• Skip to primary navigation
  • Skip to main content
  • Skip to primary sidebar
  • Skip to footer
  • Nieuwsbrief
  • Contact

Taxence

Taxence

  • Nieuws & achtergrond
    • Nieuws
    • Branchenieuws
    • Blogs
    • Verdieping
  • Thema’s
    • AI & Tax Technology
    • Arbeid & Loon
    • Belastingplan
    • BTW & Overdrachtsbelasting
    • BV & DGA
    • Duurzaamheid (ESG & CSRD)
    • Estate planning
    • Alle thema’s
  • Opleidingen
    • AI & Tax Tech
    • ESG & CSRD
    • Estate Planning
    • BTW
    • Vastgoed
    • Internationaal
    • Arbeid & Loon
    • Formeel
    • Familiebedrijven
    • VPB
    • Pensioen
  • Carrière
    • Personalia
    • Vacatures
    • Vacature toevoegen
    • Partners
  • Vakinformatie
    • NDFR
    • Addify
    • JES! Knowledge
    • Fiscaal en meer
    • Tax talks
    • Vakblad Estate Planning
    • Specials
  • Kennisbank

LJN: BY8894, Rechtbank ‘s-Gravenhage, AWB 12/2295

18 januari 2013 door redactie

Successierecht. Waardering woning. Op 1 november 2010 overleed de moeder van eiser. Tot haar nalatenschap behoorde haar woning waaraan per de waardepeildatum 1 januari 2009 een WOZ-waarde was toegekend van € 395.000. De erfgenamen hebben de woning op 17 februari 2011 verkocht voor € 348.000. Bij het vaststellen van de aanslag heeft verweerder de woning in aanmerking genomen voor de WOZ-waarde van € 395.000. In geschil is of de woning ten tijde van de erfrechtelijke verkrijging als woning in gebruik was en de waarde van de woning. De rechtbank oordeelt dat een redelijke wetsuitleg meebrengt dat een onroerende zaak in gebruik is als woning als de onroerende zaak wordt bewoond of naar aard en bestemming als woning dient. Artikel 21, vijfde lid, van de Successiewet geldt daarom ook voor een woning die ten tijde van de verkrijging leeg en te koop staat. De rechtbank is verder van oordeel dat dit artikellid een lex specialis is van het eerste lid. De woning moet daarom in aanmerking worden genomen naar de WOZ waarde en niet naar de werkelijke waarde ten tijde van de verkrijging. Aangaande het ontbreken van tegenbewijsregeling wijst de rechtbank op artikel 11 van de Wet algemene bepalingen en aangaande eisers beroep op het recht van eigendom volgens artikel 1 van het Eerste protocol van het EVRM op de ruime beoordelingsvrijheid van de wetgever. Beroep ongegrond.

Meer informatie: http://zoeken.rechtspraak.nl/ResultPage.aspx?snelzoeken=t&searchtype=ljn&ljn=BY8894

Filed Under: Jurisprudentie

Reageer
Vorige artikel
LJN: BY8612, Hoge Raad, 12/02975
Volgende artikel
LJN: BY7224, Rechtbank 's-Gravenhage, AWB 11/6754 en AWB 11/6757

Reader Interactions

Gerelateerde berichten

ECLI:NL:RBZWB:2026:4346 Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 20-05-2026, BRE 25/4498

WOZ niet-woning, beroep ongegrond. Meer informatie: https://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBZWB:2026:4346&pk_campaign=rss&pk_medium=rss&pk_keyword=uitspraken

ECLI:NL:HR:2026:818 Hoge Raad, 29-05-2026, 25/03965

HR verklaart het beroep in cassatie n-o met toepassing van art. 80a RO. Meer informatie: https://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:HR:2026:818&pk_campaign=rss&pk_medium=rss&pk_keyword=uitspraken

ECLI:NL:HR:2026:812 Hoge Raad, 29-05-2026, 26/01541

Wrakingsverzoek. De Hoge Raad verklaart het verzoek tot wraking niet-ontvankelijk. Meer informatie: https://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:HR:2026:812&pk_campaign=rss&pk_medium=rss&pk_keyword=uitspraken

ECLI:NL:RBDHA:2026:11919 Rechtbank Den Haag, 16-04-2026, AWB – 25 _ 6236

De rechtbank oordeelt dat de gemeente terecht rioolheffing heeft geheven van de eigenaar van units in een bedrijfsverzamelgebouw. De units zijn aan te merken als een perceel in de zin van de verordening en de units zijn indirect aangesloten op de gemeentelijke riolering. Daarmee is voldaan aan het belastbaar feit. Van een ongelijke behandeling ten... lees verder

ECLI:NL:RBMNE:2026:2785 Rechtbank Midden-Nederland, 29-04-2026, UTR 24/7444

Woz, bedrijfswoning, vergelijkingsmethode. Voldoende rekening gehouden met de bedrijfsbestemming van de woning. Het beroep is ongegrond, omdat de heffingsambtenaar aannemelijk heeft gemaakt dat de waarde van de woning niet te hoog is vastgesteld. Meer informatie: https://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBMNE:2026:2785&pk_campaign=rss&pk_medium=rss&pk_keyword=uitspraken

Geef een reactie Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Primary Sidebar

AGENDA

Online cursus Gebruikelijk loon 2026

Masterclass Vermogen in box 1, 2 en 3: de afwegingen

Online cursus Samenhang testament, statuten & aandeelhoudersovereenkomst bij bedrijfsopvolging

Verdiepingscursus Afwikkeling van nalatenschappen

Online cursus Estate planning voor de AB-houder & inkomstenbelasting

Online cursus Pillar 2: Wet Minimumbelasting 2024 (Pijler 2)

Verdiepingscursus Aangifte erfbelasting

Masterclass Fiscale aspecten fusies & overnames

Masterclass Fiscaliteiten in de Eigenwoningregeling

Verdiepingscursus Erven en schenken

Meer opleidingen

Footer

  • Fiscaal nieuws
  • Opleidingen
  • Kennisbank
  • Vacatures
  • Over ons
  • Adverteren op Taxence
  • NDFR
  • JES! (ESG producten)
  • Fiscaal en meer
  • Tax Talks
  • Register Estate Planners (REP)
  • Contact
  • Linkedin
  • X
  • Facebook
  • Aanmelden nieuwsbrief
  • Naar Lefebvre Sdu Webshop

Taxence is een uitgave van
Lefebvre Sdu
Maanweg 174
2516 AB Den Haag

Powered by Lefebvre Sdu

  • Disclaimer
  • Privacy Statement en Cookiebeleid
lefebvre SDU

Het laatste nieuws van
Taxence in je mail?

Aanmelden

 

×