Het kabinet-Jetten dreigt de hypotheekrenteaftrek voor hogere inkomens opnieuw te verhogen. Dat kan gebeuren doordat de aftrek sinds 2023 gekoppeld is aan het belastingtarief in de tweede schijf van de inkomstenbelasting volgens Raymond Gradus, bestuur en economie van de publieke en non-profit sector aan de Vrije Universiteit Amsterdam.
In de CPB-doorrekening van het coalitieakkoord wordt aangenomen dat de verhoging van het eigen risico in de zorg wordt gecompenseerd met een belastingverhoging in de eerste en tweede schijf. Omdat de hypotheekrenteaftrek meebeweegt met het tarief van de tweede schijf, betekent een hoger belastingtarief in die schijf automatisch een hogere aftrek voor hogere inkomens.
Daarnaast kan de aftrek nog verder toenemen door andere politieke keuzes. Volgens de CPB-analyse zal het aandeel mensen dat in armoede leeft stijgen door hogere belastingen en het beperken van de tabelcorrectie. Het kabinet heeft echter beloofd dat de armoedecijfers niet mogen stijgen. Als daarom het belastingtarief in de eerste schijf minder wordt verhoogd dan dat in de tweede schijf, wordt het verschil tussen beide schijven groter. Dat zou opnieuw leiden tot een ruimere hypotheekrenteaftrek voor hogere inkomens.
Overspannen woningmarkt
Een verdere verruiming van de hypotheekrenteaftrek is volgens de auteur ongewenst. De maatregel stimuleert de vraag naar koopwoningen en kan daarmee de toch al overspannen woningmarkt verder aanjagen. Voor veel middeninkomens is het kopen van een huis al moeilijk geworden, en extra fiscale voordelen voor hogere inkomens kunnen deze ongelijkheid vergroten.
Bovendien zou een hogere aftrek haaks staan op het beleid dat sinds 2014 wordt gevoerd. Sinds dat jaar wordt de hypotheekrenteaftrek voor hogere inkomens juist geleidelijk afgebouwd. Het doel daarvan was om overmatige schuldfinanciering te beperken en de woningmarkt minder te verstoren.
Om te voorkomen dat de aftrek opnieuw stijgt, stelt de auteur voor de koppeling met de tweede belastingschijf te doorbreken. Dat kan door iedereen tegen hetzelfde belastingtarief hypotheekrenteaftrek te laten toepassen, of door een vast aftrekpercentage vast te leggen. Vooral die laatste optie heeft de voorkeur, omdat deze de hypotheekrenteaftrek minder afhankelijk maakt van toekomstige belastingwijzigingen.
Bron: ESB, 12 maart 2026





Geef een reactie