• Skip to primary navigation
  • Skip to main content
  • Skip to primary sidebar
  • Skip to footer
  • Nieuwsbrief
  • Contact

Taxence

Taxence

  • Nieuws & achtergrond
    • Nieuws
    • Branchenieuws
    • Blogs
    • Verdieping
  • Thema’s
    • AI & Tax Technology
    • Arbeid & Loon
    • Belastingplan
    • BTW
    • BV & DGA
    • Duurzaamheid (ESG & CSRD)
    • Estate planning
    • Alle thema’s
  • Opleidingen
    • AI & Tax Tech
    • ESG & CSRD
    • Estate Planning
    • BTW
    • Vastgoed
    • Internationaal
    • Arbeid & Loon
    • Formeel
    • Familiebedrijven
    • VPB
    • Pensioen
  • Belastingplan
  • Carrière
    • Personalia
    • Vacatures
    • Vacature toevoegen
    • Partners
  • Vakinformatie
    • NDFR
    • Addify
    • JES! Knowledge
    • Fiscaal en meer
    • Tax talks
    • Vakblad Estate Planning
    • Specials
  • Kennisbank

Overzichtsarrest over vergoeding immateriële schade wegens overschrijding redelijke termijn

23 februari 2016 door Tanja Verstelle

De Hoge Raad grijpt een verzoek tot immateriële schadevergoeding vanwege overschrijding van de redelijke termijn aan om een overzichtsarrest te wijzen over dit onderwerp.

Met het arrest komt een einde aan een zaak die begon toen een vrouw in 2003 bezwaar indiende tegen een aanslag inkomstenbelasting. De zaak moest in 2008 door haar erfgenamen worden voortgezet. Het hoger beroep bij Hof Den Haag (2014) betrof nog alleen de hoogte van de immateriële schadevergoeding vanwege overschrijding van de redelijke termijn. De vraag die in de cassatieprocedure speelde, was of bij het bepalen van de duur van de uitspraak in eerste aanleg, de cassatiefase in de behandeling van het verzet tegen het niet-in behandeling nemen van de hoofdzaak in aanmerking moest worden genomen. Dat is niet het geval, oordeelde de Hoge Raad. Desondanks kende de Hoge Raad een flink bedrag aan immateriële schadevergoedingen toe. Deze bedroegen voor de bezwaarfase € 5.333, de verzetsprocedure € 167 en voor de cassatiefase € 1.000. Daarnaast moest door de minister van Justitie en de staatssecretaris van Financiën nog het griffierecht voor hoger beroep (€ 115) en de cassatieprocedure (€ 118) worden vergoed.

Wet: artikel 8:73 (art. 8:88 e.v.) Awb

Meer informatie: Hoge Raad, 19 februari 2016, ECLI:NL:HR:2016:252

Filed Under: Fiscaal nieuws, Formeel belastingrecht, Nieuws

Reageer
Vorige artikel
A-G: Duitse beperking correctie facturen in tijd maakt btw-aftrek te moeilijk
Volgende artikel
Opstalgerechtigde kan ook vrijstelling landgoed gebruiken

Reader Interactions

Gerelateerde berichten

Centrum levensbelangen in Nederland maakt buitenlands vermogen belast

Hof ’s-Hertogenbosch oordeelt dat het centrum van de levensbelangen van een man in Nederland ligt, ondanks zijn woning en inschrijving in Duitsland. De inspecteur mag bovendien navorderen omdat pas later blijkt dat de man aanzienlijke buitenlandse bank- en beleggingstegoeden niet heeft aangegeven.

deadline bezwaar vergoeding

Zeswekentermijn voor hoger beroep niet strijdig met EU-recht

De Hoge Raad oordeelt dat de wettelijke beroepstermijn van zes weken niet in strijd is met het Unierecht. De combinatie van de vaste termijn en de mogelijkheid om een termijnoverschrijding verschoonbaar te achten, waarborgt voldoende toegang tot de rechter.

UBO-register

Wijzigingsbesluit toegang UBO-registers voor bestuursorganen en rechtspersonen met een overheidstaak

Dit besluit regelt welke bestuursorganen en rechtspersonen met een overheidstaak toegang krijgen tot de UBO-registers als zij UBO-informatie nodig hebben voor een wettelijke of Europeesrechtelijke taak. Ook wordt de Douane toegevoegd aan de bevoegde autoriteiten met toegang tot de registers.

Wet betaalbare huur

Belastingrechter niet bevoegd bij geschil over huurtoeslag

Hof Den Haag kan in een procedure over de aanslag IB/PVV niet oordelen over het recht op huurtoeslag. De vraag of het rechtsherstel voor box 3 doorwerkt naar de vermogenstoets voor de huurtoeslag blijft daarom onbeantwoord.

trustees

Standpunt omkering en verzwaring bewijslast ingetrokken

Het standpunt “KG:206:2023:2 Vragen over omkering en verzwaring van de bewijslast naar aanleiding van arrest HR 27 mei 2022, ECLI:NL:HR:2022:767” is ingetrokken. Aan dit standpunt is het belang komen te ontvallen met het arrest van de Hoge Raad van 9 oktober 2026, ECLI:NL:HR:2026:1484.

Geef een reactie Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Primary Sidebar

Opleidingen

Online cursus Staken van de onderneming: (turbo)liquidatie, WHOA liquidatie akkoord | PE Accreditatie

AGENDA

Online cursus Auto van de zaak | PE Accreditatie

Online cursus CV en bedrijfsopvolging

Masterclass Inbreng in en terugkeer uit de BV | PE Accreditatie

Verdiepingscursus DGA-advisering | PE Accreditatie

Online Basistraining AI voor de fiscale praktijk

AI Governance & Compliance: Veilige toepassing van AI in juridische/fiscale praktijk | PE Accreditatie

Online cursus BTW, factuurvereisten en ViDA | PE Accreditatie

Masterclass Btw-processen in SAP S/4HANA | PE Accreditatie

Stoomcursus Erfrecht – Civiel en fiscaal – Het hele erfrecht in één dag!  | PE Accreditatie

Basiscursus Estate planning | PE Accreditatie

Meer opleidingen

Footer

  • Fiscaal nieuws
  • Opleidingen
  • Kennisbank
  • Vacatures
  • Over ons
  • Adverteren op Taxence
  • NDFR
  • Fiscaal en meer
  • Tax Talks
  • Register Estate Planners (REP)
  • Contact
  • Linkedin
  • X
  • Facebook
  • Aanmelden nieuwsbrief
  • Naar Lefebvre Sdu Webshop

Taxence is een uitgave van
Lefebvre Sdu
Maanweg 174
2516 AB Den Haag

Powered by Lefebvre Sdu

  • Disclaimer
  • Privacy Statement en Cookiebeleid
lefebvre SDU

Het laatste nieuws van
Taxence in je mail?

Aanmelden

 

×