• Skip to primary navigation
  • Skip to main content
  • Skip to primary sidebar
  • Skip to footer
  • Nieuwsbrief
  • Contact

Taxence

Taxence

  • Nieuws & achtergrond
    • Nieuws
    • Branchenieuws
    • Blogs
    • Verdieping
  • Thema’s
    • AI & Tax Technology
    • Arbeid & Loon
    • Belastingplan
    • BTW & Overdrachtsbelasting
    • BV & DGA
    • Duurzaamheid (ESG & CSRD)
    • Estate planning
    • Alle thema’s
  • Opleidingen
    • AI & Tax Tech
    • ESG & CSRD
    • Estate Planning
    • BTW
    • Vastgoed
    • Internationaal
    • Arbeid & Loon
    • Formeel
    • Familiebedrijven
    • VPB
    • Pensioen
  • Carrière
    • Personalia
    • Vacatures
    • Vacature toevoegen
    • Partners
  • Vakinformatie
    • NDFR
    • Addify
    • JES! Knowledge
    • Fiscaal en meer
    • Tax talks
    • Vakblad Estate Planning
    • Specials
  • Kennisbank

LJN: BZ5451, Gerechtshof ‘s-Hertogenbosch, 12/00061

25 maart 2013 door redactie

Belanghebbende komt in (hoger) beroep op tegen de aanslag recht van successie 2006. Belanghebbende heeft geen bezwaar gemaakt tegen deze aanslag. Belanghebbendes broer heeft dit wel gedaan voor wat betreft zijn gelijkluidende aanslag. Als gevolg van het bezwaar van de broer zijn de aan belanghebbende en de broer opgelegde aanslagen verlaagd. Belanghebbende heeft een afschrift van de aan de broer gerichte uitspraak op bezwaar, met daarin een rechtsmiddelverwijzing, ontvangen. In (hoger) beroep wijst belanghebbende op de mogelijkheden van beroep genoemd in artikel 54 van de Successiewet 1956. De rechtbank heeft belanghebbende niet-ontvankelijk in beroep verklaard, omdat belanghebbende voorafgaand aan het beroep geen bezwaar heeft gemaakt en (de kopie van) de uitspraak op bezwaar gezien moet worden als een ambtshalve vermindering van de aanslag. Het Hof verklaart het hoger beroep van belanghebbende ongegrond en overweegt verder dat belanghebbende ook inhoudelijk geen belang heeft bij de onderhavige procedure nu een gegrond hoger beroep van belanghebbende zal leiden tot een verhoging van de aanslag. Dat belanghebbendes onderliggende belang een verhoging van het saldo van de nalatenschap is, doet niet aan het voorgaande af.

Meer informatie: http://zoeken.rechtspraak.nl/ResultPage.aspx?snelzoeken=t&searchtype=ljn&ljn=BZ5451

Filed Under: Jurisprudentie

Reageer
Vorige artikel
LJN: BZ5459, Gerechtshof 's-Gravenhage, BK-11/00802
Volgende artikel
LJN: BZ5420, Gerechtshof 's-Gravenhage, BK-11/00734

Reader Interactions

Gerelateerde berichten

Btw-herziening op vastgoeddiensten vanaf 2026

Vanaf 1 januari 2026 geldt een nieuwe herzieningsregeling voor investeringsdiensten bij verbouwings- en onderhoudsprojecten aan onroerende zaken. Ondernemers moeten de aftrek van voorbelasting dan vijf jaar volgen en zo nodig corrigeren. In deze Tax Talks focusuitzending bespreken mr. Carola van Vilsteren en presentator mr. Richard Bierlaagh wanneer btw moet worden terugbetaald en wanneer juist extra aftrek mogelijk is.

luxemburg

Inhoudingsvrijstelling geweigerd bij misbruik Moeder-dochterrichtlijn

Hof ’s-Hertogenbosch oordeelt dat een Luxemburgse tussenhoudster is tussengeschoven om Nederlandse dividendbelasting te ontlopen. De inhoudingsvrijstelling van art. 4 Wet op de dividendbelasting 1965 (Wet DB 1965) is daarom terecht geweigerd wegens misbruik van Unierecht.

onzakelijke lening

Lening via eigen bv met te lange looptijd geen eigenwoningschuld

Rechtbank Gelderland oordeelt dat twee leningen van een dga bij zijn eigen bv niet kwalificeren als eigenwoningschuld. Doordat in de contracten opnieuw een looptijd van 360 maanden is afgesproken, wordt de maximale termijn van art. 3.119c Wet IB 2001 overschreden.

Standpunt kwalificatie Ierse DAC

De Kennisgroep belastingplicht en kwalificatie rechtsvormen heeft de vraag beantwoord met welke Nederlandse rechtsvorm een Ierse Designated activity company limited by shares vergelijkbaar is.

ECLI:NL:RBGEL:2026:995 Rechtbank Gelderland, 11-02-2026, AWB 25_145

Inkomstenbelasting. Vanuit de bank naar de eigen B.V. overgesloten geldleningen (die vrij kort daarna volledig zijn afgelost) vormen geen eigenwoningschuld in de zin van artikel 3.119c van de Wet IB 2001. De leningen voldoen niet aan het vereiste dat de totale looptijd van de lening maximaal 360 maanden mag bedragen. Meer informatie: https://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2026:995&pk_campaign=rss&pk_medium=rss&pk_keyword=uitspraken

Geef een reactie Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Primary Sidebar

AGENDA

Online cursus introductie participatieregelingen en lucratieve belangen

Online cursus Staken van de onderneming: (turbo)liquidatie, WHOA liquidatie akkoord

Basistraining AI voor de fiscale praktijk

Congres Estate Planning 2026

Online cursus afwaarderen & kwijtschelden van vorderingen

Masterclass Management- en werknemersparticipatie

Masterclass Btw-processen in SAP S/4HANA

Online cursus Afwikkeling van overnameregelingen in firmacontract en statuten

Masterclass Actualiteiten vermogensstructurering 2026

Verdiepende AI training voor de fiscale praktijk

Meer opleidingen

Footer

  • Fiscaal nieuws
  • Opleidingen
  • Kennisbank
  • Vacatures
  • Over ons
  • Adverteren op Taxence
  • NDFR
  • JES! (ESG producten)
  • Fiscaal en meer
  • Addify
  • Tax Talks
  • Register Estate Planners (REP)
  • Contact
  • Linkedin
  • X
  • Facebook
  • Aanmelden nieuwsbrief
  • Naar Lefebvre Sdu Webshop

Taxence is een uitgave van
Lefebvre Sdu
Maanweg 174
2516 AB Den Haag

Powered by Lefebvre Sdu

  • Disclaimer
  • Privacy Statement en Cookiebeleid
lefebvre SDU

Het laatste nieuws van
Taxence in je mail?

×