• Skip to primary navigation
  • Skip to main content
  • Skip to primary sidebar
  • Skip to footer
  • Nieuwsbrief
  • Contact

Taxence

Taxence

  • Nieuws & achtergrond
    • Nieuws
    • Branchenieuws
    • Blogs
    • Verdieping
  • Thema’s
    • AI & Tax Technology
    • Arbeid & Loon
    • Belastingplan
    • BTW & Overdrachtsbelasting
    • BV & DGA
    • Duurzaamheid (ESG & CSRD)
    • Estate planning
    • Alle thema’s
  • Opleidingen
    • AI & Tax Tech
    • ESG & CSRD
    • Estate Planning
    • BTW
    • Vastgoed
    • Internationaal
    • Arbeid & Loon
    • Formeel
    • Familiebedrijven
    • VPB
    • Pensioen
  • Carrière
    • Personalia
    • Vacatures
    • Vacature toevoegen
    • Partners
  • Vakinformatie
    • NDFR
    • Addify
    • JES! Knowledge
    • Fiscaal en meer
    • Tax talks
    • Vakblad Estate Planning
    • Specials
  • Kennisbank

Wijs loon vóór genietingsmoment aan als eindheffingsloon

8 april 2024 door Remco Latour

bankspaarproduct

Mr. Hans de Haan geeft zijn commentaar op het arrest waaruit blijkt dat een werkgever een loonbestandsdeel na het genietingsmoment niet meer kan aanwijzen als eindheffingsbestanddeel.

Een bv maakt deel uit van een groep vennootschappen. Voor de werknemers van deze groep is de pensioenregeling aangepast. Daardoor is een groot aantal werknemers geconfronteerd met een lager dan verwacht pensioen. De bv heeft daarom besloten een tegemoetkoming aan deze werknemers te betalen van gemiddeld € 26.268. In juli 2017 zijn deze tegemoetkomingen betaald. Per werknemer is een bedrag van € 2.400 aangewezen als eindheffingsloon. Het meerdere is aangemerkt als werknemersloon waarop loonbelasting is ingehouden en afgedragen. In geschil is of ook voor het meerdere het eindheffingsregime valt toe te passen. Hof Arnhem-Leeuwarden heeft deze vraag ontkennend beantwoord. Zie ook NTFR 2022/2065 en ‘Compensatie voor ander pensioenstelsel is bijzondere beloning’.

Aanwijzing als eindheffingsloon is vormvrij

De Hoge Raad onderschrijft het hofoordeel. De wet stelt geen eisen aan de vorm waarin de aanwijzing als eindheffingsloon moet plaatsvinden. Daarom mag men aannemen dat de aanwijzing vormvrij is. Administratieve vastlegging is geen noodzakelijke voorwaarde. Ook de wijze van verloning is niet doorslaggevend. De inhoudingsplichtige moet wel aannemelijk maken dat een aanwijzing heeft plaatsgevonden. Daaraan is in dit geval niet voldaan. Bovendien dient een aanwijzing uiterlijk plaats te vinden op het moment waarop de werknemer het desbetreffende loonbestanddeel geniet. Op dat moment is de inhoudingsplichtige verplicht om loonbelasting op het loon in te houden, tenzij het eindheffingsregime van toepassing is. Ook daaraan is niet voldaan. De inhoudingsplichtige kan niet de aanwijzing pas voor het eerst in de bezwaar- of beroepsfase doen.

Commentaar mr. Hans de Haan

Taxence vroeg mr. Hans de Haan, sinds jaar en dag commentator bij NTFR, om een reactie op dit arrest.

De Hoge Raad is het in dit arrest helemaal eens met de voorafgaande conclusie van A-G Ettema. De aanwijzing als eindheffingsbestanddeel is vormvrij. Die aanwijzing kan zowel blijken uit de wijze van verwerking in de loonadministratie als op andere wijze, bijvoorbeeld door een mededeling van de inhoudingsplichtige aan de betrokken werknemers.  De bv had het één noch het ander gedaan. Verder moet die aanwijzing uiterlijk plaatsvinden op het moment dat het loon wordt genoten omdat dat het moment is waarop de belasting moet worden ingehouden, tenzij het eindheffingsregime van toepassing is. Daarmee zijn deze twee in de praktijk van alle dag spelende vragen beantwoord.

Gebruikelijkheidstoets bleef achterwege

Waar het in deze zaak eigenlijk om draaide was of de aanwijzing van de vergoedingen, die hier aan de orde waren, gebruikelijk was. De bv vond van wel; de inspecteur vond van niet en dat leidde uiteindelijk tot deze procedure. Omdat er wordt geoordeeld dat er niet is aangewezen kan de vraag naar de gebruikelijkheid ervan ook niet aan de orde komen. De bv vindt dat een onaanvaardbare beperking van de rechtsbescherming en daarmee een schending van art. 1 van het eerste Protocol bij het EVRM. Met die opvatting maakt de Hoge Raad in niet mis te verstane bewoordingen korte metten.

Wet: art. 31, eerste lid, onderdeel f Wet LB

Bronnen: Hoge Raad 5 april 2024, ECLI:NL:HR:2024:387, 22/01503, Hoge Raad 5 april 2024, ECLI:NL:HR:2024:516, 22/001504 en Hoge Raad 5 april 2024, ECLI:NL:HR:2024:517, 22/001507

Binnenkort verschijnt een uitgebreid commentaar van Hans de Haan in NTFR. Nog geen abonnee? Klik dan hier om 3 maanden kennis te maken met NTFR.

Filed Under: Arbeid & loon, Fiscaal nieuws, Nieuws

Reageer
Vorige artikel
Alternatieve dekkingsopties belastingmaatregelen Belastingplan 2024
Volgende artikel
Documenten openbaar over dividendstripping

Reader Interactions

Gerelateerde berichten

ziekenhuis-belastingdienst

Standpunt over vergoedingen coassistent

De Kennisgroep loonheffing algemeen heeft een standpunt ingenomen over de vergoedingen die een coassistent ontvangt.

taxi Uber

Uber-chauffeurs geen werknemers door zwaarwegend ondernemerschap

Gerechtshof Amsterdam oordeelt dat Uber-chauffeurs in deze procedure geen arbeidsovereenkomst hebben. Hun sterke ondernemerschap weegt zwaarder dan aanwijzingen voor werknemerschap, waardoor de cao Taxivervoer niet van toepassing is.

loon tijdens ziekte

Documenten openbaar over cassatie uitspraak arbeidskorting

Er zijn documenten openbaar gemaakt betreffende de uitspraak van het Gerechtshof over arbeidskorting en de besluitvorming cassatie in te stellen. Specifiek tijdens de periode van 1 januari 2022 tot en met 30 november 2025.

arbeidsrecht

2e uitgave bijlage Nieuwsbrief Loonheffingen 2026

De Belastingdienst heeft een tweede, aangepaste uitgave gepubliceerd van de bijlage met tarieven, bedragen en percentages loonheffingen per 1 januari 2026. In deze versie zijn enkele fouten hersteld en is een extra toelichting toegevoegd.

dga-salaris

Standpunt voorwaarden doorbetaaldloonregeling in AB-verhoudingen

De Kennisgroep loonheffing algemeen heeft een standpunt ingenomen over de voorwaarden waaronder de doorbetaaldloonregeling in aanmerkelijk belang-verhoudingen mag worden toegepast. Het standpunt KG:204:2022:6 wordt hierbij ingetrokken.

Geef een reactie Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Primary Sidebar

Opleidingen

Masterclass Management- en werknemersparticipatie

Online cursus Gebruikelijk loon 2026

Masterclass Management- en werknemersparticipatie

Webinar zzp dossier, wanneer is er wel of niet sprake van schijnzelfstandigheid?

Verdiepingscursus Internationale aspecten loonheffing

AGENDA

Online cursus afwaarderen & kwijtschelden van vorderingen

Masterclass Management- en werknemersparticipatie

Masterclass Btw-processen in SAP S/4HANA

Online cursus Afwikkeling van overnameregelingen in firmacontract en statuten

Masterclass Actualiteiten vermogensstructurering 2026

Verdiepende AI training voor de fiscale praktijk

Cursus AI-Implementatie – Organiseren van AI-geletterdheid

Masterclass Het ideale testament – Bestaat dat echt?

Online cursus Digitale nalatenschap in de praktijk: regelen én afwikkelen

Specialisatieopleiding btw en internationaal zakendoen

Meer opleidingen

Footer

  • Fiscaal nieuws
  • Opleidingen
  • Kennisbank
  • Vacatures
  • Over ons
  • Adverteren op Taxence
  • NDFR
  • JES! (ESG producten)
  • Fiscaal en meer
  • Addify
  • Tax Talks
  • Register Estate Planners (REP)
  • Contact
  • Linkedin
  • X
  • Facebook
  • Aanmelden nieuwsbrief
  • Naar Lefebvre Sdu Webshop

Taxence is een uitgave van
Lefebvre Sdu
Maanweg 174
2516 AB Den Haag

Powered by Lefebvre Sdu

  • Disclaimer
  • Privacy Statement en Cookiebeleid
lefebvre SDU

Het laatste nieuws van
Taxence in je mail?

×