Inkomstenbelasting. Vanuit de bank naar de eigen B.V. overgesloten geldleningen (die vrij kort daarna volledig zijn afgelost) vormen geen eigenwoningschuld in de zin van artikel 3.119c van de Wet IB 2001. De leningen voldoen niet aan het vereiste dat de totale looptijd van de lening maximaal 360 maanden mag bedragen. Meer informatie: https://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2026:995&pk_campaign=rss&pk_medium=rss&pk_keyword=uitspraken

Geef een reactie Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Primary Sidebar

AGENDA

Online cursus introductie participatieregelingen en lucratieve belangen

Online cursus Staken van de onderneming: (turbo)liquidatie, WHOA liquidatie akkoord

Basistraining AI voor de fiscale praktijk

Congres Estate Planning 2026

Online cursus afwaarderen & kwijtschelden van vorderingen

Masterclass Management- en werknemersparticipatie

Masterclass Btw-processen in SAP S/4HANA

Online cursus Afwikkeling van overnameregelingen in firmacontract en statuten

Masterclass Actualiteiten vermogensstructurering 2026

Verdiepende AI training voor de fiscale praktijk

Meer opleidingen

Footer

  • Fiscaal nieuws
  • Opleidingen
  • Kennisbank
  • Vacatures
  • Over ons
  • Adverteren op Taxence
  • NDFR
  • JES! (ESG producten)
  • Fiscaal en meer
  • Addify
  • Tax Talks
  • Register Estate Planners (REP)
  • Contact
  • Linkedin
  • X
  • Facebook
  • Aanmelden nieuwsbrief
  • Naar Lefebvre Sdu Webshop

Taxence is een uitgave van
Lefebvre Sdu
Maanweg 174
2516 AB Den Haag

Powered by Lefebvre Sdu

  • Disclaimer
  • Privacy Statement en Cookiebeleid
lefebvre SDU

Het laatste nieuws van
Taxence in je mail?

×