• Skip to primary navigation
  • Skip to main content
  • Skip to primary sidebar
  • Skip to footer
  • Nieuwsbrief
  • Contact

Taxence

Taxence

  • Nieuws & achtergrond
    • Nieuws
    • Branchenieuws
    • Blogs
    • Verdieping
  • Thema’s
    • AI & Tax Technology
    • Arbeid & Loon
    • Belastingplan
    • BTW & Overdrachtsbelasting
    • BV & DGA
    • Duurzaamheid (ESG & CSRD)
    • Estate planning
    • Alle thema’s
  • Opleidingen
    • AI & Tax Tech
    • ESG & CSRD
    • Estate Planning
    • BTW
    • Vastgoed
    • Internationaal
    • Arbeid & Loon
    • Formeel
    • Familiebedrijven
    • VPB
    • Pensioen
  • Belastingplan
  • Carrière
    • Personalia
    • Vacatures
    • Vacature toevoegen
    • Partners
  • Vakinformatie
    • NDFR
    • Addify
    • JES! Knowledge
    • Fiscaal en meer
    • Tax talks
    • Vakblad Estate Planning
    • Specials
  • Kennisbank

Regels voor gegevens opvragen bij verschoningsgerechtigde

13 maart 2024 door Remco Latour

advocaat

De Hoge Raad geeft vuistregels over het opvragen van klantgegevens bij verschoningsgerechtigden.

De Hoge Raad heeft prejudiciële vragen beantwoord die zijn opgekomen in een zaak over het verschoningsrecht van advocaten en andere tot geheimhouding verplichte functioneel verschoningsgerechtigden. In deze zaak heeft het Openbaar Ministerie (OM) gegevens gevorderd van een aanbieder van een communicatiedienst, een hostingbedrijf voor e-mailverkeer. Het strafrechtelijk onderzoek is gericht tegen een ander dan de verschoningsgerechtigde. Maar van tevoren is niet duidelijk of en, zo ja, in welke mate gevorderde gegevens onder een functioneel verschoningsrecht vallen. De Hoge Raad constateert dat er geen wettelijke regeling is die is toegesneden op deze situatie. Daarom formuleert de Hoge Raad enkele vuistregels. Zo moeten politie en justitie inbreuken op het verschoningsrecht zo veel mogelijk voorkomen, zodra het redelijk vermoeden bestaat dat de vordering (deels) geprivilegieerde gegevens betreft. Geprivilegieerde gegevens zijn gegevens waarvoor een verschoningsgerechtigde zich kan beroepen op zijn verschoningsrecht. Dit vermoeden kan ook ontstaan nadat de gegevens zijn gevorderd.

Beoordeling door rechter-commissaris

De officier van justitie (OvJ) moet een machtiging van de rechter-commissaris vorderen om gegevens van een communicatiedienst te mogen vorderen. Kunnen daar ook geprivilegieerde gegevens tussen zitten? Dan stelt de Hoge Raad als vuistregel dat de OvJ dit moet melden bij de rechter-commissaris. Vervolgens moet de rechter-commissaris beoordelen of een redelijke vermoeden bestaat dat onder de gevorderde gegevens inderdaad geprivilegieerde gegevens zich bevinden. Indien dat zo is, moet de rechter-commissaris de voorwaarden van de machtiging zo aanpassen, dat de geprivilegieerde gegevens niet in handen komen van de OvJ.

Recht van de verschoningsgerechtigde

Een andere vuistregel luidt dat men in beginsel de verschoningsgerechtigde in staat stelt om zich uit te laten over zijn verschoningsrecht met betrekking tot de gegevens. Zijn standpunt wordt geëerbiedigd, tenzij de rechter-commissaris oordeelt dat dit standpunt onjuist is. Bij voorkeur komt dit oordeel pas tot stand na overleg met een gezaghebbend vertegenwoordiger van de beroepsgroep. Als het standpunt van de verschoningsgerechtigde niet wordt ingewonnen, wordt een gezaghebbend vertegenwoordiger van de beroepsgroep in de gelegenheid gesteld zich uit te laten over een geschikte wijze van filtering. Mocht het een of het ander wegens het heimelijke karakter van het onderzoek niet wenselijk zijn, dan is de filtering uit te stellen.

Zelf filteren

Als filtering mogelijk is zonder kennisneming van de gegevens, mag de OvJ deze zelf (doen) uitvoeren. Als dat niet kan, moet de filtering plaatsvinden door of onder verantwoordelijkheid van de rechter-commissaris. Eventueel kan deze daarbij opsporingsambtenaren inschakelen. Daarbij geldt als voorwaarden dat men de eventuele geprivilegieerde gegevens niet bekend mag maken aan degenen betrokken zijn bij het strafrechtelijk onderzoek of de strafrechtelijke vervolging.

Wet: art. 96a, eerste en derde lid, 98, 126ng, eerste tot en met vierde lid, 126ug, 126zo, 126aa, eerste tweede en derde lid, 126bb eerste tot en met derde lid en vijfde lid, 138g, 181 en 218 lid WvSv

Bron: Hoge Raad 12 maart 2024, ECLI:NL:HR:2024:375, 23/03504

Filed Under: Fiscaal nieuws, Formeel belastingrecht, Nieuws

Reageer
Vorige artikel
Geen btw-vrijstelling voor bemiddeling bij uitgifte obligaties
Volgende artikel
Suikertaks ontwijken door beetje melk toe te voegen

Reader Interactions

Gerelateerde berichten

Boete van € 5 miljoen voor Credit Suisse wegens hulp aan zwartspaarders

UBS heeft namens het voormalige Credit Suisse een transactieaanbod van het Openbaar Ministerie (OM) geaccepteerd. De bank betaalt een boete van € 5 miljoen vanwege de rol van Credit Suisse bij het indienen van onjuiste belastingaangiften door Nederlandse klanten.

fiscaal dienstverleners

Wetsvoorstel Wet versterking waarborgfunctie Awb fors aangepast

Het kabinet werkt verder aan de Wet versterking waarborgfunctie Awb, die moet bijdragen aan een betrouwbare en menselijke overheid. Wel wordt het wetsvoorstel flink aangepast vanwege hoge uitvoeringslasten. Het wetsvoorstel moet de dienstverlening verbeteren, de menselijke maat bevorderen en laagdrempelig contact tussen overheid en burger stimuleren. Overheidsorganisaties en rechters moeten meer ruimte krijgen om rekening... lees verder

belastingaanslag

Geen verzuimboete zonder bewijs juist toezendadres

Hof Amsterdam vernietigt een verzuimboete omdat de inspecteur niet overtuigend aantoont dat de aanmaning op het juiste adres is aangeboden of ontvangen. Ook is er geen grond voor omkering en verzwaring van de bewijslast.

btw afdragen bij inruil voucher van derde

Vervalste administratie webshop leidt tot schatting winst

Hof Arnhem-Leeuwarden oordeelt dat een administratie met ernstige gebreken geen betrouwbare grondslag vormt voor de winstberekening. De inspecteur mag daarom volstaan met een gemotiveerde schatting, waarna de ondernemer aannemelijk moet maken dat zijn winst lager is.

box 3

Navordering ondanks convenant horizontaal toezicht

Rechtbank Zeeland-West-Brabant oordeelt dat de inspecteur na een intern HOT/HOR-bericht alsnog mag navorderen over het werkelijk rendement in box 3.

Geef een reactie Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Primary Sidebar

Opleidingen

Online cursus Staken van de onderneming: (turbo)liquidatie, WHOA liquidatie akkoord | PE Accreditatie

Masterclass Belastingcontrole met steekproeven vs Tax Monitoring

AGENDA

Stoomcursus Erfrecht – Civiel en fiscaal – Het hele erfrecht in één dag!  | PE Accreditatie

Basiscursus Estate planning | PE Accreditatie

Specialisatieopleiding Vermogensstructurering

Specialisatieopleiding Estate Planning | PE Accreditatie

Webinar Fiscale wijzigingen 2027 | PE Accreditatie

Online cursus Btw-aangifte | PE Accreditatie

Online cursus Staken van de onderneming: (turbo)liquidatie, WHOA liquidatie akkoord | PE Accreditatie

Masterclass Overdrachtsbelasting | PE Accreditatie

Online Basistraining AI voor de fiscale praktijk

Online cursus Technisch aanmerkelijk belang | PE Accreditatie

Meer opleidingen

Footer

  • Fiscaal nieuws
  • Opleidingen
  • Kennisbank
  • Vacatures
  • Over ons
  • Adverteren op Taxence
  • NDFR
  • JES! (ESG producten)
  • Fiscaal en meer
  • Tax Talks
  • Register Estate Planners (REP)
  • Contact
  • Linkedin
  • X
  • Facebook
  • Aanmelden nieuwsbrief
  • Naar Lefebvre Sdu Webshop

Taxence is een uitgave van
Lefebvre Sdu
Maanweg 174
2516 AB Den Haag

Powered by Lefebvre Sdu

  • Disclaimer
  • Privacy Statement en Cookiebeleid
lefebvre SDU

Het laatste nieuws van
Taxence in je mail?

Aanmelden

 

×