• Skip to primary navigation
  • Skip to main content
  • Skip to primary sidebar
  • Skip to footer
  • Nieuwsbrief
  • Contact

Taxence

Taxence

  • Nieuws & achtergrond
    • Nieuws
    • Branchenieuws
    • Blogs
    • Verdieping
  • Thema’s
    • AI & Tax Technology
    • Arbeid & Loon
    • Belastingplan
    • BTW & Overdrachtsbelasting
    • BV & DGA
    • Duurzaamheid (ESG & CSRD)
    • Estate planning
    • Alle thema’s
  • Opleidingen
    • AI & Tax Tech
    • ESG & CSRD
    • Estate Planning
    • BTW
    • Vastgoed
    • Internationaal
    • Arbeid & Loon
    • Formeel
    • Familiebedrijven
    • VPB
    • Pensioen
  • Carrière
    • Personalia
    • Vacatures
    • Vacature toevoegen
    • Partners
  • Vakinformatie
    • NDFR
    • Addify
    • JES! Knowledge
    • Fiscaal en meer
    • Tax talks
    • Vakblad Estate Planning
    • Specials
  • Kennisbank

Werk door Amerikaan voor ICC is belast ROW

19 januari 2023 door Remco Latour

advocaat

Vergoedingen ontvangen van het internationaal strafhof voor werkzaam zijn als defence counsel, zijn in beginsel belast als resultaat uit overige werkzaamheden.  

Een gehuwde man, vader van twee minderjarige kinderen, de Amerikaanse nationaliteit. Sinds augustus 2009 verricht hij als defence counsel werkzaamheden bij het Internationaal Strafhof (ICC) in Den Haag. Daarnaast heeft de man in de periode mei 2014 tot april 2016 werkzaamheden verricht bij het Special Tribunal for Libanon (STL). In verband met deze werkzaamheden verblijft de man sinds augustus 2009 in Nederland. Verder is hij in 2015 als teamlid opgenomen in het Protocollaire Basisadministratie van het Ministerie van Buitenlandse Zaken. In deze administratie staat bij de man ‘NP’ (No Privileges). De man geeft in zijn aangiftes inkomstenbelasting over de jaren 2015 en 2016 een bedrag van € 103.356 respectievelijk € 56.952 aan vrijgesteld loon op.

Belastingdienst wijkt af van aangifte

Maar de Belastingdienst bestempelt de inkomsten van de man bij het ICC en de STL als resultaat uit overige werkzaamheden (ROW). Deze inkomsten zijn volgens de inspecteur belast in Nederland. Ook neemt hij bij de man inkomen uit sparen en beleggen in aanmerking. De man is het daar niet mee een en start een beroepsprocedure voor Rechtbank Den Haag.

Fiscale woonplaats in Nederland

De rechtbank stelt om te beginnen vast dat de man in 2015 en 2016 zijn fiscale woonplaats in Nederland heeft. Gedurende heel 2015 en 2016 heeft hij namelijk met zijn gezin in Nederland gewoond. Daarnaast heeft hij al zijn werkzaamheden bij het ICC en het STL verricht in Nederland. Vanwege dit alles heeft de man een duurzame band van persoonlijke aard met Nederland, aldus de rechtbank. De man heeft geen bewijsstukken overlegd waarmee hij onderbouwt dat Nederland niet zijn fiscale woonplaats is. Wel beweert hij niet te staan ingeschreven in een Nederlandse gemeente. Ook stelt hij slechts een tijdelijk verblijfsrecht in Nederland te hebben. Maar deze stellingen zijn op zichzelf onvoldoende om de rechtbank te overtuigen.

Geen belastingvrijstelling

Vervolgens stelt de man dat hij op grond van het Zetelverdrag ICC en het Zetelverdrag STL recht heeft op een belastingvrijstelling. Maar de rechtbank merkt op dat de man een beroep doet op bepalingen die alleen zien op belastingen waarvan het heffingsrecht volledig afhankelijk is van de fiscale woonplaats. De heffing van Nederlandse inkomstenbelasting vindt echter ook plaats op grond van het bronbeginsel. Hij heeft daarom geen recht op een belastingvrijstelling. Ook is hij premieplichtig in Nederland en verzekerd voor de Zorgverzekeringswet.

Kwalificatie inkomen

Het volgende onderwerp is de kwalificatie van het inkomen. De man weet niet aannemelijk te maken dat hij in de desbetreffende jaren een onderneming heeft gedreven. Hij heeft in de desbetreffende jaren drie verschillende cliënten, en daarmee drie verschillende opdrachtgevers gehad. Nu is niet in geschil dat de man bij het ICC en het STL zelfstandig is in de uitvoering van zijn werkzaamheden. Maar daarmee is niet bewezen dat de man voldoende zelfstandigheid bezit ten opzichte van zijn opdrachtgevers. Bovendien is zijn debiteurenrisico zeer beperkt. Dat komt doordat de hoogte van de vergoeding die de man ontvangt vooraf is vastgesteld. Deze vergoeding wordt betaald uit een budget dat door het ICC en het STL aan de counsels voor de verdediging is toegewezen. De rechtbank gelooft evenmin dat sprake is van loon uit dienstbetrekking. De man heeft namelijk geen arbeidsovereenkomsten met het ICC en het STL ingebracht. Daardoor resteert ROW.

Verdrag: art. 25, derde lid Zetelverdrag ICC

Wet: art. 4 AWR en art. 2.1 en 2.14 Wet IB 2001

Filed Under: Fiscaal nieuws, Internationaal & Europees recht, Nieuws

Lees 1 reactie
Vorige artikel
Voortgang wetsvoorstel Wet herziening bedrag ineens
Volgende artikel
Extra verhoging maximum uurprijzen kinderopvangtoeslag

Reader Interactions

Gerelateerde berichten

Wet DBA zzp

Standpunt thuiswerkdrempel in Verdrag Nederland-Duitsland

De Kennisgroep IBR IB niet-winst/LB/PH aanslag heeft vragen beantwoord over de thuiswerkdrempel in het verdrag Nederland – Duitsland, die sinds 1 januari 2026 van kracht is.

Standpunt kwalificatie Spaans FCR

De Kennisgroep belastingplicht en kwalificatie rechtsvormen heeft de vraag beantwoord met welke Nederlandse rechtsvorm een Spaans Fondo de Capital Riesgo vergelijkbaar is.

Bedrijf op curacao, feitelijke leiding in Nederland

Standpunt kwalificatie Curaçaose naamloze vennootschap

De Kennisgroep belastingplicht en kwalificatie rechtsvormen heeft de vraag beantwoord met welke Nederlandse rechtsvorm een Curaçaose naamloze vennootschap vergelijkbaar is.

box 3

Standpunt voorkomingsartikel in Verdrag Nederland – België 2001

De kennisgroep IBR IB niet-winst/LB/PH aanslag heeft een standpunt ingenomen over de berekening van de voorkoming van dubbele belasting onder het belastingverdrag tussen Nederland en België. Meer specifiek over de vraag of een schuld die verband houdt met een in België gelegen onroerende zaak, maar niet is verzekerd met een recht van hypotheek, in aanmerking wordt genomen bij de berekening.

Pillar2

Standpunt kwalificatie Société Anonyme Libanaise

De Kennisgroep belastingplicht en kwalificatie rechtsvormen heeft de vraag beantwoord met welke Nederlandse rechtsvorm een Société Anonyme Libanaise vergelijkbaar is.

Comment (1)

  1. Bas says

    23 mei 2025 at 17:57

    Deze uitspraak van de Rechtbank Den Haag is vernietigd in hoger beroep.

    De belastingdienst had namelijk bij belastingplichtige het gerechtvaardigde vertrouwen gewekt dat zijn inkomsten niet belast zouden zijn.

    Zie https://uitspraken.rechtspraak.nl/details?id=ECLI:NL:GHDHA:2024:668&showbutton=true&idx=1

    Beantwoorden

Geef een reactie Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Primary Sidebar

Opleidingen

Masterclass Pillar 2 – Wet minimumbelasting 2024 (Pijler 2)

Online cursus Internationale aspecten van Nederlandse belastingwetgeving

Online cursus Pillar 2: Wet Minimumbelasting 2024 (Pijler 2)

AGENDA

Online cursus CV en bedrijfsopvolging

Online cursus Schenken en lenen in familieverband

Meerdaagse opleiding Vastgoedfiscaliteiten

Stoomcursus AI voor Fiscale professionals

Online cursus toepassing box 3 in de praktijk

Future Fit Professionals

Stoomcursus btw en internationaal zakendoen

Online cursus Immigrerende DGA’s: fiscale gevolgen en sociale zekerheid bij migratie naar Nederland

Online Basistraining AI voor de fiscale praktijk

Online cursus BTW, factuurvereisten en ViDA

Meer opleidingen

Footer

  • Fiscaal nieuws
  • Opleidingen
  • Kennisbank
  • Vacatures
  • Over ons
  • Adverteren op Taxence
  • NDFR
  • JES! (ESG producten)
  • Fiscaal en meer
  • Tax Talks
  • Register Estate Planners (REP)
  • Contact
  • Linkedin
  • X
  • Facebook
  • Aanmelden nieuwsbrief
  • Naar Lefebvre Sdu Webshop

Taxence is een uitgave van
Lefebvre Sdu
Maanweg 174
2516 AB Den Haag

Powered by Lefebvre Sdu

  • Disclaimer
  • Privacy Statement en Cookiebeleid
lefebvre SDU

Het laatste nieuws van
Taxence in je mail?

Aanmelden

 

×