• Skip to primary navigation
  • Skip to main content
  • Skip to primary sidebar
  • Skip to footer
  • Nieuwsbrief
  • Contact

Taxence

Taxence

  • Nieuws & achtergrond
    • Nieuws
    • Branchenieuws
    • Blogs
    • Verdieping
  • Thema’s
    • AI & Tax Technology
    • Arbeid & Loon
    • Belastingplan
    • BTW & Overdrachtsbelasting
    • BV & DGA
    • Duurzaamheid (ESG & CSRD)
    • Estate planning
    • Alle thema’s
  • Opleidingen
    • AI & Tax Tech
    • ESG & CSRD
    • Estate Planning
    • BTW
    • Vastgoed
    • Internationaal
    • Arbeid & Loon
    • Formeel
    • Familiebedrijven
    • VPB
    • Pensioen
  • Carrière
    • Personalia
    • Vacatures
    • Vacature toevoegen
    • Partners
  • Vakinformatie
    • NDFR
    • Addify
    • JES! Knowledge
    • Fiscaal en meer
    • Tax talks
    • Vakblad Estate Planning
    • Specials
  • Kennisbank

LJN: BZ5887, Rechtbank Arnhem, ZUT 12/1340

29 maart 2013 door redactie

In beroep is slechts de hoogte van de proceskostenvergoeding in de bezwaarfase onderwerp van geschil. Een afspraak op basis van no cure, no pay staat niet in de weg aan toekenning van een proceskostenvergoeding. De afspraak tussen eiser en zijn gemachtigde betreft echter tevens een afspraak over de hoogte van de vergoeding. Voor zover in geschil is het door eiser aan zijn gemachtigde verschuldigde bedrag exact gelijk aan het bedrag dat aan proceskostenvergoeding wordt toegekend. Wordt een aanvullende proceskostenvergoeding voor de bezwaarfase toegekend, dan zal een aanvullende rekening volgen. Wordt geen aanvullende proceskostenvergoeding toegekend, dan is er volledig afgerekend en volgt er geen aanvullende rekening voor de bezwaarfase. Dientengevolge zal eiser ongeacht de uitkomst van het beroep immer in dezelfde financiële positie blijven. Een uitspraak van de rechtbank kan eiser daarom niet in een gunstiger positie brengen dan waarin hij met de door verweerder bij de uitspraak op bezwaar toegekende proceskostenvergoeding al is komen te verkeren. Wegens gebrek aan belang van eiser wordt het beroep niet-ontvankelijk verklaard.

Meer informatie: http://zoeken.rechtspraak.nl/ResultPage.aspx?snelzoeken=t&searchtype=ljn&ljn=BZ5887

Filed Under: Jurisprudentie

Reageer
Vorige artikel
LJN: BZ5858, Hoge Raad, 12/03465
Volgende artikel
LJN: BZ5850, Hoge Raad, 12/03508

Reader Interactions

Gerelateerde berichten

Btw-herziening op vastgoeddiensten vanaf 2026

Vanaf 1 januari 2026 geldt een nieuwe herzieningsregeling voor investeringsdiensten bij verbouwings- en onderhoudsprojecten aan onroerende zaken. Ondernemers moeten de aftrek van voorbelasting dan vijf jaar volgen en zo nodig corrigeren. In deze Tax Talks focusuitzending bespreken mr. Carola van Vilsteren en presentator mr. Richard Bierlaagh wanneer btw moet worden terugbetaald en wanneer juist extra aftrek mogelijk is.

luxemburg

Inhoudingsvrijstelling geweigerd bij misbruik Moeder-dochterrichtlijn

Hof ’s-Hertogenbosch oordeelt dat een Luxemburgse tussenhoudster is tussengeschoven om Nederlandse dividendbelasting te ontlopen. De inhoudingsvrijstelling van art. 4 Wet op de dividendbelasting 1965 (Wet DB 1965) is daarom terecht geweigerd wegens misbruik van Unierecht.

onzakelijke lening

Lening via eigen bv met te lange looptijd geen eigenwoningschuld

Rechtbank Gelderland oordeelt dat twee leningen van een dga bij zijn eigen bv niet kwalificeren als eigenwoningschuld. Doordat in de contracten opnieuw een looptijd van 360 maanden is afgesproken, wordt de maximale termijn van art. 3.119c Wet IB 2001 overschreden.

Standpunt kwalificatie Ierse DAC

De Kennisgroep belastingplicht en kwalificatie rechtsvormen heeft de vraag beantwoord met welke Nederlandse rechtsvorm een Ierse Designated activity company limited by shares vergelijkbaar is.

ECLI:NL:RBGEL:2026:995 Rechtbank Gelderland, 11-02-2026, AWB 25_145

Inkomstenbelasting. Vanuit de bank naar de eigen B.V. overgesloten geldleningen (die vrij kort daarna volledig zijn afgelost) vormen geen eigenwoningschuld in de zin van artikel 3.119c van de Wet IB 2001. De leningen voldoen niet aan het vereiste dat de totale looptijd van de lening maximaal 360 maanden mag bedragen. Meer informatie: https://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2026:995&pk_campaign=rss&pk_medium=rss&pk_keyword=uitspraken

Geef een reactie Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Primary Sidebar

AGENDA

Online cursus introductie participatieregelingen en lucratieve belangen

Online cursus Staken van de onderneming: (turbo)liquidatie, WHOA liquidatie akkoord

Basistraining AI voor de fiscale praktijk

Congres Estate Planning 2026

Online cursus afwaarderen & kwijtschelden van vorderingen

Masterclass Management- en werknemersparticipatie

Masterclass Btw-processen in SAP S/4HANA

Online cursus Afwikkeling van overnameregelingen in firmacontract en statuten

Masterclass Actualiteiten vermogensstructurering 2026

Verdiepende AI training voor de fiscale praktijk

Meer opleidingen

Footer

  • Fiscaal nieuws
  • Opleidingen
  • Kennisbank
  • Vacatures
  • Over ons
  • Adverteren op Taxence
  • NDFR
  • JES! (ESG producten)
  • Fiscaal en meer
  • Addify
  • Tax Talks
  • Register Estate Planners (REP)
  • Contact
  • Linkedin
  • X
  • Facebook
  • Aanmelden nieuwsbrief
  • Naar Lefebvre Sdu Webshop

Taxence is een uitgave van
Lefebvre Sdu
Maanweg 174
2516 AB Den Haag

Powered by Lefebvre Sdu

  • Disclaimer
  • Privacy Statement en Cookiebeleid
lefebvre SDU

Het laatste nieuws van
Taxence in je mail?

×