• Skip to primary navigation
  • Skip to main content
  • Skip to primary sidebar
  • Skip to footer
  • Nieuwsbrief
  • Contact

Taxence

Taxence

  • Nieuws & achtergrond
    • Nieuws
    • Branchenieuws
    • Blogs
    • Verdieping
  • Thema’s
    • AI & Tax Technology
    • Arbeid & Loon
    • Belastingplan
    • BTW & Overdrachtsbelasting
    • BV & DGA
    • Duurzaamheid (ESG & CSRD)
    • Estate planning
    • Alle thema’s
  • Opleidingen
    • AI & Tax Tech
    • ESG & CSRD
    • Estate Planning
    • BTW
    • Vastgoed
    • Internationaal
    • Arbeid & Loon
    • Formeel
    • Familiebedrijven
    • VPB
    • Pensioen
  • Carrière
    • Personalia
    • Vacatures
    • Vacature toevoegen
    • Partners
  • Vakinformatie
    • NDFR
    • Addify
    • JES! Knowledge
    • Fiscaal en meer
    • Tax talks
    • Vakblad Estate Planning
    • Specials
  • Kennisbank

Volle regresvordering op ondernemende echtgenoot

1 oktober 2014 door Remco Latour

Het gebeurt dat een ondernemer zich samen met zijn echtgenoot, met wie hij op huwelijkse voorwaarden is getrouwd, zich hoofdelijk aansprakelijk stelt voor een lening. Als daarbij een hypotheek op een pand van de echtgenoot wordt gevestigd, krijgt deze bij uitoefening van het hypotheekrecht een regresvordering op de partner. De Hoge Raad heeft geoordeeld dat de fiscus de regresvordering in deze situatie niet mag halveren.

De situatie was als volgt. Een man en een vrouw waren getrouwd op huwelijkse voorwaarden met een jaarlijks verrekeningbeding. Enkele jaren nadat hij een onderneming was gestart, sloot de man samen met zijn vrouw een lening af. Beiden waren hoofdelijk aansprakelijk. Ook brachten zij de woning van de vrouw onder hypotheek. De man gebruikte de lening om de huurachterstand van zijn meubelhandel te betalen. Toen hij failliet ging, eiste de bank dat de woning van de vrouw werd verkocht. Van de verkoopopbrengst werd € 109.287 gebruikt voor het aflossen van de lening. Volgens Hof Arnhem-Leeuwarden verkreeg de vrouw door dit alles een regresvordering op haar echtgenoot ter grootte van € 54.644. De Hoge Raad was het niet eens met deze halvering. De man had immers de hele opbrengst van de verkochte woning gebruikt voor zijn ondernemingsschulden. Zijn echtgenote had daarom ter grootte van het hele bedrag een regresvordering op hem verkregen. Volgens de Hoge Raad gold voor regresvorderingen zoals in dit geval hetzelfde als voor onzakelijke leningen. De Raad verwees de zaak door naar Hof Amsterdam met de opdracht onderzoek te doen naar eventuele onzakelijke motieven voor het handelen van de vrouw.

 

Wet: artikel 3.91, eerste lid, onderdeel a IB 2001

Meer informatie: Hoge Raad, 26 september 2014, ECLI:NL:HR:2014:2781

Filed Under: Financiële planning, Fiscaal nieuws, Nieuws

Reageer
Vorige artikel
EC: Belastingafspraken multinationals zijn staatssteun
Volgende artikel
Geen 30%-regeling voor jonge profvoetballer

Reader Interactions

Gerelateerde berichten

bedrag ineens pensioen

Drie nieuwe V&A’s gepubliceerd

Het Centraal Aanspreekpunt Pensioenen heeft drie nieuwe V&A's gepubliceerd.

wet excessief lenen

NOB-discussiebijdrage bij wetsvoorstel werkelijk rendement box 3

De Nederlandse Orde van Belastingadviseurs heeft een nadere beschouwing gepubliceerd naar aanleiding van het wetsvoorstel ‘Wet werkelijk rendement box 3’. Aanleiding zijn de recente politieke en maatschappelijke discussies en de aangekondigde herziening van het voorstel.

miljonair

Is een minimum vermogensbelasting van 2% voor zeer vermogenden mogelijk?

Staatssecretaris Eerenberg gaat in op het voorstel voor een minimum vermogensbelasting van 2% voor zeer vermogende personen.

Belastingplan 2026

Minister Heinen: op Prinsjesdag meer duidelijk over box 3

Minister Heinen wil op Prinsjesdag duidelijkheid geven over mogelijke aanpassingen aan het nieuwe belastingstelsel voor vermogen in box 3. Dan moet ook blijken hoe eventuele financiële gevolgen voor de schatkist worden opgevangen. Dat zei de VVD-bewindsman voorafgaand aan de ministerraad.

Aanpassen ODV-uitkeringsperiode na verlagen AOW-leeftijd

Drie V&A’s over ODV en Handreiking ODV-aanspraken en overlijden aangepast

Per 1 januari 2026 is artikel 38p, derde lid, Wet LB gewijzigd. Per 1 januari 2026 kunnen de gezamenlijke erfgenamen de oudedagsverplichting (ODV) zonder fiscale gevolgen toedelen aan één of meer erfgenamen (of legatarissen), ook wanneer dit niet vooraf is vastgelegd.

Geef een reactie Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Primary Sidebar

Opleidingen

Masterclass Actualiteiten vermogensstructurering 2025

Masterclass Actualiteiten vermogensstructurering 2026

AGENDA

Online cursus Wet Fiscaal Kwalificatiebeleid Rechtsvormen (incl. aanpassing FGR)

Webinar zzp dossier, wanneer is er wel of niet sprake van schijnzelfstandigheid?

Online Basistraining AI voor de fiscale praktijk

Masterclass Inbreng in en terugkeer uit de BV

Masterclass Vastgoedfiscaliteiten

Online cursus Vennootschapsbelastingplicht stichtingen & verenigingen

Masterclass De positie van de samenwoner in de inkomstenbelasting, relatievermogensrecht en vermogensplanning – Civiel en fiscaal

Online cursus De positie van het kind in het erfrecht en estate planning – Civiel en fiscaal

Online cursus introductie participatieregelingen en lucratieve belangen

Online cursus Staken van de onderneming: (turbo)liquidatie, WHOA liquidatie akkoord

Meer opleidingen

Footer

  • Fiscaal nieuws
  • Opleidingen
  • Kennisbank
  • Vacatures
  • Over ons
  • Adverteren op Taxence
  • NDFR
  • JES! (ESG producten)
  • Fiscaal en meer
  • Addify
  • Tax Talks
  • Register Estate Planners (REP)
  • Contact
  • Linkedin
  • X
  • Facebook
  • Aanmelden nieuwsbrief
  • Naar Lefebvre Sdu Webshop

Taxence is een uitgave van
Lefebvre Sdu
Maanweg 174
2516 AB Den Haag

Powered by Lefebvre Sdu

  • Disclaimer
  • Privacy Statement en Cookiebeleid
lefebvre SDU

Het laatste nieuws van
Taxence in je mail?

×