• Skip to primary navigation
  • Skip to main content
  • Skip to primary sidebar
  • Skip to footer
  • Nieuwsbrief
  • Contact

Taxence

Taxence

  • Nieuws & achtergrond
    • Nieuws
    • Branchenieuws
    • Blogs
    • Verdieping
  • Thema’s
    • AI & Tax Technology
    • Arbeid & Loon
    • Belastingplan
    • BTW & Overdrachtsbelasting
    • BV & DGA
    • Duurzaamheid (ESG & CSRD)
    • Estate planning
    • Alle thema’s
  • Opleidingen
    • AI & Tax Tech
    • ESG & CSRD
    • Estate Planning
    • BTW
    • Vastgoed
    • Internationaal
    • Arbeid & Loon
    • Formeel
    • Familiebedrijven
    • VPB
    • Pensioen
  • Carrière
    • Personalia
    • Vacatures
    • Vacature toevoegen
    • Partners
  • Vakinformatie
    • NDFR
    • Addify
    • JES! Knowledge
    • Fiscaal en meer
    • Tax talks
    • Vakblad Estate Planning
    • Specials
  • Kennisbank

BOR-optimalisatie: lagere going concernwaarde en overname van schulden

3 september 2018 door Andre Verduijn

De meeste praktijkfiscalisten weten inmiddels uit ervaring hoe gecompliceerd de heffing van erf- en schenkbelasting over ondernemingsvermogen kan zijn, juist ook bij opvolging in de familiesfeer.

Waardering

Allereerst rijst de vraag hoe het ondernemingsvermogen wordt gewaardeerd. Uitgangspunt is de waarde in het economisch verkeer (artikel 21, lid 1 SW), maar meer specifiek schrijft de wet voor dat ondernemingsvermogen wordt gewaardeerd ‘alsof de onderneming wordt voortgezet (waarde going concern), maar tenminste op de liquidatiewaarde’. Dat geldt zowel voor het vermogen van een IB-onderneming als ook voor het ondernemingsvermogen van een B.V.  (artikel 21, lid 13 SW).

 

Bedrijfsopvolgingsregeling

De waarde going concern is ook van belang binnen de bedrijfsopvolgingsregeling (BOR): indien de liquidatiewaarde van de onderneming hoger is dan de waarde going concern, wordt als eerste voorwaardelijk vrijgesteld het verschil tussen beide waarden. Bij de meeste ondernemingen zal juist de waarde going concern (waarin begrepen de goodwill) hoger zijn dan de liquidatiewaarde. Bij de bedrijven in de land- en tuinbouw is vaak het omgekeerde het geval. Daar is men gewend om te werken met de lagere going concernwaarde. Voor deze bedrijven is zelfs een rekenmodel goedgekeurd aan de hand waarvan de lagere waarde going concern kan worden bepaald (Besluit van 16 november 2015, nr. BLKB2015/1346M, Stcrt. 2015, 41921).

Maar ook bij andere ondernemingen is het nuttig om te kijken of de liquidatiewaarde van de onderneming hoger ligt dan de waarde going concern. Denk aan ondernemingen met relatief groot of duur vastgoed of met andere kostbare uitrusting waar de winst (tijdelijk) achterblijft. Hoewel het goedgekeurde rekenmodel alleen voor landbouwbedrijven geldt, kan de daarbinnen gehanteerde DCF-methode mogelijk inspireren bij de bepaling van de waarde going concern.

 

Overname van schulden

Indien ondernemingsvermogen wordt verkregen tegen een tegenprestatie of onder een last, wordt het vermogen voor de BOR gewaardeerd zonder rekening te houden met die tegenprestatie of last (artikel 35b, lid 4 SW). In het arrest van 12 juli 2013, nr. 12/01745, oordeelde de Hoge Raad dat als een overnemer ook de tot het ondernemingsvermogen behorende schulden van de overdrager overneemt -hetgeen juist ook bij familiebedrijven voorkomt-, deze schuldoverneming in dit verband niet is aan te merken als het voldoen van een tegenprestatie. Het ondernemingsvermogen moet in dat geval derhalve worden gewaardeerd met inbegrip van de overgenomen schulden.

Uit het rekenmodel voor de bepaling van de waarde going concern van landbouwbedrijven blijkt dat overgenomen schulden in mindering komen op de volgens de DCF-methode bepaalde waarde going concern. Er mag van uit worden gegaan dat dit in zoverre niet anders is bij andere dan landbouwbedrijven en ook voor de hand ligt bij de waardering van aandelen als de onderneming is ondergebracht in een B.V.

 

De bedrijfsopvolgingsregeling is ingewikkeld, maar daarmee ook een uitdaging voor de fiscale fijnproever!

 

Meer weten?

André Verduijn spreekt op vrijdag 20 april 2018 op het Nationaal Congres Familiebedrijven. Tijdens dit congres gaan diverse specialisten in op de uitdagingen en kansen bij advisering over het familiebedrijf.

> Meer informatie en aanmelden.

 

.

. . .

Filed Under: Blogs, Estate Planning

Reageer
Vorige artikel
De Wtt en het belang van zorgvuldig cliëntenonderzoek
Volgende artikel
Privacystructuren: open C.V. of open FGR?

Reader Interactions

Gerelateerde berichten

Geen vrijstelling schenkbelasting LAT-partner erflater

Hof ’s-Hertogenbosch oordeelt dat de schenkingen van twee zoons aan de latrelatie van hun overleden vader niet zijn vrijgesteld van schenkbelasting. De vrouw maakt niet aannemelijk dat de betalingen strekken tot voldoening aan een natuurlijke verbintenis.

Opinie | Enkele observaties over ‘op de zaak betrekking hebbende stukken’

Het onderwerp ‘op de zaak betrekking hebbende stukken’ kent een niet-aflatende belangstelling. En dat is terecht, gelet op de bijzonder belangrijke positie die het onderwerp heeft voor de rechtsbescherming van een belanghebbende. Volgens mr. V.A. Burgers zou het goed zijn voor de praktijk als er een meer concrete richting is van wat normaliter tot de op... lees verder

landbouwnormen 2022

‘KGS doet geen afbreuk aan bedoeling familievrijstelling’

Het kabinet ziet geen aanleiding om het kennisgroepstandpunt over gefaseerde bedrijfsoverdracht aan te passen. Staatssecretaris Eerenberg beantwoordt vragen over de gevolgen van het standpunt voor agrarische bedrijfsopvolging.

BOR

Standpunt BOR, 5%-marge (oud) bij beleggingsvermogen en verval BOR-vrijstelling

De Kennisgroep successiewet heeft vragen beantwoord over de berekening van de 5%-marge van artikel 35c, eerste lid, letter c, SW 1956 (oud) als de BOR-vrijstelling deels vervalt door niet voldoen aan het voortzettingsvereiste.

Standpunten DSR, BOR, toerekening van ondernemingsvermogen bij (in)direct gehouden tracking stocks

De Belastingdienst heeft een aantal standpunten gepubliceerd over DSR, BOR en de toerekening van ondernemingsvermogen bij (in)direct gehouden tracking stocks.

Geef een reactie Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Primary Sidebar

Opleidingen

Online cursus toepassing box 3 in de praktijk

Verdiepingscursus Tweetrapsmakingen opzetten en afwikkelen

Basiscursus Estate planning

Stoomcursus Estate planning praktisch ingezet

Online cursus Familiestichting en family governance

AGENDA

Verdiepingscursus Internationale estate planning

Masterclass Pillar 2 – Wet minimumbelasting 2024 (Pijler 2)

Stoomcursus Estate planning praktisch ingezet

Masterclass communicatie voor de fiscale professional – pitchen, moeilijke gesprekken & presenteren

Masterclass De positie van de samenwoner in de inkomstenbelasting, relatievermogensrecht en vermogensplanning – Civiel en fiscaal

Nationaal Btw Congres 2026

Online cursus introductie participatieregelingen en lucratieve belangen

Online cursus Internationale aspecten van Nederlandse belastingwetgeving

Online cursus Auto van de zaak

Online cursus Staken van de onderneming: (turbo)liquidatie, WHOA liquidatie akkoord

Meer opleidingen

Footer

  • Fiscaal nieuws
  • Opleidingen
  • Kennisbank
  • Vacatures
  • Over ons
  • Adverteren op Taxence
  • NDFR
  • JES! (ESG producten)
  • Fiscaal en meer
  • Tax Talks
  • Register Estate Planners (REP)
  • Contact
  • Linkedin
  • X
  • Facebook
  • Aanmelden nieuwsbrief
  • Naar Lefebvre Sdu Webshop

Taxence is een uitgave van
Lefebvre Sdu
Maanweg 174
2516 AB Den Haag

Powered by Lefebvre Sdu

  • Disclaimer
  • Privacy Statement en Cookiebeleid
lefebvre SDU

Het laatste nieuws van
Taxence in je mail?

Aanmelden

 

×