• Skip to primary navigation
  • Skip to main content
  • Skip to primary sidebar
  • Skip to footer
  • Nieuwsbrief
  • Contact

Taxence

Taxence

  • Nieuws & achtergrond
    • Nieuws
    • Branchenieuws
    • Blogs
    • Verdieping
  • Thema’s
    • AI & Tax Technology
    • Arbeid & Loon
    • Belastingplan
    • BTW & Overdrachtsbelasting
    • BV & DGA
    • Duurzaamheid (ESG & CSRD)
    • Estate planning
    • Alle thema’s
  • Opleidingen
    • AI & Tax Tech
    • ESG & CSRD
    • Estate Planning
    • BTW
    • Vastgoed
    • Internationaal
    • Arbeid & Loon
    • Formeel
    • Familiebedrijven
    • VPB
    • Pensioen
  • Carrière
    • Personalia
    • Vacatures
    • Vacature toevoegen
    • Partners
  • Vakinformatie
    • NDFR
    • Addify
    • JES! Knowledge
    • Fiscaal en meer
    • Tax talks
    • Vakblad Estate Planning
    • Specials
  • Kennisbank

Alcoholische drank bij lunch belast met 21% btw

15 februari 2018 door Michel Halters

Kan een klant in een restaurant bij zijn lunch of diner bier of wijn bestellen? Dan moet de restauranthouder over de omzet van deze alcoholische dranken het hoge btw-tarief afdragen.

Een restauranthouder serveerde lunches, diners en borrels. Bij de lunch en het diner kon de klant ook alcoholische dranken nuttigen. Aanvankelijk had de restauranthouder bij de aangifte btw de omzet van de alcoholische dranken aangegeven als omzet hoog belast. Na ontvangst van de aanslag had de restauranthouder bezwaar gemaakt tegen toepassing van het hoge tarief op de consumptie van de alcoholische dranken bij de lunches en diners. Die toepassing is in geschil bij Hof Arnhem-Leeuwarden. De restauranthouder stelde dat sprake is van één dienst voor de omzetbelasting waarbij het verstrekken van voedingsmiddelen voorop staat en het verstrekken van alcoholische dranken daarin opgaat. Hiervoor zou dan het lage tarief gelden. Volgens het hof is het standpunt van de restauranthouder onjuist. Europese regelgeving staat uitdrukkelijk toe dat lidstaten voor één restaurantdienst twee verschillende tarieven hanteren, waarbij voor de alcoholische drank het hoge btw-tarief geldt. Verder geldt volgens het hof dat het de Nederlandse wetgever vrij staat een onderscheid te maken tussen de levering van voedingsmiddelen en diensten waarvan de verstrekking van voedingsmiddelen deel uitmaken enerzijds en de verstrekking van alcoholische dranken anderzijds. Voor de verstrekking van de eerste categorie geldt het lage btw-tarief en voor de verstrekking van de tweede categorie geldt het hoge btw-tarief. Het hof heeft het hoger beroep ongegrond verklaard.

 

Wet: Art. 9 Wet OB 1968 en Tabel I

 

Europese wetgeving: Art. 98 Richtlijn 2006/112/EG en Bijlage III bij Richtlijn 2006/112/EG

Meer informatie: Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 30 januari 2018 (gepubliceerd op 9 februari 2018), ECLI:NL:GHARL:2018:948

Filed Under: BTW & overdrachtsbelasting, Fiscaal nieuws, Nieuws

Reageer
Vorige artikel
Wel verliesverrekening maar geen belastingteruggaaf
Volgende artikel
Snel verduidelijkt anti-hybridebepaling

Reader Interactions

Gerelateerde berichten

fiscale regels landbouw

Standpunt kwalificatie bouwterrein

De Kennisgroep omzetbelasting heeft de vraag beantwoord of het voor de kwalificatie als bouwterrein noodzakelijk is dat het omgevingsplan bebouwing toestaat.

laadpaal bij woning

VEH vraagt oplossing voor dubbele btw op laadpalen bij VvE’s

Vereniging Eigen Huis (VEH) roept staatssecretaris Eerenberg op om een einde te maken aan de onbedoelde dubbele btw-heffing bij het opladen van elektrische auto's via laadpalen van verenigingen van eigenaars (VvE's).

Standpunt samenloopvrijstelling bij beherend vennoot CV

De Kennisgroep overdrachtsbelasting beantwoordt de vraag of de samenloopvrijstelling geldt bij de verkrijging van aandelen in een beherend vennoot van een CV met de (economische) eigendom van een bouwterrein.

schoonheidssalon

Standpunt medische vrijstelling (schoonheidsspecialiste)

De Kennisgroep omzetbelasting heeft de vraag beantwoord of bepaalde diensten van een schoonheidsspecialiste zijn vrijgesteld.

kamer-leeg opvang

Standpunt inbrengvrijstelling bij onroerende zaken die geen functie meer vervullen in onderneming

De Kennisgroep overdrachtsbelasting neemt een standpunt in over de inbreng van onroerende zaken die nog wel kwalificeren als ondernemingsvermogen voor de IH maar geen functie meer vervullen in de onderneming.

Geef een reactie Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Primary Sidebar

Opleidingen

Masterclass Btw-processen in SAP S/4HANA

Masterclass Overdrachtsbelasting

Online cursus BTW, factuurvereisten en ViDA

Nationaal Btw Congres 2026

Stoomcursus btw en internationaal zakendoen

AGENDA

Online cursus CV en bedrijfsopvolging

Online cursus Schenken en lenen in familieverband

Meerdaagse opleiding Vastgoedfiscaliteiten

Stoomcursus AI voor Fiscale professionals

Online cursus toepassing box 3 in de praktijk

Future Fit Professionals

Stoomcursus btw en internationaal zakendoen

Online cursus Immigrerende DGA’s: fiscale gevolgen en sociale zekerheid bij migratie naar Nederland

Online Basistraining AI voor de fiscale praktijk

Online cursus BTW, factuurvereisten en ViDA

Meer opleidingen

Footer

  • Fiscaal nieuws
  • Opleidingen
  • Kennisbank
  • Vacatures
  • Over ons
  • Adverteren op Taxence
  • NDFR
  • JES! (ESG producten)
  • Fiscaal en meer
  • Tax Talks
  • Register Estate Planners (REP)
  • Contact
  • Linkedin
  • X
  • Facebook
  • Aanmelden nieuwsbrief
  • Naar Lefebvre Sdu Webshop

Taxence is een uitgave van
Lefebvre Sdu
Maanweg 174
2516 AB Den Haag

Powered by Lefebvre Sdu

  • Disclaimer
  • Privacy Statement en Cookiebeleid
lefebvre SDU

Het laatste nieuws van
Taxence in je mail?

Aanmelden

 

×