• Skip to primary navigation
  • Skip to main content
  • Skip to primary sidebar
  • Skip to footer
  • Nieuwsbrief
  • Contact

Taxence

Taxence

  • Nieuws & achtergrond
    • Nieuws
    • Branchenieuws
    • Blogs
    • Verdieping
  • Thema’s
    • AI & Tax Technology
    • Arbeid & Loon
    • Belastingplan
    • BTW & Overdrachtsbelasting
    • BV & DGA
    • Duurzaamheid (ESG & CSRD)
    • Estate planning
    • Alle thema’s
  • Opleidingen
    • AI & Tax Tech
    • ESG & CSRD
    • Estate Planning
    • BTW
    • Vastgoed
    • Internationaal
    • Arbeid & Loon
    • Formeel
    • Familiebedrijven
    • VPB
    • Pensioen
  • Carrière
    • Personalia
    • Vacatures
    • Vacature toevoegen
    • Partners
  • Vakinformatie
    • NDFR
    • Addify
    • JES! Knowledge
    • Fiscaal en meer
    • Tax talks
    • Vakblad Estate Planning
    • Specials
  • Kennisbank

Nederland moet aftrek rente eigen woning pro rata verlenen

9 maart 2018 door Anne-Marie Noordenbos

In de zaak over de aftrek van negatieve inkomsten uit een eigen woning in Spanje trekt staatssecretaris Snel zijn beroep in cassatie in. Tevens kondigt hij een wijziging van de Wet IB 2001 aan.

In deze zaak is belanghebbende een Nederlander die in Spanje woont. In 2007 is hij buitenlands belastingplichtige voor de IB/PVV. Hij bezit in Spanje een eigen woning waarvoor hij hypotheekrente betaalt (negatieve inkomsten uit eigen woning). Hij geniet geen positieve inkomsten uit Spaanse bronnen, maar wel inkomsten uit eigen B.V.’s in Nederland (60%) en Zwitserland (40%) voor werkzaamheden die hij over de hele wereld verricht.

Belanghebbende stelt dat hij recht heeft op aftrek in Nederland van de op de eigen woning in Spanje betrekking hebbende hypotheekrente. De Hoge Raad heeft na het stellen van prejudiciële vragen beslist dat art. 49 VWEU meebrengt dat Nederland de aftrek van negatieve inkomsten uit eigen woning niet mag onthouden aan een niet-ingezeten zelfstandige die 60% van zijn totale inkomen in Nederland verwerft, terwijl die niet-ingezeten zelfstandige in de lidstaat waar zijn woning is gelegen geen inkomen ontvangt op grond waarvan hij een gelijkwaardig recht op aftrek van die negatieve inkomsten uit de woning geldend kan maken. Indien de niet-ingezetene zelfstandige tevens in een of meer andere werkstaten dan Nederland een zelfstandig inkomen ontvangt op grond waarvan hij ook in die werkstaat of werkstaten een overeenkomstig recht op aftrek geldend kan maken, dient Nederland het voordeel van de aftrek van negatieve inkomsten uit eigen woning toe te kennen naar verhouding van het aandeel van het inkomen dat de zelfstandige in Nederland ontvangt.

 

Hof Den Haag: terugkomen op keuze is mogelijk

De zaak is verwezen naar Hof Den Haag voor een nadere berekening van de door belanghebbende over 2007 verschuldigde belasting. Het hof verwerpt de stelling van de inspecteur dat de door belanghebbende betaalde lijfrentepremie in aanmerking dient te worden genomen als een uitgave voor inkomensvoorzieningen naar verhouding van het aandeel van het inkomen dat belanghebbende in het jaar 2007 in Nederland heeft ontvangen. Dit standpunt maakte geen onderdeel uit van de eerdere rechtsstrijd tussen partijen. Verder beslist het hof dat belanghebbende terug kan komen op zijn keuze voor de behandeling als binnenlands belastingplichtige. Dit kan immers zolang de aanslag niet onherroepelijk vaststaat.

 

Belanghebbende komt terug op zijn keuze. Deze omstandigheid maakt dat de systematiek van de keuzeregeling buiten beschouwing blijft bij de berekening van de verschuldigde inkomstenbelasting. In dat geval ontbreekt een wettelijke basis om een progressievoorbehoud toe te passen. Het hof beslist dat de omvang van de door Nederland aan belanghebbende toe te kennen fiscale tegemoetkoming – dat wil zeggen de aftrek van de negatieve inkomsten uit eigen woning – afhangt van het antwoord op de vraag of belanghebbende in Zwitserland een overeenkomstig recht geldend kan maken. Alleen als deze vraag ontkennend moet worden beantwoord, dient 100% van het saldo van het inkomen uit de eigen woning in Nederland in aanmerking genomen te worden. Het hof komt tot de conclusie dat ervan kan worden uitgegaan dat belanghebbende in Zwitserland een overeenkomstig recht in de zin van het verwijzingsarrest geldend kan maken en berekent de verschuldigde belasting.

 

Intrekken beroepschrift in cassatie

Staatssecretaris Snel: het Hof heeft bij de berekening van de door belanghebbende verschuldigde inkomstenbelasting geen progressievoorbehoud toegepast vanwege het ontbreken van een wettelijke basis daarvoor. Het Hof meent kennelijk dat in de aan de orde zijnde situatie wordt verlangd dat Nederland zijn nationale recht toepast op het op zijn nationale grondgebied verworven aandeel van het totale inkomen. Volgens Snel staat het EU-recht er niet aan in de weg dat wanneer op basis van het EU-recht een buitenlands belastingplichtige recht heeft op het voordeel van een aftrekpost die volgens de nationale wet alleen voor binnenlands belastingplichtigen geldt, zijn Nederlandse inkomen, evenals het inkomen van binnenlandse belastingplichtigen, belast wordt naar het tarief passend bij het wereldinkomen. De toepassing van het EU-recht hoeft een belanghebbende immers niet in een betere positie te brengen dan een vergelijkbare binnenlands belastingplichtige. Hij ziet er desondanks vanaf om wat betreft de toepassing van een progressievoorbehoud beroep in cassatie in te stellen tegen de voorliggende hofuitspraak. In de onderhavige procedure is primair het standpunt ingenomen dat het arrest Schumacker (HvJ 14 februari 1995, C-279/93, ECLI:EU:C:1995:31) zo zou kunnen worden begrepen dat alleen in de situatie waarin belanghebbende in Nederland nagenoeg zijn gehele inkomen had verworven, Nederland gehouden is de aftrekpost in aanmerking te nemen. Voor het geval Nederland toch verplicht zou worden de aftrekpost deels toe te laten, is eerder bij de Hoge Raad en het HvJ niet uitdrukkelijk het standpunt ingenomen dat daarbij ingevolge het EU-recht een progressievoorbehoud zou mogen worden toegepast. Snel acht het daarom niet opportuun om de toepassing van een progressievoorbehoud in deze zaak alsnog in cassatie op te brengen. Gelet op voornoemde omstandigheden heeft hij besloten het door hem ingediende pro forma cassatieberoep in te trekken.

 

Wijziging Wet IB

De Wet inkomstenbelasting 2001 zal gewijzigd worden om deze op dit punt in overeenstemming te brengen met het EU-recht. Vooruitlopend op de wijziging van de wetgeving zal op korte termijn een beleidsbesluit verschijnen.

Hof Den Haag, 5 december 2017, nr. 17/00505, ECLI:NL:GHDHA:2017:3582

Meer informatie: Intrekking beroepschrift in cassatie 7 maart 2018

Filed Under: Eigen woning, Fiscaal nieuws, Internationaal & Europees recht, Nieuws

Reageer
Vorige artikel
Ondernemer kan niet ineens werknemer worden
Volgende artikel
Inspecteur mag uitgaan van ongewijzigde leningsvoorwaarden

Reader Interactions

Gerelateerde berichten

Digitale voorzieningen Wet minimumbelasting 2024

Op 1 juni 2026 stelt de Belastingdienst de digitale voorzieningen voor de Wet minimumbelasting 2024 beschikbaar. Voor entiteiten is het van belang inzicht te hebben in de verplichtingen en via welke kanalen de benodigde informatie moet worden ingediend.

Belastingverdragen

Onderhandelingen belastingverdragen 2026

Nederland is met vier nieuwe landen in onderhandeling over een belastingverdrag. Het gaat om Nieuw-Zeeland, Nigeria, Peru en Zimbabwe. De staatssecretaris van Financiën licht de stand van zaken en prioriteiten bij de belastingverdragen toe voor 2026.

crypto box 3 jongere

Uitvoeringsbesluit verzamel- en verificatievereisten voor rapporterende aanbieders van cryptoactivadiensten

Het Uitvoeringsbesluit verzamel- en verificatievereisten voor rapporterende aanbieders van cryptoactivadiensten is gepubliceerd.

‘Villatax’ niet in strijd met EVRM

Rechtbank Den Haag oordeelt dat het verhoogde eigenwoningforfaitpercentage van 2,35% voor dure woningen niet in strijd is met het gelijkheidsbeginsel of het eigendomsrecht uit het EVRM. Het beroep van de eigenaar van een woning met een WOZ-waarde van ruim € 3,4 miljoen is ongegrond.

tijdelijke regeling e-commerce btw

Politiek akkoord over nieuw Douanewetboek van de Unie

Na jaren van onderhandelingen is een akkoord bereikt over een ingrijpende modernisering van de Europese douaneregels. Staatssecretaris Eerenberg licht de belangrijkste veranderingen en gevolgen voor handel en toezicht toe.

Geef een reactie Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Primary Sidebar

Opleidingen

Masterclass in de Eigenwoningregeling

Opleidingen

Online cursus Internationale aspecten van Nederlandse belastingwetgeving

AGENDA

Masterclass De positie van de samenwoner in de inkomstenbelasting, relatievermogensrecht en vermogensplanning – Civiel en fiscaal

Nationaal Btw Congres 2026

Online cursus introductie participatieregelingen en lucratieve belangen

Online cursus Internationale aspecten van Nederlandse belastingwetgeving

Online cursus Auto van de zaak

Online cursus Staken van de onderneming: (turbo)liquidatie, WHOA liquidatie akkoord

Stoomcursus Erfrecht – Civiel en fiscaal – Het hele erfrecht in één dag! 

Stoomcursus AI voor Fiscale professionals

Specialisatieopleiding Estate Planning

Basiscursus Estate planning

Meer opleidingen

Footer

  • Fiscaal nieuws
  • Opleidingen
  • Kennisbank
  • Vacatures
  • Over ons
  • Adverteren op Taxence
  • NDFR
  • JES! (ESG producten)
  • Fiscaal en meer
  • Tax Talks
  • Register Estate Planners (REP)
  • Contact
  • Linkedin
  • X
  • Facebook
  • Aanmelden nieuwsbrief
  • Naar Lefebvre Sdu Webshop

Taxence is een uitgave van
Lefebvre Sdu
Maanweg 174
2516 AB Den Haag

Powered by Lefebvre Sdu

  • Disclaimer
  • Privacy Statement en Cookiebeleid
lefebvre SDU

Het laatste nieuws van
Taxence in je mail?

×